r zijn bands die ouder worden en nadenken: misschien moeten we wat rustiger aan doen.
En er zijn bands die denken: misschien moeten we nog één keer doen alsof we 28 zijn en alles nog kapot kan.
Foo Fighters kiest al 30 jaar consequent voor optie twee.
Your Favorite Toy begint met een gitaar die klinkt alsof hij iets recht wil zetten. Niet netjes. Niet diplomatiek. Gewoon: hier ben ik. Deal ermee.
En dan komt Dave Grohl. De enige man ter wereld die tegelijk kan klinken als een vrachtwagenchauffeur, een gebroken vader en een jongen die net zijn eerste bandshirt heeft gekocht.
Zijn stem zit vol scheuren. Niet omdat hij het niet kan. Maar omdat hij alles voelt. Of dat in elk geval heel overtuigend doet.
Het refrein komt niet. Het barst open.
Zo’n typisch Foo Fighters-moment waarbij je denkt: ja hoor, daar gaan we weer. En toch werkt het. Omdat ze het menen. Of omdat ze zo goed zijn geworden in doen alsof dat je het verschil niet meer hoort.
De kracht van dit nummer zit niet in originaliteit. Niemand gaat dit het meest vernieuwende nummer van het jaar noemen. Dit is geen kunstproject. Dit is geen moeilijke plaat voor mensen met een bril en een mening.
Dit is emotie met een versterker.
En ergens hoor je ook de schaduw. Het besef dat Foo Fighters niet meer onsterfelijk zijn. Dat er verlies is geweest. Dat elke schreeuw ook een manier is om iets niet te hoeven zeggen.
Dat maakt het groot.
Niet slim. Niet vernieuwend.
Maar groot.
Zoals Foo Fighters altijd groot zijn.
En dat is soms precies wat je nodig hebt.
Beoordeling:
Cijfer: 8,1
Hitpotentie: 8,6
Niet hun beste speelgoed.
Maar wel het speelgoed dat ze nooit weg zullen gooien.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten