woensdag 19 augustus 2026

Gang of Youths – Things Take Time★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren

6

Gang of Youths – Things Take Time

Toepasselijk voor vandaag: soms moet je gewoon even wachten

Sommige titels vallen precies op het goede moment.

Things Take Time.

Dingen kosten tijd.

Nou, toepasselijker kan het vandaag bijna niet.

Want ook bij Gang of Youths hebben we behoorlijk wat geduld moeten hebben. Sinds het sterke angel in realtime. uit 2022 bleef het, op een kerstsingle na, opvallend stil rond de Australische band.

Vier jaar later wordt die stilte eindelijk serieus doorbroken.

En wat doet Gang of Youths?

Niet terugkomen met een enorme muur van gitaren. Geen bombastische rocksong waarbij na dertig seconden alle versterkers op standje festivalweide staan.

Nee.

Ze gaan swingen.

Things Take Time heeft een opvallend jazzy karakter. Blazers duiken op, strijkers bewegen door het arrangement en daar middenin staat natuurlijk de stem van David Le’aupepe.

Dat werkt verrassend goed.

Le’aupepe heeft sowieso zo'n stem die gemakkelijk boven grote arrangementen kan uitsteken zonder voortdurend te hoeven schreeuwen. Maar hier hoeft hij helemaal niet te vechten tegen de instrumentatie.

Ze voeren bijna een gesprek.

Hij zingt een frase.

De blazers reageren.

De strijkers schuiven ertussen.

Vervolgens beweegt het hele nummer rustig verder.

En dat woord rustig is belangrijk.

Want na de enorme hoeveelheid geweldige nieuwe muziek die deze week voorbijkomt, voelt Things Take Time bijna als een moment waarop iemand zegt:

Ga even zitten.

Koffie erbij.

We hoeven nergens naartoe.

Het nummer heeft een natuurlijke groove die nergens wordt opgedrongen. Je merkt vanzelf dat je met het ritme begint mee te bewegen.

Dat is iets anders dan kabbelen.

Ik heb dat woord de afgelopen tijd nogal vaak gebruikt bij nummers die mooi beginnen, mooi doorgaan en vervolgens ook mooi eindigen zonder onderweg iets interessants te doen.

Hier gebeurt juist voortdurend iets.

Alleen heel ontspannen.

Een blaasinstrument verschijnt. Een strijker verandert de sfeer. Le’aupepe geeft een zin nét een andere kleur. Kleine dingen houden het arrangement levend.

Dat maakt Things Take Time vooral een nummer waar je gemakkelijk in kunt verdwijnen.

En misschien past dat ook perfect bij een band die zo lang niets van zich heeft laten horen.

Gang of Youths hoeft na vier jaar niet onmiddellijk te roepen:

KIJK, WE ZIJN TERUG!

Ze wandelen gewoon rustig de kamer binnen.

En binnen een paar minuten weet je het vanzelf.

De Alternatieve Muziekman zegt

Things Take Time is een verrassend ontspannen terugkeer van Gang of Youths. Swingend, jazzy en rijk gearrangeerd, met prachtig samenspel tussen David Le’aupepe, de blazers en de strijkers.

Geen enorme comeback-single die probeert de afgelopen vier jaar in vijf minuten in te halen.

Gelukkig niet.

De titel zegt eigenlijk alles.

Things Take Time.

Sommige muziek ook.

Laat het nummer maar rustig binnenkomen.

Ga zitten.

Luister.

En voor je het weet ben je mee.

★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren

Cijfer: 9,0/10

Hitpotentie: ⭐⭐⭐☆☆

Arrangement: ⭐⭐⭐⭐⭐

Ontspanningsfactor: ⭐⭐⭐⭐⭐

Na vier jaar stilte had Gang of Youths alle reden om met veel kabaal terug te keren. In plaats daarvan krijgen we blazers, strijkers, jazz en rust. Things Take Time blijkt niet alleen een titel, maar vandaag bijna een levensadvies.


https://youtu.be/tGQGZQMnil8?si=zZtpN1udZs9z2FVT

Beck – Disappearing Act★★★★★ – 5 van de 5 sterren


5

Beck – Disappearing Act

Verkeerde titel: dit nummer mag juist helemaal niet verdwijnen

Wat is er deze week aan de hand?

