maandag 19 oktober 2026

ALFIE JUKES – LUCY, WHEN YOU WAKE UP★★½ – 5/10



ALFIE JUKES – LUCY, WHEN YOU WAKE UP

Lucy, ga maar lekker slapen. Morgen hopelijk betere muziek.

★★½ – 5/10

Sinds zaterdag heb ik twaalf nieuwe nummers beluisterd. Drie waren goed. De overige negen? Laten we zeggen dat de muzikale oogst behoorlijk tegenviel. En met Lucy, When You Wake Up van Alfie Jukes lijkt het dieptepunt van deze magere verzameling aardig te worden samengevat. Lucy, blijf nog maar even liggen. Misschien brengt morgen iets beters.

Pfff.

Soms vraag ik me af waarom ik mezelf dit iedere dag aandoe.

Natuurlijk weet ik het antwoord.

Omdat ik van muziek hou.

Omdat ik nieuwsgierig ben naar nieuwe artiesten. Omdat er tussen al die middelmatige releases soms ineens een nummer verschijnt dat me volledig weet te raken.

Zoals Beck afgelopen zondag.

Of die prachtige ontdekking van RY X.

Maar voor ieder muzikaal hoogtepunt moet je blijkbaar eerst een behoorlijke hoeveelheid middelmaat verwerken.

En vandaag heet die middelmaat Alfie Jukes.

Wie?

Dat vroeg ik me ook af.

Jukes is een jonge Britse singer-songwriter uit Brighton. Hij heeft inmiddels een flinke aanhang opgebouwd via sociale media en brengt in april 2027 zijn debuutalbum Funny Little Feeling uit.

Met Lucy, When You Wake Up krijgen we alvast een voorproefje.

Het verhaal achter het nummer is overigens bijzonder aardig.

De vader van Alfie werd ooit op slag verliefd op zijn toekomstige vrouw. Er was alleen één probleem: ze had al een vriend.

Dus schreef hij haar een liefdesbrief.

En blijkbaar werkte dat.

Jaren later vond Alfie die brief terug op zolder en besloot hij er een liedje over te schrijven.

Kijk, dat vind ik mooi.

Een persoonlijk verhaal over liefde, toeval en de kleine gebeurtenissen die uiteindelijk een compleet leven kunnen veranderen.

Daar kun je prachtige muziek van maken.

Maar een goed verhaal is nog geen goed liedje.

En precies daar gaat het voor mij mis.

Lucy, When You Wake Up klinkt opgewekt, toegankelijk en behoorlijk radiovriendelijk.

De productie is verzorgd. De zang is prima en het refrein probeert onmiddellijk je aandacht te trekken.

Allemaal keurig.

Maar waar is de verrassing?

De melodie volgt een vertrouwd patroon. De instrumenten doen precies wat je verwacht en de muzikale opbouw lijkt rechtstreeks afkomstig uit het handboek voor moderne Britse indiepop.

Er gebeurt weinig wat ik niet al tientallen keren eerder heb gehoord.

En dat vind ik jammer.

Want het verhaal achter het nummer verdient eigenlijk meer.

Ik hoor een persoonlijke geschiedenis verpakt in een nogal onpersoonlijk popliedje.

De stem van Jukes is aangenaam, maar mist voor mij een uitgesproken karakter.

Hij zingt goed genoeg om op de radio te komen, alleen niet bijzonder genoeg om me werkelijk nieuwsgierig te maken.

En het refrein?

Dat blijft misschien even hangen, maar verdwijnt net zo gemakkelijk weer.

Alsof iemand een aardig melodietje door mijn hoofd laat wandelen zonder dat het van plan is te blijven.

Ik moet denken aan de toegankelijkere kant van Sam Fender en George Ezra.

Maar waar Fender vaak maatschappelijke urgentie en emotionele scherpte toevoegt, blijft Jukes hier vooral aan de oppervlakte.

Alles klinkt vriendelijk.

Misschien wel iets te vriendelijk.

Heb ik dan helemaal niets positiefs te melden?

Jawel.

Het nummer heeft een prettig tempo, de productie is helder en het verhaal over zijn ouders geeft de tekst een sympathieke achtergrond.

Bovendien hoor ik een artiest die duidelijk plezier heeft in wat hij doet.

Daar is niets mis mee.

Maar ik mis een eigen muzikale identiteit.

Een onverwachte wending.

