woensdag 4 november 2026

WARHAUS – ONE DAY (LIVE @ LAURENSKERK, ROTTERDAM)★★★★★ – 10/10



WARHAUS – ONE DAY (LIVE @ LAURENSKERK, ROTTERDAM)

Eén piano. Eén stem. Een prachtige kerk. En kippenvel dat maar niet wil verdwijnen.

★★★★★ – 10/10

Soms hoor ik een nummer dat ik al ken, maar dat me in een nieuwe uitvoering ineens veel dieper raakt.

Dat gebeurt bij One Day van Warhaus.

Ik was al enthousiast over het origineel. Die donkere, hypnotiserende sfeer, de elektronische onderlaag en de bijzondere stem van Maarten Devoldere. Het nummer kreeg van mij eerder een negen.

Maar nu is er een liveversie.

En verdorie, wat een verschil!

Geen elektronica. Geen nadrukkelijke beat. Alleen een piano, een stem en een indrukwekkende ruimte.

Warhaus nam deze uitvoering op in de Laurenskerk in Rotterdam, samen met pianist Julien Libeer. Een jeugdvriend van Devoldere en bovendien een klassiek virtuoos.

Dat maakt deze samenwerking extra bijzonder.

Twee muzikanten die elkaar al sinds hun schooltijd kennen, komen jaren later samen in een prachtige kerk om een bestaand nummer volledig opnieuw tot leven te brengen.

En dat hoor je.

Want deze uitvoering voelt niet als zomaar een akoestische versie.

Het is bijna een ander liedje geworden.

Waar het origineel vooral een donkere, elektronische spanning oproept, draait het hier om kwetsbaarheid.

De piano van Julien Libeer klinkt prachtig.

Geen overbodige versieringen, geen muzikale krachtpatserij. Hij speelt met een verfijning waardoor iedere aanslag betekenis lijkt te krijgen.

En dan die stem van Maarten Devoldere.

Wat een ongelooflijk karakter heeft die man toch in zijn stem.

Een beetje Leonard Cohen.

Een vleugje Nick Cave.

En die typische melancholie die Warhaus zo bijzonder maakt.

Devoldere hoeft niet te schreeuwen om indruk te maken.

Juist wanneer hij bijna fluistert, komt de emotie binnen.

De akoestiek van de Laurenskerk doet de rest.

De klanken krijgen ruimte om langzaam weg te sterven. De stiltes worden onderdeel van de muziek.

En dat is misschien wel het mooiste aan deze uitvoering.

Hier durven twee muzikanten stil te zijn.

Dat klinkt eenvoudig, maar het is een kunst die tegenwoordig steeds zeldzamer wordt.

Veel muziek moet voortdurend harder, sneller en voller klinken.

Hier gebeurt precies het tegenovergestelde.

Alles wordt teruggebracht tot de essentie.

En daardoor komt het nummer juist harder binnen.

Ik moet denken aan de meest ingetogen momenten van The Slow Show, aan de melancholie van Nick Cave en aan de emotionele kracht van Fourth of July van Sufjan Stevens.

Muziek die niet alleen je oren bereikt, maar ook iets vanbinnen losmaakt.

En dat is precies wat ik zoek in muziek.

Natuurlijk blijft het origineel bijzonder. Die elektronische sfeer heeft zijn eigen aantrekkingskracht.

Maar deze uitvoering laat iets horen wat ik daarin minder sterk voelde.

De menselijke kwetsbaarheid achter de compositie.

Alsof Devoldere het nummer niet meer zingt voor een publiek, maar rechtstreeks voor één persoon.

En ik mag toevallig meeluisteren.

Mijn oordeel: vijf sterren. Een tien.

Niet omdat alles grootser of spectaculairder klinkt.

Maar omdat het kleiner is geworden.

En daardoor zoveel indrukwekkender.

