woensdag 14 oktober 2026

PIERRE DE MAERE – OPINEL★★★★½ – 8,5/10



PIERRE DE MAERE – OPINEL

The Weeknd spreekt Frans. Whitney Houston rinkelt even aan.

★★★★½ – 8,5/10

Soms hoor je een nummer en weet je binnen enkele seconden in welke muzikale hoek je het moet zoeken. Bij Pierre de Maere dacht ik onmiddellijk aan The Weeknd. Alleen spreekt deze meneer Frans. En ergens op de achtergrond lijkt Whitney Houston even op de deurbel te drukken.

Dat laatste klinkt misschien merkwaardig.

Maar bij Opinel hoor ik een klein, helder belachtig geluid dat me doet denken aan I Wanna Dance with Somebody van Whitney Houston.

Niet dat de nummers verder bijzonder veel op elkaar lijken.

Maar soms is één klank voldoende om een muzikale herinnering wakker te maken.

En bij mij stond Whitney ineens weer in de woonkamer.

Gelukkig zonder de bijbehorende jaren-tachtigmode.

Pierre de Maere is een Belgische artiest die in het Frans zingt en zich beweegt tussen pop, elektronica en een uitgesproken theatrale uitstraling.

Met Opinel laat hij horen dat Franstalige popmuziek helemaal niet ouderwets of ingewikkeld hoeft te klinken.

Integendeel.

Het nummer heeft een moderne, internationale uitstraling.

En vooral de vergelijking met The Weeknd dringt zich bij mij op.

Die herkenbare combinatie van elektronische pop, een dansbare sfeer en een zekere donkere elegantie.

Het soort muziek waarbij je niet precies weet of je moet dansen of melancholisch uit het raam moet kijken.

Bij The Weeknd kunnen die twee activiteiten overigens uitstekend samengaan.

Bij Pierre de Maere eveneens.

Wat mij aanspreekt, is de manier waarop de Franse taal onderdeel wordt van de muzikale sfeer.

Frans heeft van zichzelf al iets melodieus.

Sommige woorden klinken zelfs aantrekkelijk wanneer je geen idee hebt wat ze betekenen.

Dat is overigens geen garantie voor romantiek.

Ook een Franse parkeerboete klinkt waarschijnlijk nog behoorlijk elegant.

Maar in Opinel werkt die taal uitstekend.

De zang geeft het nummer een eigen karakter en voorkomt dat het uitsluitend als een Franstalige variant van The Weeknd klinkt.

Daarbij heeft De Maere een uitstraling die past bij de meer extravagante kant van de popmuziek.

Hij is geen artiest die onopvallend in een hoekje wil verdwijnen.

En dat hoeft ook niet.

Goede popmuziek mag best een beetje theater bevatten.

Sterker nog: sommige artiesten zouden er aanzienlijk van opknappen.

De elektronische sfeer van Opinel roept bij mij herinneringen op aan de jaren tachtig, maar zonder dat het nummer volledig op nostalgie leunt.

Dat is een belangrijk verschil.

Want de muziekwereld zit inmiddels vol artiesten die denken dat een synthesizer en een oude drumcomputer voldoende zijn om de jaren tachtig opnieuw uit te vinden.

Zo eenvoudig is het natuurlijk niet.

De kracht zit in de combinatie van melodie, sfeer en persoonlijkheid.

En juist daar weet Pierre de Maere mijn aandacht vast te houden.

Opinel heeft iets verleidelijks.

Iets licht dramatisch.

En tegelijkertijd voldoende toegankelijkheid om ook buiten de alternatieve muziekwereld een publiek te bereiken.

Dat laatste hoeft geen bezwaar te zijn.

Commercieel en goed zijn immers geen tegenstellingen.

Al wordt dat door sommige radiostations nog weleens verkeerd begrepen.

Toch heb ik ook een kleine kanttekening.

De invloed van The Weeknd is voor mij behoorlijk herkenbaar.

En hoewel De Maere daar zijn eigen Franstalige karakter tegenover zet, zou ik graag horen dat hij nog nadrukkelijker een eigen muzikale richting kiest.