Of gewoon een melodie die me werkelijk weet te raken.

En na twaalf nieuwe nummers, waarvan er negen nauwelijks indruk maakten, begint mijn geduld eerlijk gezegd een beetje op te raken.

Misschien ben ik te kritisch.

Dat zou kunnen.

Maar ik heb inmiddels ook genoeg muziek gehoord om te weten wanneer een nummer werkelijk bijzonder is.

En dat is Lucy, When You Wake Up voor mij niet.

Het is een aardig verhaal met een middelmatig muzikaal resultaat.

Meer kan ik er helaas niet van maken.

Dus Lucy, luister vooral naar je wekker.

Maar blijf wat mij betreft nog even lekker slapen.

Misschien is de muzikale oogst morgen beter.

Want na drie goede nummers op twaalf nieuwe releases wordt het hoog tijd voor een beetje herstel.

De Alternatieve Muziekman gaat ondertussen maar eens zijn oren uitrusten. Die hebben de afgelopen dagen genoeg moeten doorstaan.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★½ – 5/10

Zang: ★★★☆☆
Melodie: ★★½
Productie: ★★★½
Originaliteit: ★★☆☆☆
Tekst en verhaal: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★☆☆☆

Plus: een sympathiek persoonlijk verhaal, verzorgde productie en een aangename uitstraling.

Min: voorspelbare melodie, weinig muzikale verrassingen en onvoldoende eigen karakter.

Voor liefhebbers van: George Ezra, Sam Fender en toegankelijke Britse indiepop.

INDIE TOP 20-potentie: ★★☆☆☆ – Voorlopig geen kandidaat.

Eindoordeel: Alfie Jukes heeft met Lucy, When You Wake Up een mooi familieverhaal omgezet in een vriendelijke, maar weinig verrassende single. Het verhaal is interessanter dan de muziek.

Twaalf nieuwe nummers sinds zaterdag. Drie goede. Negen tegenvallers.

Lucy, slaap maar lekker verder. Ik hoop dat we morgen wakker worden met betere muziek.

5/10 – EEN MAGER VIJFJE

https://youtu.be/jtPTrjUE4j8?si=J79deGnTPneYkTEA

JESSE WILL – SPIRALS★★½ – 5/10



JESSE WILL – SPIRALS

Een engel met gebroken vleugels. En een liedje dat niet wil vliegen.

★★½ – 5/10

Jesse Will? Geen idee wie dat is. Maar dat maakt het ontdekken van nieuwe muziek juist zo leuk. Soms kom je een onbekende artiest tegen die je volledig omver blaast. En soms kom je een nummer tegen waarvan je na afloop denkt: wat heb ik eigenlijk zitten bekijken? Spirals behoort helaas tot die laatste categorie.

En dan heb ik het niet alleen over de muziek.

Want die videoclip!

Verschrikkelijk.

Nu moet ik toegeven dat ik best hou van bijzondere, eigenzinnige videoclips. Van David Bowie tot de merkwaardige fantasiewerelden van Peter Gabriel: kunstenaars mogen van mij behoorlijk ver gaan.

Maar er moet wel iets tegenover staan.

Een goed idee bijvoorbeeld.

Of een verhaal dat me werkelijk raakt.

Bij Spirals zie ik vooral een nogal nadrukkelijke poging om iets diepzinnigs te vertellen.

Een engel met beschadigde vleugels, pijlen in zijn lichaam en een dramatische worsteling met zichzelf.

Het ziet er allemaal behoorlijk zwaar uit.

En eerlijk gezegd voelt het ook zo.

De gedachte achter de videoclip is overigens interessant. Jesse Will gebruikt de engel als symbool voor onverwerkt verdriet en het loslaten van oude pijn.

Daar kan ik me iets bij voorstellen.

Maar een mooi uitgangspunt levert niet automatisch een geslaagd kunstwerk op.

Soms wordt symboliek zo nadrukkelijk dat er weinig ruimte overblijft voor de kijker.

En dat is hier mijn probleem.

De beelden willen me voortdurend vertellen hoe bijzonder, pijnlijk en bevrijdend alles is.

Ik krijg nauwelijks de gelegenheid om dat zelf te ontdekken.

Dan de muziek.

Spirals begint met harpklanken. Een originele keuze, die onmiddellijk een bijzondere sfeer oproept.

