donderdag 28 mei 2026

The Tallest Man On Earth – Colors★★★★★

6

Drie jaar wachten op nieuwe muziek van The Tallest Man On Earth voelt een beetje alsof je favoriete café ineens zonder uitleg dichtging en je af en toe langsloopt om te kijken of het licht alweer aan is. En dan komt er eindelijk weer iets nieuws. Colors. En gelukkig klinkt het meteen alsof Kristian Matsson in die drie jaar niet vergeten is hoe je een hart langzaam uit elkaar trekt met alleen een gitaar en een stem.

Vanaf de eerste seconden hoor je die typische Tallest Man On Earth-magie weer terug. Akoestische gitaren die niet netjes gespeeld worden maar leven, ademen, schuren bijna. Geen steriele perfectie, maar beweging. Alsof elk akkoord op het laatste moment nog van richting kan veranderen.

En dan die stem. Nog steeds ergens tussen breekbaar, verweerd en licht opgejaagd in. Alsof hij altijd nét te laat is voor iets belangrijks. Dat blijft uniek. Veel folkartiesten klinken tegenwoordig alsof ze rechtstreeks uit een biologisch koffiereclameblok komen. Matsson klinkt nog steeds als iemand die daadwerkelijk iets te verliezen heeft.

Colors is opvallend warm. Minder rusteloos misschien dan zijn oudere werk, minder alsof hij permanent op de vlucht is voor zichzelf. Er zit meer rust in de melodie, meer ademruimte. Maar die melancholie — die typische bittersweet ondertoon — blijft gelukkig volledig intact.

De opbouw is subtiel en slim. Geen groot refrein dat ineens de lucht openbreekt, geen geforceerde climax. Het nummer groeit langzaam, bijna ongemerkt. En juist daardoor komt het harder binnen. Tegen de tijd dat je echt doorhebt hoe mooi het is, ben je al volledig meegezogen.

Wat vooral opvalt, is hoe oprecht alles klinkt. Geen moderne folk-trucjes, geen overgeproduceerde emotie. Gewoon een liedje dat bestaat omdat het geschreven móést worden. Dat hoor je. En dat voel je.

Toch blijft het ook bewust klein. Dit is geen track die even de wereld gaat veranderen. Het leeft volledig op sfeer, tekst en uitvoering. Maar eerlijk: dat is precies waar The Tallest Man On Earth altijd het beste in is geweest.

En na drie jaar stilte voelt Colors bijna als een herinnering aan waarom zoveel mensen ooit verliefd werden op zijn muziek. Niet omdat het perfect is, maar omdat het echt klinkt.

Is het vernieuwend? Nee.
Is het prachtig? Ja, vervelend prachtig zelfs.
Was het wachten waard? Absoluut.

Dit is geen comeback met vuurwerk. Dit is een oude vriend die ineens weer naast je zit alsof hij nooit weggeweest is.


Eindoordeel:
★★★★★

Cijfer: 8,8

Hitpotentie: 7,0

Drie jaar stilte en dan terugkomen met zoveel warmte en melancholie — sommige stemmen raak je blijkbaar nooit kwijt.

https://youtu.be/t3k9zPrIsiM?si=MI53YnM6dN8AA_bQ

Ten Bulls – 2023 and Me★★★★☆

met fotos in de stijl van Peter Pannekoek, Pieter Derksen en Marcel van Roosmalen sterren beoordeling en hit pontentie

Ten Bulls – 2023 and Me

8

Sommige nummers voelen alsof iemand een jaar probeert samen te vatten zonder precies te weten waar te beginnen. 2023 and Me van Ten Bulls klinkt precies zo. Een beetje alsof iemand om drie uur ’s nachts nog even terugkijkt op alles wat fout ging, goed ging of gewoon… gebeurde. En dat levert verrassend veel sfeer op.