Warhaus bewees met het origineel dat One Day een prachtig nummer is. In de Laurenskerk bewijst Maarten Devoldere dat een prachtige compositie soms alleen een piano en een beetje stilte nodig heeft om werkelijk onvergetelijk te worden.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★★ – 10/10

Plus: intense zang, schitterend pianospel, prachtige akoestiek en een ontroerende intimiteit.

Min: geen. Soms moet je gewoon erkennen dat iets volledig klopt.

Voor liefhebbers van: Nick Cave, Leonard Cohen, The Slow Show, Sufjan Stevens en de ingetogen kant van Elbow.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★★ – Een absolute kandidaat voor de hoogste positie.

Eindoordeel: Een adembenemende livevertolking waarin Warhaus alle muzikale versiering weglaat en alleen de emotie overblijft.

Het origineel kreeg een negen. Deze uitvoering krijgt een tien. Soms zegt één piano meer dan een complete band.


10/10 – VIJF STERREN.

https://youtu.be/XoneIt-3H1M?si=UgIn0zuS94wPAbLG

CYNDI LAUPER, CYRIL & TONES AND I – TIME AFTER TIME★★☆☆☆ – 4/10



Sommige klassiekers moet je gewoon met rust laten. Waarom moest dit in hemelsnaam een danceplaat worden?

★★☆☆☆ – 4/10

Er zijn van die nummers waar je eigenlijk met je vingers vanaf moet blijven.

Time After Time van Cyndi Lauper is er zo eentje.

Een van de mooiste popballads uit de jaren tachtig. Een liedje dat me na ruim veertig jaar nog altijd weet te raken. Niet door grootse muzikale gebaren, maar juist door de eenvoud.

Die breekbare stem. Die prachtige melodie. Die melancholie.

En dan komt CYRIL met een dancebeat aanzetten.

Waarom?

Werkelijk, waarom?

Samen met Tones And I heeft de Australische producer het nummer opnieuw onder handen genomen. En Cyndi Lauper zelf heeft er zelfs haar goedkeuring aan gegeven.

Dat laatste verbaast me misschien nog wel het meest.

Want wat ooit een prachtig, kwetsbaar liefdesliedje was, klinkt nu alsof iemand heeft besloten dat er tijdens de vrijdagmiddagborrel ook op gedanst moet kunnen worden.

En daar gaat het voor mij volledig mis.

Het origineel uit 1983 heeft iets tijdloos. Lauper zingt met een emotionele overtuiging die nauwelijks te evenaren valt.

Je hoort twijfel.

Verlangen.

Verdriet.

En vooral die bijzondere kwetsbaarheid.

Bij deze nieuwe uitvoering wordt die emotie ondergeschikt gemaakt aan een moderne danceproductie.

De bekende gitaarintro is gelukkig nog aanwezig. Ook de oorspronkelijke stem van Lauper krijgt een plaats.

Maar vervolgens komen de elektronische ritmes, de housebeat en de extra zang van Tones And I.

En langzaam verdwijnt voor mij de magie.

Het is alsof iemand een schilderij van Rembrandt heeft voorzien van knipperende ledlampjes.

Technisch misschien knap.

Maar mooier wordt het er niet van.

Laat ik duidelijk zijn: ik heb niets tegen elektronische muziek.

Integendeel!

Depeche Mode, Pet Shop Boys, Erasure en CHVRCHES behoren tot mijn favorieten.

Maar bij die artiesten versterken de synthesizers de emotie.

Hier heb ik vooral het gevoel dat de emotie plaats moet maken voor de beat.

En dat is een wezenlijk verschil.

Tones And I kan uitstekend zingen. Daar ligt het probleem niet.

Maar haar stem voegt voor mij weinig toe aan wat Cyndi Lauper al zo prachtig wist te vertellen.

En CYRIL?

Die levert een keurige, radiovriendelijke productie af.

Alleen klinkt het allemaal wel erg voorspelbaar.

Een klassieker uit de jaren tachtig, een moderne beat eronder en klaar is de volgende streaminghit.