Daarna horen we Jesse Will, een Nieuw-Zeelandse singer-songwriter met een rauwe, enigszins breekbare stem.

Zijn zang heeft karakter.

Dat wil ik hem best nageven.

Ook de combinatie van harp, piano en cello is op papier aantrekkelijk.

Het arrangement groeit langzaam naar een grootse ontlading, waarbij Will steeds nadrukkelijker zijn vocale mogelijkheden laat horen.

Maar daar begint mijn twijfel.

Ik hoor vooral een artiest die heel graag wil ontroeren.

En dat is iets anders dan werkelijk ontroeren.

De opbouw is zorgvuldig bedacht, maar voelt voor mij te voorspelbaar. Vanaf het begin weet je eigenlijk al dat het nummer uiteindelijk behoorlijk dramatisch zal uitpakken.

En inderdaad.

Daar komt de vocale uitbarsting.

Daar zwellen de instrumenten aan.

En daar moet ik blijkbaar kippenvel krijgen.

Alleen gebeurt dat niet.

Ik blijf opvallend onbewogen.

Misschien ligt dat aan mijn persoonlijke muzieksmaak. Ik hou immers van emotionele muziek. The Slow Show, Sigur Rós, Sufjan Stevens en Beck kunnen me diep raken.

Maar bij die artiesten ontstaat de emotie voor mijn gevoel vanzelf.

Bij Jesse Will lijkt ze me iets te nadrukkelijk te worden opgedrongen.

Alsof iemand tijdens een verdrietige filmscène naast me zit en voortdurend roept dat ik nu toch echt moet huilen.

Dat werkt bij mij averechts.

Toch is Spirals muzikaal niet waardeloos.

De instrumentatie is verzorgd en Will beschikt over een opvallende stem. Vooral het ingetogen begin vind ik aantrekkelijker dan de grote ontlading aan het einde.

Daar hoor ik mogelijkheden.

Een wat soberder arrangement had het nummer misschien meer kracht gegeven.

Want niet iedere emotie hoeft met een uitroepteken te worden afgesloten.

En niet iedere videoclip over verdriet hoeft eruit te zien alsof de complete hemel naar beneden is gevallen.

Wat me vooral tegenvalt, is de combinatie van muziek en beeld.

De videoclip versterkt voor mij precies wat ik aan het nummer minder geslaagd vind: het overdreven drama.

In plaats van elkaar aan te vullen, maken ze elkaar nog zwaarder.

Dat is jammer.

Want achter alle theatrale gebaren hoor ik wel degelijk een artiest met talent.

Alleen zou ik hem graag eens horen zonder al die nadrukkelijke symboliek.

Gewoon Jesse Will.

Een sterke melodie.

Een goede tekst.

En wat meer ruimte voor de luisteraar.

Spirals is niet mijn ontdekking van het jaar. Eerder een muzikale kennismaking waarbij ik halverwege al naar de uitgang begon te zoeken.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★½ – 5/10

Zang: ★★★½
Melodie: ★★½
Arrangement: ★★★☆☆
Emotionele overtuigingskracht: ★★☆☆☆
Videoclip: ★☆☆☆☆
Herbeluisterbaarheid: ★★☆☆☆

Plus: een karakteristieke stem, originele instrumentatie en een verzorgd arrangement.

Min: overdreven dramatiek, voorspelbare opbouw en een videoclip die voor mij eerder afstoot dan ontroert.

Voor liefhebbers van: Damien Rice, Tom Odell en theatrale singer-songwritermuziek.

INDIE TOP 20-potentie: ★★☆☆☆ – Voorlopig geen kandidaat.

Eindoordeel: Spirals is een ambitieuze single van een artiest met hoorbaar talent. Maar de emotie wordt mij te nadrukkelijk opgedrongen, zowel muzikaal als visueel.

Een engel verliest zijn vleugels. Ik verloor vooral mijn belangstelling.

5/10 – EEN MAGER VIJFJE. 

https://youtu.be/gMi27mudDRU?si=DXLt81kavRI8B6AW

THE SWAYS – ARE WE ALREADY THERE?★★★ – 6,5/10



THE SWAYS – ARE WE ALREADY THERE?

Zijn we er al? Muzikaal nog niet helemaal.