Vanaf de eerste seconden hangt er een soort vermoeide melancholie in het nummer. Niet zwaar depressief, meer dat gevoel van: “Nou, dát was dus een jaar.” Gitaren glijden rustig binnen, de drums houden het ingetogen en de productie laat genoeg ruimte voor emotie zonder meteen dramatisch te worden.

Wat meteen opvalt, is hoe eerlijk het klinkt. Geen grote concepten, geen poëtische rookgordijnen waar je eerst een literatuurstudie voor nodig hebt. Gewoon reflectie. Persoonlijk, herkenbaar en licht chaotisch. Alsof het nummer zelf ook nog niet helemaal weet wat het voelt.

De vocalen helpen daar enorm bij. Geen perfecte studiostem die alles glad trekt, maar iemand die klinkt alsof hij het echt meent. Soms bijna nonchalant, soms net op het randje van breken. En juist dat maakt het geloofwaardig. Dit voelt niet geschreven om slim te klinken — dit voelt geschreven omdat het eruit moest.

Muzikaal zit het ergens tussen indie rock en melancholische alternatieve pop. Geen enorme explosies, maar wel genoeg dynamiek om het interessant te houden. Kleine gitaaraccenten, subtiele opbouw en een refrein dat langzaam blijft hangen zonder direct in je gezicht te springen.

En daar zit eigenlijk de grootste kracht van 2023 and Me: het dringt zich niet op. Het groeit. Eerst denk je: aardige track. En een half uur later betrap je jezelf erop dat je dat refrein nog steeds neuriet terwijl je koffie staat te zetten.

Toch blijft het ook een beetje veilig. Je mist af en toe een moment waarop het nummer echt volledig losbreekt of een onverwachte richting kiest. Nu blijft het vooral hangen in een constante melancholische sfeer. Mooie sfeer wel, dat moet gezegd worden.

Maar eerlijk? Misschien past dat ook perfect bij een nummer over een jaar dat voor veel mensen vooral voelde als “doorgaan terwijl je niet helemaal weet waarheen.”

Is het vernieuwend? Nee.
Is het oprecht? Absoluut.
Is het stiekem behoorlijk raak? Ja hoor.

Dit is zo’n nummer dat je niet meteen omver blaast, maar langzaam onderdeel wordt van je eigen herinneringen.


Eindoordeel:
★★★★☆

Cijfer: 8,0

Hitpotentie: 7,3

Melancholische indiepop die voelt als een late-night terugblik op alles wat je eigenlijk nog niet verwerkt had.

retro Arctic Monkeys – There’d Better Be A Mirrorball★★★★★

7

Toen Arctic Monkeys ooit begonnen, klonken ze alsof ze elk moment een caféruzie konden starten in Sheffield. Snelle gitaren, grote bek, halve liters in de lucht. Niemand had toen gedacht dat Alex Turner jaren later ineens als een soort melancholische nachtclubzanger onder een spiegelbol zou staan fluisteren over afscheid en gemiste kansen.

En toch gebeurde het. En nog irritanter: het werkt ook nog eens fantastisch.

There’d Better Be A Mirrorball is misschien wel één van de mooiste verrassingen uit hun latere carrière. Niet omdat het zo groot of spectaculair is — juist omdat het dat totaal niet probeert te zijn. Dit nummer beweegt langzaam, elegant en met een soort droevige glamour die je normaal alleen tegenkomt in oude films waarin mensen te veel roken en slechte beslissingen nemen.

Vanaf de eerste seconden hangt er een sfeer van afscheid. Strijkers glijden zacht binnen, de piano klinkt alsof hij rechtstreeks uit een verlaten hotelbar komt en Turner zingt alsof hij eigenlijk al halverwege de deur staat. Geen haast, geen drama. Gewoon vermoeid charisma.

En dat is misschien wel het knapste aan dit nummer: het durft traag te zijn. Heel traag zelfs. In een tijd waarin iedereen na twaalf seconden al een refrein wil, neemt Arctic Monkeys hier rustig de tijd om een stemming neer te zetten. Geen hooks die je direct vastgrijpen, maar een gevoel dat langzaam onder je huid kruipt.

