dinsdag 2 juni 2026

📻 Cream Radio – “Een muzikale slagroomtaart waar de kers nog gezocht wordt "





6

Er is een nieuwe speler op de radio: Cream. Alleen de naam al klinkt alsof iemand tijdens een brainstormsessie zei: “We willen iets zachts, iets lekkers, iets dat blijft hangen.” Gelukkig heette het niet Mayonaise FM, want dan hadden we een ander probleem gehad.

Cream presenteert zichzelf als een zender voor de muzikale avonturier. Geen hokjes, geen muren: pop loopt over in soul, jazz geeft een hand aan rock, klassiek drinkt koffie met wereldmuziek. Het klinkt als een geweldig festival waar iedereen welkom is. Een soort muzikale huiskamer waar David Bowie naast een onbekende jazzmuzikant op de bank kan zitten.

Alleen… na een tijdje luisteren denk je toch: waar zit die rare oom op dat feestje?

Want een zender die belooft je uit je comfortzone te trekken, moet af en toe ook durven. Niet alleen de deur openzetten, maar je ook even naar buiten duwen zonder jas.

De sfeer is absoluut goed. Rustig, volwassen, geen schreeuwende dj’s die doen alsof ze net acht espresso’s en een energiedrank hebben gedronken. Cream voelt als radio voor mensen die nog echt naar muziek luisteren. Mensen die een albumhoes bekijken. Mensen die weten dat een nummer soms vijf minuten nodig heeft voordat het landt.

En dat is tegenwoordig bijna rebels.

Maar de beloofde verborgen pareltjes? Daar blijft het voorlopig een beetje stil. De schatkist gaat open… en dan liggen er vooral munten in die je al eens eerder hebt gezien. Mooie munten hoor, maar Indiana Jones zou er geen nieuwe film voor maken.

Waar zijn die nummers waarvan je denkt:
“Wat is dit? Waarom ken ik dit niet? En waarom heb ik twintig jaar mijn leven verspild zonder dit lied?”

Een eclectische zender moet soms ook ongemakkelijk zijn. Een beetje zoals een goede wijnproeverij: niet alles hoeft meteen lekker te zijn. Soms moet je eerst denken: “Wat gebeurt hier?” voordat je later zegt: “Eigenlijk briljant.”

Ook valt op dat het assortiment nog wat klein voelt. Sommige nummers komen snel terug. Alsof je in een enorme platenzaak staat, maar de eigenaar steeds naar hetzelfde plankje loopt.

Maar eerlijk is eerlijk: de basis klopt.

Cream heeft smaak. Cream heeft rust. Cream heeft een idee. En dat is al meer dan veel radiostations die klinken alsof een algoritme met een burn-out de muziek kiest.

Misschien moet Cream gewoon nog groeien. Minder veilige crème brûlée, iets meer peper erin. Meer onbekende artiesten, meer nachtelijke ontdekkingen, meer “wat hoor ik nou?”-momenten.

Want de wereld heeft geen nieuwe achtergrondzender nodig. De wereld heeft weer een ontdekkingsreiziger nodig.

Conclusie:
Cream is een mooie start: stijlvol, warm en muzikaal volwassen. Alleen mag de zender nog wat vaker de nette schoenen uittrekken en door de modder lopen.

🎧 Eindoordeel: 7,0 / 10
★★★★☆ voor sfeer
★★★☆☆ voor avontuur

Hitpotentie als radiozender: 8,0
Verborgen-pareltjes-score: voorlopig 5,8

“Cream smaakt goed. Nu alleen nog zorgen dat er af en toe iets vreemds in het recept valt.”

Wasia Project – Smooth Operator (Live★★★★½

4

Een nummer van Sade coveren is gevaarlijk terrein. Heel gevaarlijk zelfs. Dat is een beetje alsof je zegt: “Ik ga even een nieuwe versie van een perfecte espresso maken.” Prima, maar hij was eigenlijk al perfect. Wat ga je toevoegen? Slagroom? Discoballen? Een influencer met een ringlamp?

Gelukkig begrijpt Wasia Project precies wat je met Smooth Operator moet doen.

Niet groter maken.

Niet moderner maken.