★★★ – 6,5/10

Are We Already There? Oftewel: zijn we er al? Een vraag die kinderen op de achterbank doorgaans stellen wanneer de vakantie nog maar net begonnen is. Bij The Sways betrap ik mezelf op dezelfde gedachte. Want hoewel deze nieuwe single best aangenaam klinkt, vraag ik me halverwege toch af wanneer het werkelijk interessant gaat worden.

Laat ik beginnen met een bekentenis.

The Sways kende ik nauwelijks.

En dat terwijl ik dagelijks nieuwe muziek ontdek. Maar gelukkig zijn er nog altijd bands die zich aan mijn muzikale radar weten te onttrekken.

The Sways is een Amerikaans trio uit Flagstaff, Arizona. De band bestaat uit Kyle Miller, Andrew Tyler en Adam Bruce.

Hun muzikale wereld bestaat uit folkrock, Americana en een flinke dosis nostalgie naar de jaren zeventig.

Dat hoor je onmiddellijk.

Are We Already There? heeft een warme, ontspannen uitstraling. De gitaren klinken vriendelijk, de zang is aangenaam en de meerstemmige harmonieën geven het nummer een vertrouwd karakter.

Alsof iemand een oude plaat uit de kast heeft gehaald, het stof eraf heeft geblazen en heeft besloten dat deze muziek eigenlijk nog helemaal niet verouderd is.

Daar kan ik best van genieten.

Ik hoor iets van America, een vleugje Fleetwood Mac en de toegankelijke folkrock van The Lumineers.

Muziek die zich niet opdringt.

Die gewoon naast je komt zitten en vraagt of je nog koffie wilt.

Sympathiek.

Maar sympathie alleen is niet voldoende voor een hoge beoordeling.

Wat me aanspreekt, is de natuurlijke manier waarop de stemmen en instrumenten samengaan. De band probeert niet voortdurend indruk te maken met een overdreven productie.

Er is ruimte om adem te halen.

En dat waardeer ik.

Zeker in een tijd waarin sommige producers kennelijk denken dat ieder liedje minstens twaalf elektronische effecten nodig heeft om interessant te blijven.

The Sways houdt het overzichtelijk.

Alleen ontbreekt voor mij dat ene bijzondere muzikale idee.

De melodie is aardig, maar niet onvergetelijk.

Het refrein heeft een prettige uitstraling, zonder werkelijk te blijven hangen. Ook de opbouw verloopt tamelijk voorspelbaar.

Ik wacht op een verrassende wending.

Een gitaarpartij die het nummer ineens een andere richting geeft.

Of een vocale harmonie waardoor ik onmiddellijk opnieuw wil luisteren.

Dat moment komt niet.

En dat is jammer.

Want de muzikanten beschikken duidelijk over gevoel voor samenspel en melodie.

Het klinkt nergens onbeholpen.

Integendeel.

Maar ik hoor vooral een band die keurig binnen de grenzen van haar eigen genre blijft.

Misschien ben ik verwend door artiesten als The Paper Kites en Midlake, die met vergelijkbare muzikale ingrediënten soms veel meer emotionele diepgang weten te bereiken.

Bij The Sways blijft het allemaal wat oppervlakkiger.

Niet vervelend.

Maar ook niet bijzonder spannend.

En dan is er de videoclip, geregisseerd door West Webb.

Die past bij de open, ongecompliceerde uitstraling van de muziek. Het geheel voelt als een kennismaking met een band die vooral plezier heeft in samen muziek maken.

Dat is prettig om te zien.

Toch merk ik dat ik na afloop niet onmiddellijk behoefte heb aan een tweede luisterbeurt.

En dat is voor mij een belangrijk criterium.

Een echt goed nummer blijft ergens hangen.

In je hoofd.

Of liever nog: in je gevoel.

Are We Already There? doet dat bij mij onvoldoende.

Maar ik wil ook niet onnodig streng zijn.

Niet iedere nieuwe ontdekking hoeft een meesterwerk op te leveren.

Soms is een liedje gewoon aangenaam gezelschap.

En dat is precies wat The Sways hier biedt.

Een prettige melodie, warme harmonieën en een ontspannen sfeer.

Alleen geen muzikale verrassing.

Zijn we er al?

Bijna.

Maar voor een plaats in de hoogste regionen van mijn INDIE TOP 20 moeten deze Amerikanen nog een stukje verder rijden.