Een onverwachte wending of een minder voorspelbare melodische keuze zou Opinel nog sterker maken.

Want hij heeft duidelijk voldoende persoonlijkheid om meer te zijn dan een stijlvolle vertegenwoordiger van een bestaand geluid.

Maar verder valt er weinig te klagen.

Ik hoor een aantrekkelijke combinatie van moderne synthpop, Franse elegantie en een vleugje jaren-tachtinostalgie.

En dat kleine belletje?

Dat maakt het voor mij alleen maar leuker.

Whitney Houston heeft er waarschijnlijk niets mee te maken.

Maar ik hoor haar toch even.

The Weeknd mag de nacht houden. Pierre de Maere krijgt van mij de dansvloer.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 8,5/10

Melodie: ★★★★½
Synthpopsound: ★★★★★
Zang en uitstraling: ★★★★½
Jaren-tachtigevoel: ★★★★½
Originaliteit: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★★★½

Plus: stijlvolle elektronische pop, een aantrekkelijke Franstalige sfeer en een heerlijke verwijzing naar de jaren tachtig.

Min: de muzikale verwantschap met The Weeknd is nadrukkelijk aanwezig.

Voor liefhebbers van: The Weeknd, Christine and the Queens, Stromae en moderne Franstalige synthpop.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★½

Eindoordeel: Opinel is een stijlvolle, dansbare single waarin Pierre de Maere moderne synthpop combineert met Franse elegantie. The Weeknd klinkt in de verte, Whitney Houston laat even een belletje rinkelen en Pierre de Maere doet de deur open. 8,5/10.

https://youtu.be/pmkW14pDKhU?si=IChpBFFVtl5yIxsG

SAN CISCO – MILES AWAY★★★★☆ – 8/10



SAN CISCO – MILES AWAY

De wereld heeft haast. San Cisco heeft daar geen boodschap aan.

★★★★☆ – 8/10

Er zijn bands die klinken alsof ze voortdurend onderweg zijn naar een belangrijke afspraak. San Cisco klinkt alsof ze die afspraak hebben afgezegd, een terras hebben gevonden en besloten dat morgen ook nog bestaat.

En eerlijk gezegd geef ik ze groot gelijk.

Met Miles Away laat de Australische indiepopband opnieuw horen hoe aantrekkelijk ontspannen muziek kan zijn.

Geen overdreven bombast.

Geen muzikale krachtpatserij.

Gewoon een heerlijke laidbacksound die je onmiddellijk in een andere stemming brengt.

San Cisco komt uit Fremantle, aan de westkust van Australië. Een plek waar de zon doorgaans iets vaker verschijnt dan in Nederland.

Misschien verklaart dat hun muzikale instelling.

Want zelfs wanneer de band melancholische onderwerpen aansnijdt, blijft er vaak iets lichts en zonnigs in het geluid aanwezig.

Dat is een bijzondere combinatie.

En bij Miles Away spreekt juist die ontspannen sfeer me aan.

De muziek lijkt nergens haast mee te hebben.

De melodie krijgt de ruimte.

De zang voelt aangenaam ongedwongen.

En het geheel heeft een natuurlijke lichtheid die tegenwoordig lang niet vanzelfsprekend is.

Veel moderne popmuziek wordt geproduceerd alsof iedere seconde optimaal moet worden benut.

Na tien seconden moet de aandacht zijn gegrepen.

Na twintig seconden moet het refrein beginnen.

En na dertig seconden moet het fragment geschikt zijn voor TikTok.

San Cisco lijkt daar gelukkig minder wakker van te liggen.

Miles Away voelt als muziek die gewoon mag ademen.

En dat is prettig.

De sfeer roept bij mij herinneringen op aan de ontspannen indiepop van Real Estate, een vleugje Phoenix en de zonnigere kant van Vampire Weekend.

Niet omdat San Cisco die bands probeert na te doen, maar omdat ze dezelfde kunst verstaan om melodieuze gitaarpop licht en toegankelijk te laten klinken.

Wat ik vooral waardeer, is dat die toegankelijkheid niet onmiddellijk betekent dat het nummer oppervlakkig wordt.

Er zit een aangename weemoed in de sfeer.

