zondag 12 april 2026

The Boxer Rebellion - Promises★★★★★


8

Promises van The Boxer Rebellion is inmiddels ruim elf jaar oud, maar klinkt nog steeds alsof het gisteren is opgenomen. Dat is misschien wel de grootste kracht van The Boxer Rebellion: ze maken muziek die nooit echt modegevoelig is. Geen rare productietrucs, geen goedkope hitrefreinen, geen “kijk ons eens modern zijn”-gedrag. Gewoon sfeer, melancholie en een stem die klinkt alsof Nathan Nicholson iedere zin persoonlijk uit zijn ribbenkast moet trekken.

“Promises” begint klein. Een beetje piano, wat subtiele gitaren, veel ruimte. En juist daardoor komt het nummer zo hard binnen. Het voelt alsof iemand voorzichtig probeert vast te houden aan iets dat langzaam uit zijn handen glipt. Alsof hij nog één keer wil geloven in al die mooie woorden die ooit zijn uitgesproken, terwijl hij diep vanbinnen allang weet dat het waarschijnlijk niet meer goedkomt.

Dat maakt “Promises” ook zo herkenbaar. Het gaat niet over ruzie of groot drama, maar juist over dat veel pijnlijkere gevoel van teleurstelling. Over dingen die ooit beloofd zijn maar nooit gebeurd zijn. Over mensen die zeggen dat ze blijven en het uiteindelijk toch niet doen. The Boxer Rebellion heeft altijd al dat talent gehad om verdriet niet groot en meeslepend te maken, maar klein en stil. En vaak komt dat nog veel harder binnen.

Muzikaal zit het prachtig in elkaar. De opbouw is langzaam, maar nooit saai. Iedere extra laag voelt logisch. Tegen de tijd dat het nummer echt openbloeit, ben je al volledig meegezogen. En dan komt die stem van Nathan Nicholson er nog eens overheen alsof hij midden in een lege kamer staat te zingen waar de echo van alles wat misging nog rondhangt.


Sterren: ★★★★★
Cijfer: 9,1
Hitpotentie: 6,4

“Promises” bewijst vooral dat sommige nummers niet oud worden. Ze krijgen alleen maar meer betekenis.

https://youtu.be/g5BtUtDx0vs?si=KEVQ_dcS8eHvhFT1

YES - Aurora★★★☆☆

6

Aurora van Yes probeert alles tegelijk te zijn: episch, symfonisch, nostalgisch, vernieuwend en vooral heel erg Yes. En ergens halverwege denk je dan toch: jongens, misschien had iets minder ook gemogen.

Dat is meteen het grootste probleem van “Aurora”. Het nummer zit zo vol ideeën, tempowisselingen, orkestrale lagen, toetsen, gitaarpartijen en grootse gebaren dat het af en toe meer voelt als een museumtour door de geschiedenis van Yes dan als een echt liedje. Alsof de band dacht: laten we vooral laten horen dat we nog steeds progressieve rock kunnen maken. Dat lukt ook wel, maar je mist soms een beetje een echte kern. Een melodie die blijft hangen. Een refrein. Iets dat meer is dan alleen “kijk eens hoeveel er gebeurt”.

De opening is nog prachtig. Piano, orkest, een beetje mysterie. Daarna komt de band erin en hoor je meteen die typische Yes-sound: de gitaar van Steve Howe, de toetsen van Geoff Downes, die zwevende zang van Jon Davison. Alles klinkt verzorgd, kundig en professioneel. Misschien wel té verzorgd. Want juist doordat iedereen zo goed weet wat hij doet, voelt het nergens gevaarlijk of spannend. Het is progressieve rock met de scherpe randjes eraf. Alsof je naar een peperdure oldtimer kijkt die perfect gerestaureerd is, maar waar niemand meer echt hard mee durft te rijden.