En misschien onderweg eens een onverwachte afslag nemen.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★ – 6,5/10

Zang: ★★★½
Melodie: ★★★☆☆
Harmonieën: ★★★★☆
Arrangement: ★★★½
Originaliteit: ★★½
Herbeluisterbaarheid: ★★★☆☆

Plus: warme samenzang, aangename folkrock en een natuurlijke, ontspannen uitvoering.

Min: voorspelbare opbouw, weinig muzikale verrassingen en een melodie die onvoldoende blijft hangen.

Voor liefhebbers van: America, Fleetwood Mac, The Lumineers en The Paper Kites.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★☆☆ – Een bescheiden kanshebber, maar geen hoogvlieger.

Eindoordeel: The Sways levert met Are We Already There? een sympathieke folkrocksingle af. Prettig om naar te luisteren, maar niet bijzonder genoeg om echt indruk te maken.

De reis is aangenaam. Alleen de bestemming had wat interessanter mogen zijn.



 

WALLNERS – MOVIE STARS★★★ – 6,5/10



Geen Oscar voor het nummer. Wel eentje voor de videoclip!

★★★ – 6,5/10

Wallners? Wie zijn dat nu weer? Ik had werkelijk geen idee. En dat terwijl ik dagelijks nieuwe muziek beluister. Maar gelukkig valt er nog genoeg te ontdekken. Dus zette ik Movie Stars op. Mijn eerste reactie? Best aardig. Niet goed genoeg om onmiddellijk enthousiast te worden, maar ook zeker niet slecht. En toen zag ik de videoclip. Kijk, daar werd ik een stuk vrolijker van!

Wallners blijkt een Oostenrijkse band uit Wenen te zijn, bestaande uit vier broers en zussen: Anna, Laurenz, Max en Nino Wallner.

Vier muzikanten uit één gezin.

Dat lijkt me gezellig tijdens de repetities. Al vermoed ik dat muzikale meningsverschillen aan de keukentafel niet altijd even harmonieus worden opgelost.

In 2025 verscheen hun debuutalbum End of Circles. Met Movie Stars presenteren ze nieuwe muziek.

De band beweegt zich binnen de dreampop, een genre waar ik doorgaans behoorlijk gevoelig voor ben.

Denk aan Still Corners, Mazzy Star en de dromerige kant van London Grammar.

Allemaal artiesten die met weinig middelen een bijzondere sfeer kunnen oproepen.

En dat lukt Wallners ook.

Vooral de stem van Anna Wallner valt onmiddellijk op.

Laag, warm en enigszins mysterieus. Ze zingt zonder overdreven emoties, maar geeft het nummer wel een herkenbaar karakter.

De warme gitaarpartijen zorgen voor een aangename basis. Langzaam krijgt de muziek meer ruimte en ontstaat er een bijna gewichtloze sfeer.

Dat past uitstekend bij het onderwerp.

Movie Stars gaat namelijk over de tegenstelling tussen de hectiek op aarde en de rust van het heelal.

Een interessant uitgangspunt.

Zeker in een tijd waarin beroemdheden soms meer aandacht krijgen voor hun laatste Instagramfoto dan voor hun werk.

Maar muzikaal blijf ik met gemengde gevoelens achter.

Het klinkt allemaal prettig, maar wanneer wordt het echt bijzonder?

De melodie is aardig, alleen niet opvallend genoeg om zich onmiddellijk in mijn geheugen te nestelen.

Het arrangement is verzorgd, maar ik mis een onverwachte wending.

Een moment waarop de muziek me werkelijk weet te verrassen.

Bij Still Corners kan een eenvoudige synthesizerlijn ineens een compleet landschap oproepen.

Bij Wallners blijft dat landschap voorlopig wat mistig.

Mooi om naar te kijken.

Maar ik weet niet of ik er nog een keer naartoe wil.

En dan die videoclip!

Die vind ik werkelijk leuk.

Regisseur Rupert Höller neemt ons mee naar een fantasierijk heelal vol planeten, manen en sterren.

En het bijzondere?

De beelden zijn volledig zonder kunstmatige intelligentie gemaakt.

Geen computer die binnen enkele seconden een compleet sterrenstelsel uit zijn digitale mouw schudt.

Nee, hier zijn de decors daadwerkelijk gebouwd.

Met beschilderde achtergronden, zelfgemaakte planeten en zelfs sterren van papier.

Bovendien is alles opgenomen op 16mm-film.

Heerlijk ouderwets!