Normaal gesproken zitten er tussen mijn dagelijkse nieuwe nummers altijd wel één of twee waarvan ik na anderhalve minuut denk: vooruit, volgende. Maar deze week lijkt iemand bij de afdeling nieuwe muziek per ongeluk het vakje kwaliteit permanent te hebben aangevinkt.

Het ene goede nummer volgt het andere op.

En dan komt natuurlijk ook Beck nog even langs.

Disappearing Act.

Alleen die titel klopt al niet.

Want het laatste wat dit nummer van mij mag doen is verdwijnen.

Sterker nog: het is veel te kort.

Dat is meteen mijn grootste kritiek en misschien tegelijkertijd het mooiste compliment. Wanneer Disappearing Actafgelopen is, zit ik nog midden in het nummer. Je verwacht bijna dat er nog een volgende muzikale bocht komt, maar Beck trekt de stekker eruit.

Hé!

Ik was nog niet klaar.

Beck blijft een van die artiesten bij wie je nooit precies weet welke versie er bij de voordeur staat. De man van Loser? De warme melancholie van Sea Change? De speelse funk van Midnite Vultures? Of de rijk gearrangeerde pop van Morning Phase?

Juist die onvoorspelbaarheid maakt hem na al die jaren nog steeds interessant.

Bij Disappearing Act hoor ik opnieuw waarom.

Alles klinkt zorgvuldig, maar nooit steriel. Beck heeft dat zeldzame vermogen om een productie vol kleine details te stoppen zonder dat je het gevoel krijgt dat iemand zes maanden lang achter een computer heeft zitten puzzelen.

Het lied ademt.

En onder al die productie zit iets wat nog belangrijker is: een prachtige melodie.

Daar wordt soms te weinig over gesproken wanneer we Beck experimenteel, eigenzinnig of vernieuwend noemen. De man kan simpelweg ontzettend goede liedjes schrijven.

Disappearing Act bewijst dat opnieuw.

Het nummer probeert je niet met geweld te overtuigen. Het kruipt langzaam naar binnen. Becks stem klinkt ontspannen en de instrumentatie bouwt een wereld om hem heen waarin ik graag nog een paar minuten langer was gebleven.

Daarom is die korte speelduur zo frustrerend.

Nog één couplet.

Nog een instrumentale passage.

Desnoods gewoon zestig seconden extra Beck.

Was dat werkelijk te veel gevraagd?

En dan komen we bij het toekomstige album.

Want mijn verwachtingen beginnen inmiddels gevaarlijke vormen aan te nemen. Als de eerdere nummers en Disappearing Act representatief zijn voor wat Beck aan het maken is, zou hier weleens een heel bijzonder album kunnen aankomen.

Ik ga nog niet roepen dat het album van het jaar wordt. Daarvoor hebben we in 2026 al te veel moois gehoord.

Maar Top 5 van het jaar?

Die mogelijkheid begin ik serieus open te houden.

De Alternatieve Muziekman zegt

Wat een muziekweek. Bijna alles wat voorbijkomt is goed en dan besluit Beck ook nog Disappearing Act af te leveren.

Prachtige melodie, geweldige productie en opnieuw die typische Beck-klasse.

Ik heb eigenlijk maar twee klachten.

De titel is verkeerd.

En:

het nummer is te kort.

Want verdwijnen is precies wat deze plaat níét moet doen.

★★★★★ – 5 van de 5 sterren

Cijfer: 9,6/10

Hitpotentie: ⭐⭐⭐⭐☆

Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐⭐

Verwachting album: ⭐⭐⭐⭐⭐

Als het komende album dit niveau vasthoudt, heeft Beck een probleem veroorzaakt: er moet straks ergens ruimte worden gemaakt in mijn Top 5 Albums van 2026.

https://youtu.be/olrfj0SBU_k?si=4abAA3jFzpoGu3ra

Julia Holter – Materia 2★★★★★ – 5 van de 5 sterren

5

Julia Holter – Materia 2

Tjonge, tjonge… dit is geen liedje meer, dit is hemelse muziek

Soms schrijf ik na een nieuw nummer op wat ik hoor.