Maar dieper laten ademen.

En verrassend genoeg: nóg jazzier maken.

De originele versie uit 1984 is natuurlijk een monument. Die stem van Sade Adu, die soepele groove, die nachtclubachtige elegantie. Een nummer dat klinkt alsof het geboren is met een glas rode wijn in de hand en nooit haast heeft gehad.

Wasia Project probeert gelukkig niet om dat te kopiëren.

Deze liveversie voelt alsof ze het nummer uit een luxe jaren 80-club halen en verplaatsen naar een kleine jazzbar om twee uur ’s nachts. Minder glamour, meer rook in de lucht. Minder perfecte afstandelijkheid, meer menselijkheid.

Vanaf de eerste tonen merk je het verschil. De piano krijgt meer ruimte. De timing is losser. Kleine muzikale accenten mogen blijven hangen. Waar het origineel bijna zijdezacht voorbij glijdt, laat deze versie de rafeltjes horen.

En dat werkt.

De stem van Olivia Hardy is natuurlijk totaal anders dan die van Sade. En dat moet ook. Een imitatie zou kansloos zijn geweest. Ze kiest voor haar eigen aanpak: kwetsbaarder, speelser en iets minder mysterieus. Daardoor krijgt het nummer een nieuwe kleur.

De arrangementen zijn misschien wel het sterkste punt. Alles klinkt organisch. De muzikanten luisteren naar elkaar. Er zit ruimte tussen de noten. En ja — dat klinkt als zo'n typische jazzopmerking van iemand met een dure koptelefoon, maar hier klopt het gewoon.

De magie zit juist in wat ze níét spelen.

Dat maakt deze uitvoering bijzonder.

De sfeer schuift richting jazz, soul en bijna klassieke nachtclubmuziek. Alsof Norah Jones en moderne alternatieve pop elkaar ergens halverwege ontmoeten.

Natuurlijk blijft het origineel onaantastbaar. Sommige nummers zijn simpelweg cultureel erfgoed. Daar kom je niet even overheen met een leuke cover.

Maar dat probeert Wasia Project ook niet.

Ze buigen respectvol en openen daarna gewoon een andere deur.

En achter die deur blijkt verrassend veel moois te liggen.


Eindoordeel:
★★★★½

Cijfer: 8,8

Hitpotentie: 7,6

🎷 Een elegante cover die begrijpt waarom het origineel geweldig was. Minder jaren 80-glans, meer nachtelijke jazzclub. Sade blijft de koningin, maar Wasia Project geeft haar klassieker een prachtige  jas.https://youtu.be/uV1SjtCwKhM?si=6AtxwvLVaMPY2obg


Kingfishr – The Blade★★★★½

4

Er zijn bands waarbij je na tien seconden precies weet uit welk land ze komen. Kingfishr is zo’n band. Je hoort één akkoord en ergens in je hoofd verschijnt automatisch een mistig Iers landschap, een oude pub en iemand die net iets te emotioneel naar zijn glas kijkt.

En eerlijk gezegd: heerlijk.

Met The Blade bewijzen ze opnieuw dat Ierse melancholie nog lang niet is uitgespeeld. Sterker nog: weinig landen kunnen verdriet zo mooi laten klinken. Waar anderen van pijn een drama maken, maken Ieren er een lied van dat je uiteindelijk met tien vreemden staat mee te zingen.

Dat blijft een bijzondere gave.

Vanaf de opening heeft The Blade meteen die typische Kingfishr-warmte. Akoestische lagen, subtiele folk-invloeden en een stem die klinkt alsof er een heel verhaal achter iedere zin zit. Geen gladgestreken popproductie, maar muziek waar nog lucht en leven in zit.

De zang is opnieuw de grote kracht. Niet omdat het technisch allemaal perfect moet zijn, maar omdat je het gelooft. Dat is veel belangrijker. Een perfecte noot zonder gevoel blijft gewoon een nette oefening. Een stem met emotie blijft hangen.

En dat gebeurt hier.