Het geeft de videoclip een charmante, bijna sprookjesachtige uitstraling.

Ik moest denken aan oude sciencefictionfilms waarin je soms duidelijk kon zien dat een planeet eigenlijk gewoon een beschilderde bal was.

Maar juist dat maakte die films zo aantrekkelijk.

Niet alles hoeft tegenwoordig digitaal perfect te zijn.

Een beetje fantasie doet wonderen.

En daar hebben de makers van deze videoclip duidelijk genoeg van.

Sterker nog: ik vind de beelden origineler dan de muziek.

Dat is natuurlijk een wat merkwaardig compliment voor een band.

Maar ik bedoel het positief.

Wallners heeft gevoel voor sfeer, maar mag muzikaal best iets meer risico nemen.

De stem van Anna verdient composities met meer spanning en sterkere melodieën.

Want het talent is hoorbaar aanwezig.

Alleen komt het bij Movie Stars nog niet volledig tot zijn recht.

Misschien moet ik hun debuutalbum maar eens beluisteren.

Wie weet ontdek ik daar wel het nummer dat me echt weet te overtuigen.

Voorlopig blijft Movie Stars voor mij een aangename kennismaking.

Niet meer.

Maar ook niet minder.

De videoclip krijgt van mij een Oscar voor de fantasie. Het nummer mag voorlopig tevreden zijn met een bescheiden bijrol.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★ – 6,5/10

Zang: ★★★★☆
Melodie: ★★★☆☆
Arrangement: ★★★½
Originaliteit muziek: ★★★☆☆
Videoclip: ★★★★★
Herbeluisterbaarheid: ★★★☆☆

Plus: de warme stem van Anna Wallner, sfeervolle instrumentatie en een bijzonder creatieve videoclip.

Min: een wat vrijblijvende melodie en te weinig muzikale verrassingen.

Voor liefhebbers van: Still Corners, Mazzy Star, London Grammar en Cigarettes After Sex.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★☆☆ – Misschien een bescheiden notering, maar geen hoogvlieger.

Eindoordeel: Movie Stars is een aardige dreampopsingle van een interessante Oostenrijkse band. De muziek overtuigt me nog niet volledig, maar de videoclip is een klein kunstwerk.

Het nummer krijgt drie sterren. De videoclip vijf. En Wallners? Die mogen van mij nog eens terugkomen.

6,5/10 – DRIE STERREN.

https://youtu.be/rfjx-E_eDlU?si=LcApKUNaqpOAVEU7

zondag 18 oktober 2026

RY X – HOLY WATER★★★★½ – 9/10



RY X – HOLY WATER

Een hemels toetje voor een bewogen muzikale zondag

★★★★½ – 9/10

Ik dacht werkelijk dat mijn muzikale zondag na Beck voorbij was. Eerst moest ik me door het fantasieloze MAMMAMIA van Måneskin worstelen. Daarna volgden het slaapverwekkende Lies van Zach Bryan en Lana Del Rey en het eindeloze gekabbel van Elderbrook. Gelukkig had Beck met zijn prachtige orkestuitvoering van Ride Lonesome mijn dag al gered.

Maar toen kwam RY X.

Een toetje.

En wat voor eentje!

Normaal gesproken heb ik na een uitgebreid muzikaal hoofdgerecht weinig behoefte aan nog iets extra's. Zeker niet wanneer Beck zojuist alle registers van mijn gevoel heeft opengetrokken.

Maar Holy Water blijkt een bijzonder smakelijk nagerecht.

Geen overdadige chocoladetaart met drie lagen slagroom.

Eerder een verfijnd dessert waarvan je na de eerste hap denkt: hier wil ik toch nog even rustig voor gaan zitten.

De Australische singer-songwriter Ry Cuming, beter bekend als RY X, heeft me al vaker weten te raken. Zijn prachtige Berlin en Only behoren tot die liedjes waarin de stilte bijna even belangrijk is als de muziek.

Dat is een bijzondere kwaliteit.

Want veel artiesten proberen indruk te maken door steeds meer instrumenten toe te voegen.

RY X doet vaak precies het tegenovergestelde.

Hij haalt alles weg wat niet noodzakelijk is.

En laat de emotie het werk doen.

Holy Water begint met die herkenbare, breekbare stem.

Zacht, bijna fluisterend.

Alsof hij niet voor een groot publiek zingt, maar voor één persoon die tegenover hem zit.