Dat gevoel van afstand.

Van ergens anders willen zijn.

Of misschien juist van tevreden zijn met de plek waar je op dat moment bent.

De titel Miles Away past daar uitstekend bij.

Je hoeft er niet eens letterlijk voor op reis.

Een goede koptelefoon is voldoende.

Al vermoed ik dat een strandstoel, een koud drankje en een temperatuur van vijfentwintig graden de ervaring nog aanzienlijk kunnen verbeteren.

Helaas woon ik in Nederland.

Hier wordt een zonnige middag meestal gevolgd door een waarschuwing van het KNMI.

Maar muzikaal brengt San Cisco de zon gewoon mee.

En daar ben ik blij mee.

Toch is er ook een kanttekening.

De ontspannen aanpak is tegelijkertijd de kracht en de beperking van Miles Away.

Het nummer heeft een aantrekkelijke melodieuze sfeer, maar zoekt nergens nadrukkelijk de spanning op.

Ik mis net dat ene onverwachte moment dat de compositie boven het niveau van bijzonder prettige indiepop uittilt.

Een verrassende overgang.

Een scherper randje.

Of een refrein dat zich werkelijk onvergetelijk maakt.

Nu blijft vooral het aangename gevoel hangen.

En daar is op zichzelf helemaal niets mis mee.

Want niet iedere plaat hoeft je volledig van je stoel te blazen.

Sommige muziek is juist bedoeld om rustig in die stoel te blijven zitten.

Met de voeten omhoog.

En zonder dat iemand voortdurend vraagt of je nog iets nuttigs gaat doen.

San Cisco begrijpt dat.

Miles Away is geen muzikale revolutie.

Het is een bijzonder prettige ontsnapping aan de dagelijkse drukte.

Een nummer dat niet probeert de wereld te veranderen.

Maar wel even de snelheid ervan verlaagt.

En soms is dat precies wat je nodig hebt.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★☆ – 8/10

Melodie: ★★★★☆
Laidbacksound: ★★★★★
Zang: ★★★★☆
Sfeer: ★★★★½
Originaliteit: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★★★☆

Plus: heerlijke ontspannen indiepop, een zonnige sfeer en een aangenaam natuurlijke uitstraling.

Min: een verrassender muzikaal hoogtepunt had het nummer nog sterker gemaakt.

Voor liefhebbers van: Real Estate, Phoenix, Vampire Weekend en melodieuze Australische indiepop.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★☆

Eindoordeel: Miles Away is een heerlijke laidbacksingle van San Cisco. Ontspannen, melodieus en bijzonder prettig om naar te luisteren. De wereld heeft haast. San Cisco niet. En voor één keer sluit ik me graag bij de langzaamste partij aan. 8/10.

https://youtu.be/HyDSA6ItvE8?si=WqPYPj6xZfSPaA8_

J.BERNARDT – REMEDY★★★★½ – 8,5/10




J.BERNARDT – REMEDY

Warhaus heeft er een buurman bij. En die mag blijven.

★★★★½ – 8,5/10

België blijft een merkwaardig land. Ze hebben er drie officiële talen, eindeloze politieke onderhandelingen en blijkbaar een onuitputtelijke voorraad muzikanten die precies weten hoe je melancholie aantrekkelijk kunt laten klinken.

Neem J.Bernardt.

Achter die naam schuilt Jinte Deprez, bekend van Balthazar. En met Remedy kom ik terecht in een muzikale wereld die me onmiddellijk aan Warhaus doet denken.

Dat is eigenlijk niet zo vreemd.

Warhaus is immers het soloproject van Maarten Devoldere, eveneens bekend van Balthazar.

Blijkbaar hebben die mannen tijdens hun gezamenlijke muzikale verleden niet alleen de repetitieruimte gedeeld, maar ook een zekere voorkeur voor duistere, elegante popmuziek ontwikkeld.

En daar heb ik helemaal niets op tegen.

Remedy heeft voor mij precies die sfeer die Warhaus zo aantrekkelijk maakt.

Een beetje mysterieus.

Een beetje verleidelijk.

En met een melancholische ondertoon die nergens om medelijden vraagt.