Misschien werkt het op een dansvloer.

Misschien wordt het zelfs een commerciële hit.

Maar artistiek vind ik het vooral een gemiste kans.

Want een goede bewerking moet iets toevoegen.

Een andere emotie.

Een verrassend arrangement.

Een nieuwe kijk op een vertrouwd liedje.

En dat hoor ik hier nauwelijks.

Mijn oordeel: twee sterren. Een vier.

Niet omdat het slecht geproduceerd is, maar omdat het oorspronkelijke karakter van het nummer vrijwel volledig verloren gaat.

Het meest pijnlijke?

Wanneer ik na afloop de versie uit 1983 opnieuw opzet, hoor ik onmiddellijk wat er ontbreekt.

Gevoel.

En dat is nu juist waar Time After Time altijd om draaide.

Cyndi Lauper maakte een tijdloze klassieker. CYRIL heeft er een danceplaat van gemaakt. Soms is vooruitgang gewoon achteruitgang met een stevigere beat.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★☆☆☆ – 4/10

Plus: de oorspronkelijke stem van Cyndi Lauper en die onverwoestbare melodie.

Min: voorspelbare danceproductie, weinig nieuwe ideeën en vooral het verlies van de oorspronkelijke emotie.

Voor liefhebbers van: commerciële dancepop en moderne remixes van jaren-tachtigklassiekers.

Nederlandse Top 40-potentie: ★★★★☆ – Commercieel kansrijk door de bekende melodie en de toegankelijke productie.

Eindoordeel: Een overbodige dancebewerking van een prachtige klassieker. Technisch verzorgd, maar emotioneel een flinke stap achteruit.

Time After Time? Nee, dank je. Geef mij maar de versie van 1983. Keer op keer.

4/10 – TWEE STERREN.

https://youtu.be/FSSUNiBpoDQ?si=rpNYHJbRlqi74AoO

OPAL ECHO – AMERICAN TABLES★★★☆☆ – 6/10





OPAL ECHO – AMERICAN TABLES

Amerika heeft gestemd. Maar een muzikale Blue Wave blijft voorlopig uit.

★★★☆☆ – 6/10

De verkiezingen zijn achter de rug. Amerika heeft gesproken. Of beter gezegd: Amerika heeft opnieuw tegen zichzelf staan schreeuwen.

En precies op zo'n moment komt Opal Echo voorbij met American Tables.

Kijk, dat is nog eens een toepasselijke timing!

Want Amerika is tegenwoordig een land waarin zelfs de eettafel een politiek slagveld kan worden. Zet een Republikein en een Democraat tegenover elkaar, serveer de aardappelen en wacht rustig tot iemand begint over de verkiezingsuitslag.

Gezellig wordt het waarschijnlijk niet.

En dan verschijnt er een nummer met de titel American Tables.

Toeval? Misschien.

Maar het geeft het liedje in ieder geval een actuele lading.

Alleen is een toepasselijke titel nog geen geweldig nummer.

En daar zit voor mij het probleem.

Ik vind American Tables best aardig. Het is een nummer dat mijn nieuwsgierigheid wekt, maar niet onmiddellijk mijn muzikale hart verovert.

Er is niets mis met een liedje dat rustig zijn verhaal vertelt. Niet iedere artiest hoeft de wereld te veranderen met een overdonderende gitaarpartij of een refrein dat drie dagen in je hoofd blijft hangen.

Maar ik wil wel geraakt worden.

Of verrast.

Of op zijn minst het gevoel krijgen dat ik onmiddellijk opnieuw wil luisteren.

En dat laatste gebeurt hier niet echt.

Misschien zijn mijn verwachtingen ook gewoon te hoog.

Wanneer ik aan muziek over Amerika denk, kom ik al snel terecht bij Bruce Springsteen, R.E.M. of de maatschappelijk betrokken kant van Radiohead.

Artiesten die niet alleen iets vertellen over hun land, maar ook muzikaal een wereld weten op te roepen.