De begeleiding is subtiel. Akoestische klanken, warme toetsen en een voorzichtig groeiend arrangement geven het nummer een bijna meditatieve sfeer.

Maar saai wordt het nergens.

En dat is precies het verschil met sommige andere nummers die ik vandaag heb gehoord.

Rustige muziek hoeft helemaal niet slaapverwekkend te zijn.

Het gaat erom wat er onder die rust gebeurt.

Bij RY X voel ik voortdurend een emotionele spanning. Zijn stem klinkt kwetsbaar, maar heeft tegelijkertijd een bijzondere intensiteit.

Het nummer gaat over liefde, verbondenheid en de bijna spirituele betekenis van water.

RY X beschrijft water als iets wat niet alleen in de natuur aanwezig is, maar ook in onszelf.

Een mooie gedachte.

Zeker op zondag.

Al hoef je van mij niet onmiddellijk naar de kerk.

Een goede koptelefoon is voldoende.

Wat mij vooral aanspreekt, is de natuurlijke manier waarop de muziek zich ontwikkelt.

Geen overdreven refrein dat plotseling alle aandacht opeist.

Geen elektronische beat die uit het niets verschijnt omdat iemand bang is dat de luisteraar anders afhaakt.

De instrumenten krijgen langzaam meer ruimte, terwijl de zang het emotionele middelpunt blijft.

Ik hoor iets van Bon Iver, de verstilling van Sigur Rós en de warme melancholie van The Slow Show.

Maar RY X heeft inmiddels zo'n herkenbaar geluid dat vergelijkingen eigenlijk nauwelijks nodig zijn.

Hij creëert zijn eigen wereld.

En nodigt je uit om daar een paar minuten in te verblijven.

Heb ik kritiek?

Een klein beetje.

De melodie blijft behoorlijk ingetogen en ik had op sommige momenten graag iets meer muzikale ontwikkeling gehoord.

Een onverwachte wending had het nummer misschien nog indrukwekkender gemaakt.

Maar ik begrijp ook waarom hij daarvoor niet kiest.

De kracht van Holy Water zit juist in de eenvoud.

Bovendien vind ik het bijzonder dat RY X het nummer zelf heeft geschreven en geproduceerd.

Het is de eerste kennismaking met zijn nieuwe album DUSK, dat begin 2027 moet verschijnen.

Als dit de muzikale richting wordt, kijk ik daar nu al naar uit.

Want in een wereld waarin alles steeds sneller, harder en nadrukkelijker moet, is het prettig wanneer een artiest de moed heeft om zacht te blijven.

Holy Water vraagt niet om aandacht.

Het verdient die vanzelf.

En misschien past dat juist zo goed bij deze zondag.

Een dag waarop ik eerst behoorlijk moest mopperen over nieuwe muziek, vervolgens dankzij Beck diep werd geraakt en uiteindelijk bij RY X tot rust kwam.

Dat is toch een mooie afsluiting.

Beck serveerde het indrukwekkende hoofdgerecht. RY X verzorgt het hemelse dessert.

En ik?

Ik blijf nog even zitten.

Want sommige muzikale toetjes zijn veel te lekker om haastig naar binnen te werken.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 9/10

Zang: ★★★★★
Melodie: ★★★★½
Arrangement: ★★★★½
Emotie: ★★★★★
Originaliteit: ★★★★☆
Herbeluisterbaarheid: ★★★★★

Plus: een prachtige kwetsbare stem, subtiele instrumentatie en een bijzondere emotionele intensiteit.

Min: melodisch had het nummer op enkele momenten iets avontuurlijker mogen zijn.

Voor liefhebbers van: Bon Iver, Sigur Rós, The Slow Show, José González en Ólafur Arnalds.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★★ – Een serieuze kandidaat voor de hoogste regionen.

Eindoordeel: Holy Water bewijst dat je geen groot muzikaal spektakel nodig hebt om diepe indruk te maken. RY X kiest voor intimiteit, eenvoud en emotie.

Mijn muzikale zondag begon met ergernis, kreeg dankzij Beck kippenvel en eindigt met RY X in volmaakte rust.

Soms is het toetje bijna net zo lekker als het hoofdgerecht.

9/10 – VIERENHALVE STER.

https://youtu.be/pwWnl0gBKt8?si=MP5qIeye_dkHpGRo