Het is muziek die niet onmiddellijk al haar geheimen prijsgeeft.

Geen overdreven vrolijk refrein dat je na twintig seconden moet overtuigen dat het leven één groot feest is.

Gelukkig maar.

Ik ben doorgaans al blij wanneer de koffie goed is en de computer zonder problemen opstart.

Wat mij vooral aanspreekt, is de volwassen uitstraling van het nummer.

J.Bernardt lijkt niet geïnteresseerd in goedkope effecten of overdreven muzikale gebaren.

De aantrekkingskracht zit juist in de beheersing.

In de manier waarop sfeer en melodie elkaar versterken.

Dat roept bij mij herinneringen op aan de donkere pop van Warhaus, maar ook aan de meer ingetogen kant van Arctic Monkeys en de sensuele melancholie van Tindersticks.

Vooral die laatste vergelijking vind ik interessant.

Want sommige muziek heeft geen haast nodig om spanning op te bouwen.

Ze hoeft niet harder te worden.

Niet sneller.

Ze moet vooral iets suggereren.

En dat doet Remedy.

De titel betekent natuurlijk zoiets als geneesmiddel.

Dat klinkt hoopvol.

Al vermoed ik dat de Belgische gezondheidszorg voorlopig nog geen J.Bernardt op doktersrecept gaat verstrekken.

Jammer eigenlijk.

Het zou een aangename verandering zijn ten opzichte van de gebruikelijke bijsluiters.

De muzikale verwantschap met Warhaus is tegelijkertijd een voordeel en een risico.

Want zodra je die vergelijking eenmaal hebt gemaakt, ga je automatisch op zoek naar overeenkomsten.

En voor je het weet beoordeel je J.Bernardt niet meer op zijn eigen kwaliteiten, maar op de vraag hoeveel hij op Maarten Devoldere lijkt.

Dat zou onterecht zijn.

Jinte Deprez verdient zijn eigen muzikale ruimte.

Hij heeft een andere persoonlijkheid en een eigen benadering van melodie en sfeer.

Toch blijft de familiegelijkenis voor mij hoorbaar.

Het is alsof twee voormalige huisgenoten ieder een eigen appartement hebben betrokken, maar nog steeds dezelfde platenkast bezitten.

De inrichting verschilt.

De smaak is herkenbaar.

En beide appartementen zijn muzikaal bijzonder aantrekkelijk.

Mijn kritiek?

Ik zou graag horen dat Remedy zich nog nadrukkelijker losmaakt van die vertrouwde Belgische indie-esthetiek.

Een onverwachte muzikale wending zou het nummer meer eigen karakter kunnen geven.

Want sfeer alleen is uiteindelijk niet voldoende.

Een echt uitzonderlijk nummer moet ook iets achterlaten dat je niet onmiddellijk kunt vergelijken met een andere artiest.

Dat mis ik hier nog net.

Maar verder is dit een bijzonder prettige kennismaking.

Een nummer dat niet schreeuwt om aandacht, maar haar geleidelijk weet vast te houden.

En dat is in een tijd waarin vrijwel iedere artiest binnen vijftien seconden indruk probeert te maken een verademing.

J.Bernardt hoeft Warhaus niet te overtreffen.

Hij moet vooral zichzelf blijven.

Met Remedy lukt dat al behoorlijk goed.

En mocht de Belgische muziekscene binnenkort opnieuw een soloproject afleveren met dezelfde donkere aantrekkingskracht, dan hoor ik het graag.

Ze mogen er alleen wel een keer een vrolijke naam aan geven.

Voor de afwisseling.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 8,5/10

Sfeer: ★★★★★
Melodie: ★★★★½
Zang: ★★★★½
Melancholie: ★★★★★
Originaliteit: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★★★½

Plus: een aantrekkelijke donkere sfeer, beheerste uitstraling en die heerlijke Belgische melancholie.

Min: de verwantschap met Warhaus is nadrukkelijk; een onverwachte muzikale wending zou het eigen karakter versterken.

