woensdag 11 maart 2026

RECENSIE: Look Mum No Computer – Eins, Zwei, Drei★★☆☆☆

4


Er zijn nummers die beginnen met een idee.

En er zijn nummers die beginnen met een kamer vol apparaten en daarna pas met de vraag: hebben we eigenlijk een liedje?

Eins, Zwei, Drei valt duidelijk in die tweede categorie.

Look Mum No Computer – het project van Sam Battle – staat bekend om zijn bizarre liefde voor zelfgebouwde synthesizers. Machines gemaakt van oude elektronica, muren vol kabels, knoppen waar je spontaan zenuwachtig van wordt. Technisch gezien fascinerend.

Maar een goed apparaat is nog geen goed nummer.

Het nummer begint met een electrobeat die duidelijk probeert te knipogen naar Duitse elektronische muziek. Dat soort “eins-zwei-drei”-ritmes die je meteen in een industriële club uit de jaren tachtig plaatsen.

Alleen…

Daar hield het idee een beetje op.

De groove loopt door, de synths piepen vrolijk, maar ergens mis je iets essentieels: een melodie, een hook, een reden waarom je dit nummer nog eens zou opzetten.

En dan ga je automatisch vergelijken.

Want er zijn eerder nummers geweest met precies zo’n simpele Duitse tel-titel die veel beter werkten. Strakker, scherper, memorabeler.

Hier blijft het vooral een experiment.

En dat experiment voelt een beetje als een metafoor voor iets anders. Alsof Engeland de laatste twintig jaar soms een beetje de weg kwijt is geraakt in het Eurovision Song Contest: veel ideeën, veel concepten, maar niet altijd een echt sterk lied.

Het klinkt allemaal leuk.

Maar je vergeet het ook weer snel.


Beoordeling: ★★☆☆☆
Cijfer: 5,5

Hitpotentie: 5,8

Veel machines.

Weinig magie.

watch

RECENSIE: Charlie Puth – Home (feat. Hikaru Utada ★★★☆☆

4

RECENSIE: Charlie Puth – Home (feat. Hikaru Utada)

Er zijn popsongs die warm klinken.

En er zijn popsongs die zo glad geproduceerd zijn dat je bijna bang bent dat ze uit je handen glijden.

Home van Charlie Puth hoort stevig bij die tweede categorie.

Het nummer begint met precies dat soort productie waar Puth inmiddels patent op heeft: zachte toetsen, een beat die klinkt alsof hij in een glazen doos is opgenomen en een sound die zo gepolijst is dat je jezelf erin kunt spiegelen.

Alles is netjes.

Misschien té netjes.

De synths klinken als kleine zeepbellen die door het nummer zweven. Een soort bubble-sound die vrolijk doorloopt maar nergens echt landt. Je hoort dat er enorm veel aandacht aan de productie is besteed, maar tegelijk voelt het ook een beetje… plastic.

Alsof iemand emotie heeft nagemaakt in een laboratorium.

Charlie Puth zingt zoals hij altijd zingt: technisch perfect, soepel en gecontroleerd. Maar soms ook zo gecontroleerd dat het bijna klinisch wordt.

En dan komt Hikaru Utada.

Haar stem brengt gelukkig iets meer kleur in het geheel. Ze heeft dat zachte, melancholische timbre dat meteen een beetje menselijkheid toevoegt aan de glanzende poplaag.

Maar zelfs zij kan niet helemaal ontsnappen aan de productie die overal als een plastic verpakking omheen zit.

Het resultaat is een popnummer dat absoluut goed klinkt.

Alleen… het voelt niet.

En dat is zonde, want met twee stemmen als deze had hier ook iets veel mooiers kunnen ontstaan.


Beoordeling: ★★★☆☆

Cijfer: 6,6

Hitpotentie: 8,4

Klinkt perfect.

Maar perfect is soms ook een beetje leeg.

watch

RECENSIE: Bleachers – Dirty Wedding Dress★★★★☆

4

RECENSIE: Bleachers – Dirty Wedding Dress

Er zijn nummers die klinken alsof ze in een studio zijn gemaakt.

En er zijn nummers die klinken alsof ze om drie uur ’s nachts op een lege parkeerplaats zijn ontstaan na een slecht idee en twee biertjes te veel.

Dirty Wedding Dress zit ergens precies daartussen.

Jack Antonoff, de man die inmiddels half popland produceert, heeft met Bleachers altijd een zwak gehad voor nostalgie. Niet subtiel nostalgisch, maar dat soort nostalgie waarbij je bijna de geur van cassettebandjes en oude radio’s ruikt.

Dit nummer leunt daar zwaar op.

De opening is typisch Bleachers: een simpele beat, een synthlijn die rechtstreeks uit een vergeten jaren-tachtig soundtrack lijkt te komen en gitaren die net genoeg rafelrand hebben om het niet té netjes te maken.