Turner klinkt hier meer als een crooner dan een rockzanger. Soms bijna absurd stijlvol. Alsof hij permanent in een fluwelen colbert rondloopt met een glas whisky dat nooit leeg raakt. Maar onder die coolness zit iets breekbaars. Dat maakt het nummer zo sterk. Het gaat niet alleen over afscheid nemen — het klinkt ook alsof de band afscheid neemt van een versie van zichzelf.

En eerlijk: dat had compleet pretentieus kunnen worden. Een ramp zelfs. Maar Arctic Monkeys houden het precies subtiel genoeg. Geen overdreven orkestexplosies, geen “kijk ons eens artistiek zijn”-momenten. Alles blijft gecontroleerd. Elegant bijna.

Wat vooral blijft hangen, is hoe verrassend goed dit eigenlijk is. Veel bands worden ouder en proberen relevant te blijven. Arctic Monkeys besloten gewoon compleet andere muziek te maken alsof ze daar zin in hadden. En tegen alle verwachtingen in leverde dat iets prachtigs op.

Is het een klassieke Arctic Monkeys-track? Totaal niet.
Is het een prachtig nummer? Zonder enige twijfel.
Is Alex Turner inmiddels een wandelende sigaret uit 1973? Absoluut.

En eerlijk: dat staat hem vervelend goed.


Eindoordeel:
★★★★★

Cijfer: 9,3

Hitpotentie: 7 Elegant, melancholisch en verrassend prachtig. Alsof een spiegelbol langzaam uitdooft terwijl niemand naar huis wil.

https://youtu.be/FY5CAz6S9kE?si=3yc3AM9stXcyisrS

Patrick Wolf – The Beast ★★★★★



4

Er zijn artiesten die een liedje schrijven. En er zijn artiesten zoals Patrick Wolf, die klinken alsof ze midden in een theatrale koortsdroom een compleet gotisch theaterstuk proberen op te voeren terwijl ergens achterin een viool in brand vliegt. The Beast is dus precies dat soort nummer.

En wonder boven wonder: het werkt.

Vanaf de eerste seconden trekt Wolf je een wereld in die tegelijk barok, dramatisch en opvallend emotioneel aanvoelt. Strijkers zwellen aan alsof ze rechtstreeks uit een vergeten opera komen, pianoakkoorden vallen zwaar binnen en daaroverheen die stem van Wolf — nog steeds één van de meest herkenbare en eigenzinnige stemmen uit de alternatieve popwereld.

Het nummer voelt als een botsing tussen klassieke grandeur en moderne emotionele chaos. Alsof Florence + The Machine een weekend opgesloten heeft gezeten in een oud theater met een stapel romantische poëzie en iets te veel rode wijn. Dat soort energie.

En toch blijft The Beast verrassend beheerst. Wolf had hier makkelijk volledig kunnen doorslaan in zijn eigen drama — iets waar hij vroeger af en toe plezier in leek te hebben — maar deze keer houdt hij de emotie strak genoeg bij elkaar om het indrukwekkend te houden in plaats van vermoeiend.

De opbouw is prachtig gedaan. Het nummer groeit langzaam richting iets groots zonder meteen alles open te gooien. Elke extra laag voelt verdiend. De strijkers krijgen meer gewicht, de drums beginnen harder te duwen en tegen de tijd dat het laatste deel binnenkomt, voelt het alsof het hele nummer zichzelf langzaam openrijt.

Wat vooral sterk is, is hoe fysiek het klinkt. Niet klinisch geproduceerd, maar levend. Alsof je de instrumenten bijna kunt aanraken. Dat geeft het nummer warmte, ondanks alle theatrale duisternis.