Voor liefhebbers van: Warhaus, Balthazar, Tindersticks en de ingetogen kant van Arctic Monkeys.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★½

Eindoordeel: Remedy laat J.Bernardt horen in een muzikale wereld die me sterk aan Warhaus doet denken. Donker, elegant en aangenaam melancholisch. België heeft misschien moeite om een regering te vormen, maar aan goede muzikanten ontbreekt het gelukkig niet. 8,5/10

https://youtu.be/fG6ETqUkrGE?si=8pyIWreol39rEayy

BLEACHERS – BLOOD BROTHERS★★★★½ – 8,5/10





BLEACHERS – BLOOD BROTHERS

Gelukkig. Jack Antonoff heeft zijn oude geluid niet bij het grofvuil gezet.

★★★★½ – 8,5/10

Sommige artiesten veranderen voortdurend van muzikale richting. Dat noemen we dan artistieke ontwikkeling. Soms is het vooral een ingewikkelde manier om te zeggen dat ze niet meer weten waar ze mee bezig zijn. Gelukkig klinkt Bleachers op Blood Brothers weer heerlijk vertrouwd.

En daar ben ik blij mee.

Want Jack Antonoff heeft met Bleachers een bijzonder herkenbare muzikale wereld opgebouwd.

Een wereld waarin Amerikaanse rock, nostalgische pop, grote melodieën en een vleugje melancholie voortdurend om voorrang strijden.

Het klinkt alsof Bruce Springsteen op een avond besluit een synthesizer te kopen en vervolgens ontdekt dat de jaren tachtig eigenlijk nooit zijn afgelopen.

Met Blood Brothers kom ik opnieuw in die vertrouwde omgeving terecht.

En dat voelt goed.

Niet omdat ik tegen muzikale vernieuwing ben.

Integendeel.

Maar sommige artiesten hebben een geluid ontwikkeld dat zo herkenbaar is dat je het onmiddellijk zou missen wanneer ze het volledig overboord gooien.

Bij Bleachers draait het om een bijzondere combinatie van energie en emotie.

De muziek kan uitbundig klinken, terwijl er onder de oppervlakte iets weemoedigs blijft hangen.

Alsof je op een geweldig feest staat en plotseling moet denken aan iemand die er niet meer bij is.

Dat contrast heeft Antonoff altijd goed begrepen.

Zijn muziek gaat zelden uitsluitend over vrolijkheid.

Zelfs wanneer de melodieën opgewekt klinken, hangt er vaak een verlangen naar vroeger in de lucht.

En juist dat maakt Bleachers voor mij interessant.

Blood Brothers sluit aan bij die muzikale traditie.

De herkenbare Bleachers-sfeer is terug: warm, melodieus en met een groot gevoel voor emotionele poprock.

Geen afstandelijke experimenten waarbij je na afloop eerst moet opzoeken of de apparatuur wel goed was aangesloten.

Gewoon een liedje dat je tegemoetkomt.

Dat klinkt misschien eenvoudig, maar Antonoff heeft een belangrijk talent.

Hij begrijpt hoe je een popnummer een bijna filmische uitstraling kunt geven zonder dat het onmiddellijk bombastisch wordt.

Zijn beste werk roept beelden op van nachtelijke autoritten, oude vrienden, verloren zomers en herinneringen die achteraf mooier lijken dan ze destijds waren.

Daarmee bevindt Bleachers zich ergens tussen Bruce Springsteen, The War on Drugs en de melodieuze kant van The Killers.

Niet dat Antonoff die artiesten letterlijk nadoet.

Hij heeft inmiddels voldoende eigen karakter ontwikkeld.

En dat is precies waarom ik zo blij ben met die vertrouwde sound.

Je herkent de muzikale handtekening.

Een bepaalde warmte.

Een gevoel van beweging.

En vooral die combinatie van toegankelijkheid en melancholie die niet iedere popartiest overtuigend weet neer te zetten.

Er zit ook iets ontwapenends in zijn muziek.

Bleachers probeert niet voortdurend de meest vernieuwende band ter wereld te zijn.

Antonoff lijkt vooral geïnteresseerd in het maken van nummers die iets oproepen.

Herinneringen.

Gevoelens.

Of gewoon het verlangen om de volumeknop een stukje verder open te draaien.