De titel The Blade suggereert iets scherps, iets gevaarlijks. En eigenlijk past dat mooi bij het nummer. Onder die warme melodieën zit namelijk wel degelijk een rand. Een gevoel van verlies, twijfel of iets dat pijn heeft gedaan. Een mes hoeft niet altijd hard te snijden — soms merk je pas later dat het geraakt heeft.

Muzikaal bouwen ze het prachtig op. Het begint klein, bijna voorzichtig. Daarna groeien de lagen langzaam. Meer intensiteit, meer stemmen, meer gevoel. Maar gelukkig zonder de bekende valkuil: de enorme stadionclimax waarbij alle subtiliteit verdwijnt.

Kingfishr houdt controle.

Het blijft menselijk.

Je hoort natuurlijk invloeden van moderne folkbands, van de grote Ierse traditie tot bands als Mumford & Sons in hun betere momenten. Maar Kingfishr heeft genoeg eigen sfeer om niet simpelweg als kopie weggezet te worden.

Wat vooral mooi is: ze durven serieus te zijn.

Tegenwoordig lijkt iedereen bang voor oprechte emotie. Alles moet een knipoog hebben. Alles moet ironisch. Kingfishr doet daar niet aan mee. Zij zetten gewoon het hart op tafel.

En ja, misschien is dat soms gevaarlijk dicht tegen het grote gebaar aan.

Maar als het werkt, werkt het.

En hier werkt het.

The Blade is geen verrassende koerswijziging. Geen muzikale revolutie. Maar wel opnieuw een bewijs dat Kingfishr heel goed weet waar hun kracht ligt: sfeer, emotie en liedjes die voelen alsof ze al jaren bestaan.


Eindoordeel:
★★★★½

Cijfer: 8,7

Hitpotentie: 8,2

🍀 Een warm Iers folknummer met een scherpe emotionele rand. Kingfishr snijdt niet diep met lawaai, maar met gevoel — en precies daarom blijft het hangen.


https://youtu.be/UbstNV2FUNY?si=aXfQiipNIFBXz3XQ

Nothing But Thieves – Evolution★★★★☆


5

Een nummer Evolution noemen is natuurlijk vragen om problemen. Dan verwacht je als luisteraar toch minstens dat de band ineens een compleet nieuw hoofdstuk opent. Een sitar erbij. Een koor uit Mongolië. Of dat de drummer ineens besluit alleen nog maar op oude koelkasten te spelen.

Maar nee.

Nothing But Thieves doet iets heel anders: ze maken gewoon weer een heel goed Nothing But Thieves-nummer.

Evolutie? Mwah.

Kwaliteit? Zeker.

Vanaf de eerste seconden hoor je meteen wie dit is. Die grote productie, die strakke gitaren, de combinatie van moderne rock en elektronische details. Geen seconde twijfel. Dit is een band die inmiddels zo’n duidelijke identiteit heeft opgebouwd dat je ze uit duizenden herkent.

En daar zit meteen het dilemma.

Want Evolution klinkt fantastisch. Maar revolutionair? Nee.

Het is alsof je favoriete restaurant zegt: "We hebben een compleet nieuw menu." Je komt binnen en krijgt dezelfde perfecte maaltijd als altijd. Je klaagt niet, want het smaakt geweldig. Maar nieuw? Niet echt.

Gelukkig heeft Nothing But Thieves nog altijd een gigantisch wapen:

Conor Mason.

Die stem blijft absurd.

Waar veel rockzangers vooral harder gaan zingen als het emotioneler moet worden, heeft Mason controle. Hij kan klein beginnen, spanning opbouwen en daarna ineens zo'n uithaal plaatsen waardoor je denkt: ja hoor, daar gaat weer een stemband naar de Olympische Spelen.

In Evolution draagt hij opnieuw bijna het hele nummer.

De productie is zoals verwacht enorm strak. Misschien zelfs té strak. Alles klinkt perfect geplaatst. Elke laag klopt. Elke overgang is verzorgd. En soms verlang je daardoor bijna naar een klein foutje. Een rafelrandje. Iets waardoor het gevaarlijker voelt.

Want vroeger had Nothing But Thieves soms dat gevoel alsof alles elk moment kon ontsporen. Hier hoor je vooral een band die precies weet wat werkt.

Maar eerlijk is eerlijk: wat werkt, werkt.