Een wereld vol twijfel, woede, verdriet en soms een klein beetje hoop.

Dat is nogal wat om mee te concurreren.

En ik verwacht natuurlijk niet dat iedere nieuwe artiest onmiddellijk een tweede Born in the U.S.A. of American Idiotschrijft.

Maar een beetje muzikale urgentie mag best.

Een liedje over een verdeeld land hoeft niet zelf zo voorzichtig te blijven.

Wat ik aan American Tables wel waardeer, is dat het onderwerp uitnodigt om verder te denken.

Over mensen die tegenover elkaar staan.

Over politieke verschillen die steeds persoonlijker worden.

En over de vraag of Amerikanen ooit nog gewoon samen aan tafel kunnen zitten zonder elkaar onmiddellijk de maat te nemen.

Dat is een interessant uitgangspunt.

Alleen levert het voor mij nog geen onvergetelijke muzikale ervaring op.

Mijn oordeel: drie sterren. Een zes.

Een aardige ontdekking, maar geen nummer dat ik onmiddellijk naar de hoogste regionen van mijn INDIE TOP 20 stuur.

En die muzikale Blue Wave?

Die blijft voorlopig uit.

Amerika heeft gestemd. Opal Echo heeft een toepasselijke titel. Maar voor een muzikale verkiezingsoverwinning is meer nodig dan een aardig liedje.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★☆☆ – 6/10

Plus: actuele titel, interessant uitgangspunt en ruimte voor maatschappelijke interpretatie.

Min: voor mij onvoldoende overtuigingskracht om werkelijk indruk te maken.

Voor liefhebbers van: maatschappelijk betrokken alternatieve pop en indie.

INDIE TOP 20-potentie: ★★☆☆☆ – Voorlopig geen kandidaat voor de hoogste plaatsen.

Eindoordeel: Een toepasselijke titel in een politiek bewogen week, maar muzikaal geen overtuigende overwinning.

Geen Blue Wave. Hooguit een vriendelijk golfje tegen de Amerikaanse kust.

6/10 – DRIE STERREN.

https://youtu.be/RUrhyG8WgD4?si=Fi6O0IX-WmWPPEZj

ANNIE LENNOX – TAKE ME TO THE RIVER★★★★☆ – 8/10




ANNIE LENNOX – TAKE ME TO THE RIVER

Dinsdag Dave Stewart. Woensdag Annie Lennox. Wat een heerlijke Eurythmics-week!

★★★★☆ – 8/10

Toeval bestaat niet. Of misschien toch wel.

Dinsdag besprak ik nog Cry If You Want To van Dave Stewart. Een aardig nummer, maar eerlijk gezegd vond ik de videoclip leuker dan de muziek. Oma zat onverstoorbaar te breien, de kinderen speelden en niemand had aandacht voor Dave.

En nu, een dag later, duikt Annie Lennox op in mijn muzikale wereld.

Kijk, dan begint mijn oude Eurythmics-hart toch weer sneller te kloppen.

Alleen is er een klein verschil. Dave kwam met nieuw werk, terwijl Annie me terugbrengt naar 1995. Want Take Me to the River staat op haar album Medusa.

Een album waarop ze bestaande nummers volledig naar haar eigen hand zette.

En dat doet ze hier opnieuw.

Het origineel is van Al Green, maar veel muziekliefhebbers kennen vooral de uitvoering van Talking Heads.

En probeer daar maar eens overheen te komen!

David Byrne maakte er een nerveuze, eigenzinnige klassieker van. Een nummer met een onweerstaanbare groove en een bijna ongemakkelijke spanning.

Annie Lennox kiest voor een andere benadering.

Meer soul.

Meer warmte.

En vooral die fantastische stem.

Wat blijft die vrouw toch indrukwekkend zingen.

Er zit iets bijzonders in haar stem. Ze kan krachtig en bijna afstandelijk klinken, maar een paar seconden later hoor je ineens een enorme kwetsbaarheid.