En dat is jammer, want er zitten echt mooie momenten in “Aurora”. Sommige stukken hebben iets majestueus, bijna filmisch. De orkestrale arrangementen van het Czech National Symphony Orchestra geven het nummer iets groots en klassieks. Maar tegelijk voelt het soms alsof de band te veel probeert te bewijzen dat ze nog relevant zijn binnen het proggenre. Terwijl Yes op hun best juist sterk zijn als ze niet alles tegelijk willen doen. 

V

Sterren: 
Cijfer: 7,2
Hitpotentie: 5,4

“Aurora” klinkt als een band die koste wat kost wil laten horen dat ze nog steeds alles kunnen. Soms is dat indrukwekkend. Soms is het gewoon een beetje veel

https://youtu.be/ETEGJTM6plw?si=vZzh_s5WpN2099Ox

Flea feat. Nick Cave - Wichita Lineman ★★☆☆☆



6

Wichita Lineman van Flea met gastzang van Nick Cave is zo’n samenwerking waarvan je denkt: dit kan onmogelijk misgaan. Flea maakt een soloplaat, vraagt Nick Cave erbij en kiest ook nog eens een van de mooiste nummers ooit geschreven. Dan verwacht je toch op z’n minst iets dat je omver blaast.

Maar helaas: deze cover blijft vooral hangen in het gebied tussen respectvol en slaapverwekkend. Niet dramatisch slecht, niet gênant, maar wel opvallend vlak. Alsof Flea dacht: laten we vooral niets kapotmaken aan het origineel. Begrijpelijk, maar daardoor gebeurt er ook bijna niets.

Dat is jammer, want Flea heeft op zijn soloalbum juist alle ruimte om iets geks, onverwachts of spannends te doen. Een rare baslijn, een donker arrangement, een moment waarop Nick Cave even helemaal los mag gaan. Maar in plaats daarvan krijg je een keurige, brave versie van Wichita Lineman die nergens echt verrast.

En dan Nick Cave. Die doet wat hij altijd doet: mooi zingen, een beetje brommen, een beetje zuchten alsof hij net weer een slecht nieuwsbericht heeft gekregen. Zijn stem blijft natuurlijk prachtig voor zo’n nummer. Maar zelfs hij klinkt hier alsof hij zich inhoudt. Alsof hij gastzanger is op een plaat waar hij niet te veel aandacht van de hoofdrolspeler mag afpakken. Begrijpelijk misschien, maar ook zonde. Want juist Nick Cave had dit nummer iets donkerder, dreigender en emotioneler kunnen maken.

Nu blijft het allemaal hangen in een soort keurige melancholie. Netjes gespeeld, mooi opgenomen, prima voor op de achtergrond als je een regenachtige zondagmiddag hebt en niet al te veel wilt voelen. Maar dat is niet waarom je Flea en Nick Cave samen opzet. Je wilt vuurwerk, gekte, iets dat schuurt. Niet iets dat klinkt alsof twee ontzettend interessante mannen samen besloten hebben vooral niemand lastig te vallen.

Sterren: ★★☆☆☆

Cijfer: 5,4
Hitpotentie: 4,9

Deze cover bewijst vooral dat zelfs een geweldig nummer en twee grote namen geen garantie zijn voor magie.://youtu.be/73P2drWXulM?si=4lNfhsvvlB-fyA9L

retro CHVRCHES - Recover★★★★★

6

Recover van CHVRCHES is inmiddels dertien jaar oud, maar klinkt nog steeds frisser dan de gemiddelde nieuwe popsingle die tegenwoordig wordt uitgebracht door mensen met acht songwriters, drie producers en een marketingteam dat woorden als “viral potential” gebruikt.

“Recover” was in 2013 het moment waarop CHVRCHES ineens opdook als die band die bewees dat synthesizers niet alleen voor nerds, jaren tachtig-fetisjisten en mensen met een Depeche Mode-poster boven hun bed waren. Nou ja, ook wel voor hen natuurlijk. Maar vooral omdat ze iets deden wat veel synthbands niet lukt: grootse pop maken zonder goedkoop te klinken.