Toch blijft het ook een beetje een acquired taste. Dit is geen makkelijke popsong. Sommige mensen gaan hier na twee minuten compleet in op, anderen denken vooral: waarom klinkt dit alsof Dracula een emotionele breakdown heeft? Beide reacties zijn verdedigbaar.

Maar voor wie meegaat in de wereld van Patrick Wolf, is The Beast een indrukwekkende terugkeer naar alles wat hem ooit zo bijzonder maakte: barokke emotie, lef en schoonheid die altijd een beetje op instorten staat.

Is het subtiel? Geen seconde.
Is het overdadig? Absoluut.
Is het geweldig? Verrassend vaak wel.


Eindoordeel:
★★★★★

Cijfer: 8,9

Hitpotentie: 7,0

Barok drama met een hartslag. Florence-achtige grootsheid, maar dan donkerder, vreemder en heerlijk Patrick Wolf.

https://youtu.be/9OvX0vXhhvc?si=3YKNCO7EUx0tZfNa

woensdag 27 mei 2026

Girls In Hawaii – Eldorado★★★★☆

7

Sommige nummers klinken alsof ze gemaakt zijn om direct een hit te worden. Eldorado van Girls In Hawaii klinkt eerder alsof iemand midden in de nacht besloot om melancholie, psychedelica en een beetje existentiële twijfel in een blender te gooien. En eerlijk? Dat levert iets verrassend moois op.

Vanaf de eerste seconden voel je die zweverige sfeer waar het nummer volledig op drijft. Synthlagen die langzaam binnenrollen, gitaren die meer glinsteren dan echt spelen en een ritme dat nergens haast heeft. Het zit ergens precies tussen MGMT en AIR in. Dat dromerige, psychedelische van MGMT gecombineerd met de elegante, warme elektronica van AIR. En dat is een combinatie waar je normaal gesproken vrij weinig tegenin kunt brengen.

De vocalen blijven bewust ingetogen. Geen grote uithalen, geen theatrale emotie. Meer alsof iemand half slapend herinneringen probeert terug te halen. Dat geeft Eldorado iets filmisch. Je luistert niet echt naar een liedje — je zweeft erdoorheen.

Wat vooral sterk is, is de productie. Alles klinkt rijk zonder overvol te raken. Kleine elektronische details duiken op en verdwijnen weer, terwijl de baslijn langzaam onder alles blijft bewegen. Het voelt organisch, ondanks alle synths. En dat is knap, want veel bands in dit genre verdrinken uiteindelijk in hun eigen effectpedalen.

De opbouw is subtiel maar slim. Geen enorme climax, geen “hier moet het refrein ontploffen”-moment. Het nummer groeit eerder als een golf: langzaam, constant en bijna hypnotiserend. Daardoor blijft het boeien zonder ooit schreeuwerig te worden.

En toch — eerlijk is eerlijk — het blijft ook een beetje in sfeer hangen. Je mist net dat ene moment dat echt alles openbreekt. Nu blijft Eldorado vooral een prachtige stemming. Een vibe. En soms is dat genoeg, maar ergens wil je ook even volledig omver geblazen worden.

Maar misschien is dat juist waarom het blijft hangen. Omdat het niet probeert te imponeren. Het nodigt je gewoon uit om erin te verdwijnen.

En daar zit de echte kracht van Girls In Hawaii: ze maken muziek die niet op de voorgrond hoeft te staan om toch onder je huid te kruipen.

Is het vernieuwend? Niet helemaal.
Is het sfeervol? Ongelooflijk.
Is het mooi? Ja, op zo’n manier dat je het pas later echt beseft.

Dit is geen nummer voor haastige ochtenden. Dit is voor nachten waarin je even nergens heen hoeft.


Eindoordeel:
★★★★☆

Cijfer: 8,5

Hitpotentie: 7,4

Dromerig, psychedelisch en heerlijk zwevend tussen MGMT en AIR. Een nummer om langzaam in te verdwijnen.

https://youtu.be/pYrVJcXivkQ?si=QtpXQw_I_2DvJDbM