Dat laatste is overigens goedkoper dan therapie.

Al vermoed ik dat de buren daar anders over denken.

Toch is er een kanttekening.

De vertrouwde Bleachers-sound is tegelijkertijd de grootste kracht en de voornaamste beperking.

Wie Antonoff al jaren volgt, zal niet onmiddellijk worden verrast door zijn muzikale aanpak.

Soms zou ik graag horen dat hij zijn eigen formule iets nadrukkelijker uitdaagt.

Een onverwachte overgang.

Een scherper randje.

Of een moment waarop de muziek ineens een compleet andere richting inslaat.

Niet omdat het noodzakelijk is.

Maar omdat Antonoff daar muzikaal genoeg talent voor heeft.

Toch vind ik het moeilijk om daar lang over te klagen.

Want Blood Brothers doet precies wat ik hoopte.

Het brengt me terug naar het geluid waarvoor ik Bleachers ben gaan waarderen.

En dat is tegenwoordig helemaal niet vanzelfsprekend.

Veel artiesten zijn zo druk bezig zichzelf opnieuw uit te vinden dat ze onderweg vergeten wat hen oorspronkelijk bijzonder maakte.

Jack Antonoff lijkt dat gelukkig niet vergeten.

Soms is thuiskomen interessanter dan opnieuw verhuizen.

En met Blood Brothers zet Bleachers de deur weer wagenwijd open.

Ik kom graag binnen.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 8,5/10

Melodie: ★★★★½
Vertrouwde Bleachers-sound: ★★★★★
Emotie: ★★★★½
Energie: ★★★★½
Originaliteit: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★★★½

Plus: de herkenbare Bleachers-sfeer, sterke melodische uitstraling en de vertrouwde combinatie van nostalgie en energie.

Min: muzikaal had Jack Antonoff zijn eigen formule nog iets meer mogen uitdagen.

Voor liefhebbers van: Bruce Springsteen, The War on Drugs, The Killers en melodieuze Amerikaanse indierock.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★½

Eindoordeel: Blood Brothers laat Bleachers weer klinken zoals ik de band het liefst hoor. Vertrouwd, warm en vol muzikale nostalgie. Jack Antonoff heeft het wiel niet opnieuw uitgevonden. Gelukkig maar. Het oude draaide nog uitstekend. 8,5/10.

https://youtu.be/XTo96UsFBI0?si=hi-y4Hq-E64VCXsE

dinsdag 13 oktober 2026

TROYE SIVAN – FF★★★★½ – 8,5/10



TROYE SIVAN – FF

Gay, glitter en geen enkele behoefte om zich te verontschuldigen.

★★★★½ – 8,5/10

Sommige artiesten maken een videoclip en hopen dat niemand er aanstoot aan neemt. Troye Sivan lijkt vooral te hopen dat de juiste mensen er aanstoot aan nemen. En daar kan ik wel van genieten.

Met FF laat de Australische zanger opnieuw zien dat hij zich niet laat beperken door de verwachtingen van de traditionele popwereld.

En vooral de videoclip valt op.

Dit is een échte gay video.

Niet omdat er ergens voorzichtig een regenboogvlag in beeld verschijnt.

Niet omdat twee mannen elkaar gedurende drie seconden betekenisvol aankijken, waarna de camera snel naar een bloemenvaas draait.

Nee.

Hier mag queer identiteit gewoon zichtbaar zijn.

Zonder verontschuldiging.

Zonder ingewikkelde uitleg.

En zonder dat iemand eerst toestemming hoeft te vragen aan de plaatselijke fatsoenscommissie.

Dat vind ik verfrissend.

Want hoewel homoseksualiteit in de popmuziek tegenwoordig veel zichtbaarder is dan vroeger, blijft er een merkwaardig verschil bestaan tussen wat heteroseksuele artiesten mogen laten zien en wat bij homoseksuele artiesten onmiddellijk discussie oproept.

Een videoclip met schaars geklede vrouwen?

Ach, dat hoort erbij.

Een man die zijn aantrekkingskracht tot andere mannen niet verbergt?