Vanaf de eerste seconde zit “Recover” vol met die heldere, stuwende synths en die typisch Schotse melancholie die CHVRCHES zo goed maakt. Lauren Mayberry zingt hier alsof ze tegelijk kapotgaat en weigert zich gewonnen te geven. Dat contrast maakt het nummer zo sterk. Het is verdrietig, maar niet zielig. Hoopvol, maar niet irritant optimistisch. Alsof iemand midden in de ellende zegt: nou ja, we gaan toch maar weer door.

Het refrein blijft ook nog altijd absurd goed. Dat soort refrein dat meteen in je hoofd zit, maar nooit vervelend wordt. Sterker nog: hoe vaker je het hoort, hoe beter het lijkt te worden. Dat is misschien ook waarom “Recover” nog steeds overeind blijft. Veel synthpop uit die tijd klinkt inmiddels alsof het rechtstreeks uit een oude telefoonreclame komt. Dit niet. Dit klinkt nog altijd alsof het gisteren is gemaakt.

Sterren: ★★★★★

Cijfer: 9,2
Hitpotentie: 8,7

“Recover” bewijst vooral dat goede synthpop geen houdbaarheidsdatum heeft. Sommige nummers verouderen. Dit nummer blijft gewoon irritant jong.https://youtu.be/JyqemIbjcfg?si=q-3GIx16i5O0AFRd

zaterdag 11 april 2026

Max Raabe - Komm mal her★★★★★





Komm mal her van Max Raabe met orkest klinkt alsof iemand in een perfect zittend pak besluit dat de wereld wel wat vriendelijker mag zijn. En eerlijk: daar heeft hij best een punt. Want “Komm mal her” is geen nummer dat je overdondert met grote woorden of bombastische uithalen. Het doet iets veel moeilijkers: het probeert troost te bieden zonder irritant sentimenteel te worden.

Dat lukt verrassend goed. De combinatie van die rustige stem van Max Raabe en het warme orkest maakt van het nummer iets dat tegelijk klein en groots voelt. Alsof iemand je op een slechte dag niet probeert op te vrolijken met holle kreten als “kop op” of “morgen is alles beter”, maar gewoon naast je komt zitten en zegt: kom maar even hier.

Muzikaal zit het prachtig in elkaar. De strijkers geven het nummer warmte, de blazers zorgen voor iets elegants en het hele arrangement klinkt alsof het al zestig jaar bestaat. Dat is ook de kracht van Max Raabe: hij maakt nieuwe muziek die klinkt alsof ze altijd al ergens in een oude kast lag te wachten. Geen haast, geen moderne fratsen, geen beatdrop halverwege omdat iemand bang is dat de aandacht verslapt.

Juist doordat alles zo beheerst blijft, komt het harder binnen. Max Raabe hoeft niet te schreeuwen of emotioneel te doen om je te raken. Hij klinkt alsof hij alles al gezien heeft, alles al begrijpt en precies daarom rustig blijft. Dat maakt “Komm mal her” voor veel mensen waarschijnlijk nog troostender dan al die grote dramatische ballads die je vertellen hoe zwaar het leven is. Dit nummer weet dat allang.


Sterren: ★★★★★
Cijfer: 9,0
Hitpotentie: 6,1

“Komm mal her” is geen nummer dat de hitlijsten gaat veroveren. Maar wel eentje dat op het juiste moment meer kan doen dan duizend goedbedoelde woorden.

Max Raabe schreef het samen met Annette Humpe en Achim Hagemann, en dat hoor je. Er zit iets in van de melancholie van oudere Duitse chansons, maar ook iets heel eigentijds in de boodschap. Geen grote woorden, geen dramatische climax, geen “alles komt goed”-onzin. Gewoon iemand die zegt: ik zie je wel, ook als je even kwijt bent waar je naartoe moet.


https://youtu.be/aNe-RcXu4zI?si=88Xe6DYRpxYYlraS