En dan dat refrein.

Het komt binnen alsof iemand een raam openzet. Groot, emotioneel en een beetje rommelig. Jack Antonoff zingt niet perfect, maar dat hoeft ook niet. Zijn stem heeft altijd iets haastigs, alsof hij bang is dat het moment anders verdwijnt.

En dat werkt.

De kracht van Dirty Wedding Dress zit in de energie. Het nummer voelt alsof het voortdurend op het punt staat om uit elkaar te vallen, maar net bij elkaar wordt gehouden door enthousiasme.

Maar eerlijk is eerlijk: het blijft ook een beetje het bekende Bleachers-recept.

Grote emoties.

Grote synths.

Grote refreinen.

En soms denk je: ja, dit hebben we eerder gehoord.

Maar ondertussen zing je het refrein alweer mee.

En dat is meestal een goed teken.


Beoordeling: ★★★★☆

Cijfer: 8,2

Hitpotentie: 8,6

Rommelige romantiek.

En precies daarom werkt het.

watch

RECENSIE: The Stranglers – Vlad The Oligarch★★☆☆☆

4

RECENSIE: The Stranglers – Vlad The Oligarch

Eerlijk is eerlijk.

Dit is een flutnummer.

En soms is dat ook gewoon de conclusie.

Vlad The Oligarch begint met een scheepshoorn. Zo’n geluid dat je normaal hoort wanneer een ferry vertrekt en de passagiers nog snel naar binnen moeten. Alleen hier denk je vooral: misschien hadden we beter meteen weer van boord kunnen gaan.

Het intro doet even denken aan Night Boat To Cairo van Madness. Alleen waar dat nummer speels, chaotisch en onweerstaanbaar was, voelt dit meer alsof iemand dat idee heeft gehoord en dacht: laten we ook een bootgeluid doen.

Daarna gebeurt er eigenlijk niet zoveel.

De band probeert er een soort politiek nummer van te maken. Een beetje satire, een beetje maatschappijkritiek. Maar het blijft allemaal oppervlakkig. Alsof iemand een krantenkop heeft gelezen en daar een refrein omheen heeft gebouwd.

Muzikaal is het nog vlakker.

Een baslijn die braaf doorloopt, gitaren die nergens bijten en een refrein dat klinkt alsof de band zelf ook niet helemaal gelooft dat dit een goed idee was.

En dat is jammer.

Want The Stranglers hebben een verleden vol spannende, donkere en eigenzinnige muziek. Bands die ooit zo scherp waren, verdienen eigenlijk betere nummers dan dit.

Maar soms is inspiratie gewoon even op.


Beoordeling: ★★☆☆☆

Cijfer: 4,5

Hitpotentie: 4,8

Zelfs de boot wil hier waarschijnlijk snel weer wegvaren. 

https://www.youtube.com/watch?v=tgnCZH0haXc

dinsdag 10 maart 2026

RECENSIE: Cheap Trick – The Best Thing★★☆☆☆

4

RECENSIE: Cheap Trick – The Best Thing

Er zijn bands die een legende worden.

En er zijn bands die daarna nog dertig jaar proberen te doen alsof die legende gisteren gebeurde.

Cheap Trick hoort helaas bij die tweede categorie.

In 1979 waren het jonge goden. Powerpop die knalde, refreinen die je hersenen overnamen en gitaren die precies wisten wanneer ze moesten bijten. I Want You To Want MeSurrender — dat soort nummers die je niet alleen hoorde, maar voelde.

En nu is er The Best Thing.

Een titel die meteen al gevaarlijk veel zelfvertrouwen uitstraalt.

Want laten we eerlijk zijn: dit is niet het beste.

Het begint nog hoopvol. Een gitaar, een tempo dat probeert te doen alsof het nog steeds 1979 is. Maar al snel hoor je dat de energie anders is. Niet slecht geproduceerd, niet vals gespeeld, maar… vermoeid.

Robin Zander zingt nog steeds met herkenbare flair, maar de urgentie ontbreekt. Het voelt alsof de band zelf ook weet dat dit meer een routineklus is dan een explosie.

Het refrein probeert groot te zijn.

Maar blijft hangen op “best oké”.

En dat is misschien het grootste probleem: het nummer klinkt alsof het zijn eigen titel probeert te geloven.

The Best Thing is een beetje alsof een oude rockband op een reüniefeest staat en zegt: we kunnen het nog. Technisch klopt het allemaal, maar de magie — die spontane vonk van vroeger — blijft uit.

En dan wordt de titel ineens bijna ironisch.

Want het beste van Cheap Trick ligt al lang achter ons.


Beoordeling: ★★☆☆☆
Cijfer: 5,2

Hitpotentie: 5,9

Niet het beste.

Misschien zelfs het tegenovergestelde.



watch