Het refrein opent heerlijk. De energie zit goed. De melodie blijft hangen. En live zie je nu al voor je hoe duizenden mensen dit probleemloos meezingen.

Dus ja, de titel is misschien een beetje overdreven.

Evolution is geen evolutie.

Het is eerder bevestiging.

Een band die zegt: dit zijn wij, dit kunnen wij, en waarom zouden we ineens iets compleet anders doen?

En ergens hebben ze gelijk.

Niet elke verandering is verbetering.

Soms is heel goed blijven ook gewoon een prestatie.


Eindoordeel:
★★★★☆

Cijfer: 8,3

Hitpotentie: 8,5

⚡ Geen grote evolutie, maar gewoon vertrouwde klasse. Nothing But Thieves vindt het wiel niet opnieuw uit — ze zorgen er alleen weer voor dat het uitstekend blijft draaien.

https://youtu.be/hmjfuuuRRYU?si=qZwRbnaNqHyINZJf

maandag 1 juni 2026

retro Editors - Papillon★★★★★



4

Soms valt alles precies op zijn plek. De juiste band, de juiste sound, de juiste videoclip. En dan krijg je geen gewone single, maar een moment. Papillon van Editors is zo’n moment.

En misschien — heel misschien — is dit gewoon het beste nummer dat ze ooit gemaakt hebben.

Ja, dat is gevaarlijk om te zeggen. Fans van MunichSmokers Outside the Hospital Doors en An End Has a Start staan waarschijnlijk al klaar met argumenten. Maar kom op: Papillon heeft iets wat zelfs binnen hun sterke catalogus uniek blijft.

Dat ritme.

Mijn god, dat ritme.

Vanaf de eerste seconde begint die elektronische hartslag. Een baslijn die niet loopt maar rent. Drums die constant vooruit duwen. Synths die klinken alsof iemand Depeche Mode en postpunk samen in een donkere fabriekshal heeft opgesloten. En precies daar ontstaat de magie.

Want dit is niet zomaar rock met een synthesizer erbij.

Dit is pure spanning.

Tom Smith klinkt hier fenomenaal. Zijn donkere stem zweeft boven die machine van geluid alsof hij probeert controle te houden over iets dat eigenlijk veel te hard gaat. En dat contrast maakt het nummer zo goed: de muziek rent vooruit, de stem blijft ijskoud beheerst.

Het refrein is gigantisch zonder goedkoop te worden. Geen standaard stadionmoment, maar een ontlading. Alsof iemand eindelijk de deur open gooit nadat de spanning minutenlang is opgebouwd.

En dan die clip.

Die rennende man.

Simpeler kan bijna niet. Iemand rent. Dat is het verhaal. Geen dure effecten, geen ingewikkelde symboliek waar je eerst een universitaire studie voor nodig hebt.

Gewoon rennen.

Maar juist daarom werkt het.

Die man lijkt niet alleen fysiek te rennen. Hij vlucht ergens voor. Of ergens naartoe. Dat weet je niet. En dat maakt het fascinerend. Het past perfect bij het nummer: constante beweging, geen rust, blijven doorgaan.

Een klassieker maak je niet door alles ingewikkeld te maken. Soms moet je gewoon het juiste beeld vinden.

En hier vonden ze het.

Alles klopt.

De sound.

De energie.

De spanning.

De video.

Alles.

Het bijzondere is dat Papillon jaren later nog steeds fris klinkt. Veel muziek uit die periode verraadt meteen zijn leeftijd. Deze niet. Misschien omdat Editors hier niet probeerden een trend te volgen. Ze vonden gewoon hun perfecte kruising tussen donkere rock en elektronica.

Is het hun beste nummer?

Daar kun je over discussiëren.

Maar het staat absoluut bovenaan mee te vechten.


Eindoordeel:
★★★★★

Cijfer: 9,7

Hitpotentie: 9,0

🦋 Een moderne klassieker. Een ritme dat blijft jagen, een clip die blijft hangen en een band die precies op het juiste moment alles goed deed. Misschien wel hét meesterwerk van Editors

https://youtu.be/Wq4tyDRhU_4?si=2EQ3u9SQvtBnhids