Mooie melodie. Goede stem. Interessante productie. Beetje shoegaze. Snufje jaren tachtig. U kent het inmiddels.

En soms komt Julia Holter langs en kan het notitieblok eigenlijk meteen dicht.

Want wat moet je met Materia 2?

Tjonge, tjonge. Wat een hemelse muziek.

Bij haar eerdere My Lost One was ik al blij dat Holter weigerde een standaardliedje te maken. Geen veilige couplet-refrein-couplet-constructie waarmee je na drie minuten precies weet wat er is gebeurd.

Materia 2 gaat nog een stap verder.

Dit voelt nauwelijks als een traditioneel lied.

Het is eerder een muzikale ruimte waarin je wordt neergezet.

Zoek zelf de uitgang maar.

Vanaf de eerste klanken hangt er iets bijna gewichtloos in de muziek. Holters stem lijkt niet simpelweg boven de instrumenten te liggen, maar er dwars doorheen te zweven. Soms dichtbij, vervolgens weer ver weg.

Bijna buitenaards.

En toch voelt het nergens koud.

Integendeel.

Er zit enorm veel warmte in de arrangementen. Klanken komen langzaam op, verdwijnen weer en maken ruimte voor iets anders. Het nummer lijkt voortdurend van vorm te veranderen zonder dat je precies kunt aanwijzen wanneer dat gebeurt.

Dat is knap.

Heel knap.

Bij veel experimentele muziek krijg ik soms het gevoel dat de artiest vooral graag wil laten horen hoe experimenteel hij of zij wel niet is. Dan moet je als luisteraar bijna eerst een gebruiksaanwijzing van twaalf pagina's lezen.

Holter heeft dat niet nodig.

Je hoeft Materia 2 niet te begrijpen.

Je moet het ondergaan.

Goede koptelefoon op.

Volume iets hoger.

Ogen dicht.

En vervolgens maar kijken waar je terechtkomt.

Ik hoor flarden van ambient, avant-pop en droompop. Soms krijgt het iets klassieks, vervolgens bijna iets filmisch. Maar zodra ik denk dat ik het nummer in een bepaald vakje heb gestopt, beweegt het alweer ergens anders naartoe.

Prima.

Laat die vakjes maar zitten.

Het mooiste vind ik dat Materia 2 nergens een enorme climax nodig heeft. Geen drums die plotseling drie keer zo hard worden, geen bombastische uithaal om duidelijk te maken dat we nu ontroerd moeten zijn.

De schoonheid zit juist in de beheersing.

Holter vertrouwt erop dat je blijft luisteren.

En dat doe ik.

Sterker nog: na afloop druk ik onmiddellijk opnieuw op play. Niet omdat ik het refrein nog een keer wil horen, maar omdat ik het gevoel heb dat ik tijdens de eerste luisterbeurt allerlei dingen gemist heb.

Dat is meestal een uitstekend teken.

De Alternatieve Muziekman zegt

Materia 2 van Julia Holter is voor mij nauwelijks gewone popmuziek meer.

Dit is sfeer.

Ruimte.

Stem.

Klank.

En vooral schoonheid.

Misschien wordt dit geen hit. Waarschijnlijk hoor je dit niet vijf keer per dag tussen de verkeersinformatie en een reclame voor goedkope zonnepanelen.

Gelukkig maar.

Sommige muziek verdient stilte eromheen.