Dat contrast maakte Eurythmics zo interessant.

En dat hoor ik hier opnieuw.

De uitvoering is verzorgd, met een warme, soulvolle sfeer. Lennox probeert niet om David Byrne na te doen. Gelukkig maar.

Ze trekt het nummer naar haar eigen muzikale wereld.

En daarin voel ik ook iets van haar prachtige soloalbum Diva.

Die combinatie van elegantie, melancholie en emotionele overtuiging.

Maar is dit nu de beste uitvoering van Take Me to the River?

Nee, dat vind ik niet.

De versie van Talking Heads heeft meer spanning. Meer eigenzinnigheid. En vooral dat heerlijke gevoel dat de muziek ieder moment uit de bocht kan vliegen.

Bij Annie klinkt alles netter.

Misschien zelfs iets te netjes.

Ik mis af en toe een scherp randje, een onverwachte muzikale uitbarsting of een moment waarop de instrumenten werkelijk losgaan.

Maar daar staat iets tegenover.

Annie Lennox heeft geen muzikale trucjes nodig om indruk te maken.

Die stem vertelt het verhaal.

Over verlangen, liefde en de vreemde dingen die mensen elkaar aandoen.

En wanneer Annie Lennox zo'n tekst zingt, geloof ik haar onmiddellijk.

Dat is misschien wel haar grootste kwaliteit.

Ze maakt muziek persoonlijk zonder overdreven sentimenteel te worden.

En eerlijk gezegd raakt ze me daarmee meer dan Dave Stewart eerder deze week.

Mijn oordeel: vier sterren. Een acht.

Geen revolutionaire cover en zeker geen verbetering van iedere eerdere uitvoering.

Maar wel een prachtige herinnering aan een van de beste zangeressen die de Britse popmuziek heeft voortgebracht.

Dinsdag Dave Stewart. Woensdag Annie Lennox. Dave kreeg van mij een zes. Annie krijgt een acht.

Het is geen wedstrijd, natuurlijk.

Maar als het er toch eentje was, heeft Annie deze week overtuigend gewonnen.

En nu maar hopen dat die twee ooit weer samen de studio induiken. Want sommige muzikale huwelijken blijven bijzonder, zelfs wanneer de partners allang hun eigen weg zijn gegaan.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★☆ – 8/10

Plus: fantastische stem, warme soulvolle uitvoering en veel emotionele overtuiging.

Min: minder spannend en eigenzinnig dan de versie van Talking Heads.

Voor liefhebbers van: Eurythmics, Talking Heads, Al Green, Peter Gabriel en klassieke soul.

Album: Medusa (1995).

Eindoordeel: Annie Lennox geeft een bekende klassieker haar eigen karakter. Geen spectaculaire heruitvinding, maar een prachtige vocale prestatie.

Dave Stewart had dinsdag de leukste videoclip. Annie Lennox heeft woensdag de mooiste stem. En daar kan zelfs oma met haar breiwerk niet tegenop.

https://youtu.be/c5bPqrsCmqg?si=iifj6g-8OtDypLfQ

dinsdag 3 november 2026

DAVE STEWART – CRY IF YOU WANT TO★★★☆☆ – 6/10



DAVE STEWART – CRY IF YOU WANT TO

Dave Stewart speelt, oma breit en niemand luistert. De videoclip is leuker dan het nummer!

★★★☆☆ – 6/10

Dave Stewart. Alleen die naam roept bij mij al herinneringen op aan de gouden jaren van Eurythmics. Samen met Annie Lennox maakte hij fantastische muziek. Sweet Dreams, Here Comes the Rain Again en There Must Be an Angel. Stuk voor stuk klassiekers.

En nu is Stewart terug met Cry If You Want To.

Maar eerlijk gezegd vond ik zijn vorige single, The Way It Was Back Then, een stuk beter.