Dan verschijnen de zelfbenoemde bewakers van de beschaving ineens in groten getale.

Blijkbaar is de samenleving bijzonder kwetsbaar zodra twee mannen elkaar aantrekkelijk vinden.

Troye Sivan trekt zich daar gelukkig weinig van aan.

En muzikaal past die onbevangen houding goed bij zijn ontwikkeling.

Hij heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een popartiest die elektronische muziek, dansbare ritmes en een sensuele uitstraling op een herkenbare manier combineert.

Met Rush en Got Me Started liet hij al horen dat queer pop niet voortdurend ernstig of maatschappelijk verantwoord hoeft te zijn.

Je mag ook gewoon plezier hebben.

Dansen.

Flirten.

En een beetje overdrijven.

Bij FF spreekt vooral die vrijheid me aan.

De combinatie van muziek en beeld vormt een uitgesproken popervaring waarin identiteit geen bijzaak is.

En dat maakt de videoclip voor mij interessanter dan een doorsnee verzameling mooie mensen die in een verlaten fabriek staan te bewegen.

Overigens vraag ik me bij dat soort video's altijd af waarom popsterren zo vaak in verlaten fabrieken terechtkomen.

Er zijn toch ook gewoon cafés?

Wat Troye Sivan onderscheidt, is zijn bereidheid om zichtbaar zichzelf te zijn.

Hij hoeft niet voortdurend een groot politiek statement te maken.

Juist de vanzelfsprekendheid is krachtig.

Dat iemand openlijk gay kan zijn, verlangen kan tonen en daar muziek omheen kan maken zonder zich kleiner te maken.

Voor mij is dat een belangrijk onderdeel van moderne popcultuur.

Maar uiteindelijk blijft dit natuurlijk De Alternatieve Muziekman.

En dus moet er ook gewoon naar de muzikale kwaliteit worden gekeken.

Troye Sivan beweegt zich nadrukkelijk richting elektronische, dansbare pop. Dat is niet automatisch mijn favoriete muzikale terrein.

Ik hou doorgaans van iets meer melancholie, spanning en onverwachte wendingen.

De toegankelijkheid van zijn muziek kan soms ten koste gaan van de muzikale verrassing.

Daar zit voor mij ook de belangrijkste beperking.

Een sterke videoclip kan een goed nummer extra uitstraling geven, maar maakt van een gemiddelde compositie nog geen meesterwerk.

Bij FF tilt vooral het totaalplaatje de ervaring naar een hoger niveau.

De combinatie van pop, presentatie en uitgesproken identiteit werkt overtuigend.

En daarvoor verdient Troye Sivan waardering.

Niet omdat hij gay is. Maar omdat hij daar geen seconde ingewikkeld over doet.

Dat is uiteindelijk misschien wel de grootste vooruitgang.

Dat een artiest gewoon zichzelf kan zijn.

Zonder dat iedere videoclip onmiddellijk een maatschappelijk debat hoeft te worden.

Al vermoed ik dat sommige mensen daar toch weer bijzonder veel moeite voor gaan doen.

Die wens ik vooral een rustige avond toe.

Met een kopje thee.

En een andere videoclip.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 8,5/10

Muziek: ★★★★☆
Uitstraling: ★★★★★
Videoclip: ★★★★★
Originaliteit: ★★★★☆
Queer zichtbaarheid: ★★★★★
Herbeluisterbaarheid: ★★★★☆

Plus: een uitgesproken queer presentatie, zelfverzekerde uitstraling en een videoclip die zich niet inhoudt.

Min: muzikaal had het nummer voor mij nog wat meer spanning en verrassende wendingen mogen hebben.

Voor liefhebbers van: Troye Sivan, Years & Years, Robyn en elektronische queer pop.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★☆

Eindoordeel: FF laat Troye Sivan zien als een artiest die zijn identiteit niet verstopt en zijn popmuziek met overtuiging presenteert. De videoclip is een belangrijk onderdeel van de ervaring. Een échte gay video. En gelukkig eentje die nergens toestemming voor lijkt te vragen. 8,5/10.


https://youtu.be/fYaF00OZ69U?si=RAqf2V5TwbKFy-wB