Het nieuwe nummer klinkt vriendelijk, ontspannen en behoorlijk braaf. De melodie kabbelt rustig voort, maar nergens gebeurt iets waardoor ik werkelijk enthousiast word.

Geen verrassende wending, geen indrukwekkend refrein en vooral weinig muzikale spanning.

Gelukkig is er de videoclip. Want die is werkelijk heerlijk!

Het verhaal achter de video is minstens zo leuk als de beelden zelf.

De videoclip werd opgenomen bij een Eurythmics-fan thuis in Buckinghamshire. Stewart kwam daar oorspronkelijk om een bijzondere verzameling Eurythmics-memorabilia te bekijken.

Maar tijdens dat bezoek ontstond spontaan het idee om er een videoclip op te nemen.

Met familieleden, kinderen, buren en andere aanwezigen.

Geen peperdure filmset, geen professionele figuranten en geen ingewikkeld draaiboek.

Gewoon Dave Stewart die muziek maakt in een huis waar werkelijk niemand op hem zit te wachten.

En dat levert prachtige beelden op.

Stewart staat enthousiast te spelen, maar oma breit onverstoorbaar verder.

De dochter heeft meer belangstelling voor haar telefoon dan voor de wereldberoemde muzikant die vlak voor haar neus staat.

De kinderen spelen gewoon door.

Anderen kijken televisie.

En in de keuken is iedereen druk bezig met zijn eigen bezigheden.

Niemand kijkt op. Niemand lijkt onder de indruk. Dave Stewart? Wie is dat eigenlijk?

En ondertussen speelt hij gewoon verder.

Alsof hij nog altijd in een uitverkochte concertzaal staat.

Ik vind het geweldig.

Een man die samen met Annie Lennox miljoenen platen verkocht, wereldhits schreef en een belangrijke rol speelde in de popgeschiedenis, krijgt in een gewone huiskamer nauwelijks aandacht.

Zelfs oma laat voor Dave Stewart geen steek vallen.

Dat is precies de droge Britse humor waar ik van hou.

Maar er zit ook iets moois achter.

De videoclip laat zien hoe muziek onderdeel kan zijn van het gewone leven. Niet alles hoeft groots, spectaculair of perfect geregisseerd te worden.

En Stewart heeft gelukkig voldoende zelfspot om zichzelf niet voortdurend als de grote ster neer te zetten.

Eigenlijk heeft de videoclip meer persoonlijkheid dan het nummer zelf.

Want muzikaal blijf ik toch een beetje teleurgesteld.

Cry If You Want To is aangenaam, maar ook behoorlijk vrijblijvend. Ik mis de scherpe melodieën, de eigenzinnigheid en de muzikale verrassingen die Stewart zo bijzonder maakten.

Zijn vorige single had meer karakter.

Mijn oordeel: drie sterren. Een zes.

Voor het nummer, welteverstaan.

De videoclip krijgt van mij een dikke negen.

Dave Stewart speelt alsof zijn leven ervan afhangt. Oma breit verder, de kinderen spelen, de televisie staat aan en in de keuken heeft niemand tijd. En ik? Ik heb vooral genoten van alles wat er om de muziek heen gebeurt.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★☆☆ – 6/10

Videoclip: ★★★★½ – 9/10

Plus: heerlijke zelfspot, spontane opnames, droge Britse humor en een ontwapenende videoclip.

Min: een wat vlakke compositie, weinig muzikale spanning en een melodie die nauwelijks blijft hangen.

Voor liefhebbers van: Eurythmics, Bryan Ferry en de rustigere kant van Britse poprock.

Eindoordeel: Een middelmatig nummer met een bijzonder geslaagde videoclip. De beelden hebben precies de humor en eigenzinnigheid die ik in de muziek een beetje mis.

Dave Stewart heeft miljoenen platen verkocht. Maar oma? Die heeft belangrijkere zaken aan haar hoofd.

6/10 – DRIE STERREN.

https://youtu.be/fwydgbBFKg8?si=DaSnQ5G22wAGlvTW