★★★★★ – 5 van de 5 sterren

Cijfer: 9,7/10

Hitpotentie: ⭐⭐☆☆☆

Koptelefoonfactor: ⭐⭐⭐⭐⭐

Hemelse-muziekfactor: ⭐⭐⭐⭐⭐

Bij Materia 2 hoef ik niet te vragen waar het refrein blijft. Ik wil vooral dat niemand de komende minuten tegen me praat. Tjonge, tjonge. Soms is muziek gewoon even genoeg


https://youtu.be/spqm6dBMS38?si=I72jqKrGmzWuXmp_

Warhaus – The Baby★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren


5

Warhaus – The Baby

Tjonge, tjonge… een compleet nieuwe weg. Geen vertrouwde Warhaus-sound en tóch onmiskenbaar Warhaus

Je hebt artiesten die bij ieder nieuw album vertellen dat ze "een compleet nieuwe richting" zijn ingeslagen, waarna je op play drukt en denkt: jongens, jullie hebben gewoon een andere snaredrum gebruikt.

En dan heb je Warhaus.

Want bij The Baby gebeurt daadwerkelijk iets.

Mijn eerste reactie?

Tjonge, tjonge… wat ís dit?

De vertrouwde Warhaus-sound lijkt aanvankelijk ergens bij de garderobe te zijn achtergelaten. De warme, donkere en vaak jazzy wereld van Maarten Devoldere is niet verdwenen, maar krijgt gezelschap van elektronica, donkere synthesizers en zelfs een flinke scheut triphop.

En daar moet ik even aan wennen.

Samen met zijn vertrouwde compagnon en producer Jasper Maekelberg kiest Devoldere niet voor de veilige route. The Baby had gemakkelijk opnieuw zo'n stijlvolle, nachtelijke Warhaus-song kunnen worden. Bar open, licht dimmen, sigaret erbij – al mag dat tegenwoordig gelukkig nergens meer – en klaar.

Maar nee.

Dit klinkt eerder alsof diezelfde bar om vier uur 's nachts wordt afgesloten en jij per ongeluk in de kelder bent achtergebleven.

Alleen.

Met vreemde geluiden.

En iemand heeft de deur op slot gedaan.

The Baby is bizar.

En dat bedoel ik positief.

Het nummer begon blijkbaar vanuit het idee van een lullaby, maar een geruststellend slaapliedje is het bepaald niet geworden. Dit is eerder muziek waardoor een baby besluit voorlopig helemaal niet meer te slapen.

De elektronica zorgt voor een dreigende onderlaag. Daarboven blijven gelukkig die typische jazzy elementen aanwezig. Vervolgens verschijnen vreemde vocale klanken die ergens tussen jazz-scat, kreten en een koortsdroom lijken te zweven.

Mooi?

Niet altijd.

Fascinerend?

Absoluut.

En precies daar begint The Baby na meerdere luisterbeurten steeds interessanter te worden.

Dit nummer probeert je niet onmiddellijk te plezieren. Er is geen vriendelijk refrein dat na twintig seconden zegt: kom maar binnen, hier is alles veilig.

Integendeel.

Je moet zelf naar binnen.

En eenmaal binnen blijkt er ontzettend veel te horen. Elektronische lagen, kleine ritmische verschuivingen, jazzy details en Devolderes stem die nog altijd voldoende herkenningspunten biedt.

Want dat is het merkwaardige:

dit klinkt niet als de Warhaus die we gewend zijn, maar het klinkt wél als Warhaus.

Dat is misschien het grootste compliment.

Een artiest verandert pas werkelijk wanneer hij nieuwe muzikale middelen kan gebruiken zonder zijn identiteit kwijt te raken.

En dat lukt hier.

Ik hoor zelfs iets van de donkere, benauwende sfeer die goede triphop zo aantrekkelijk kan maken. Geen retro-oefening richting Massive Attack of Portishead, maar hetzelfde idee dat elektronica niet noodzakelijk bedoeld is om vrolijk op te dansen.

Elektronica kan ook dreigen.

De Alternatieve Muziekman zegt

Met The Baby slaat Warhaus een deur open waarvan ik niet eens wist dat hij in het huis zat.

Geen vertrouwde Warhaus-sound.

Donkere synths. Triphop. Jazz. Vreemde kreten. Een mislukte lullaby die verandert in een nachtelijke koortsdroom.

En toch zit Maarten Devoldere overal in.

Misschien moet ik er nog vijf keer naar luisteren.

Sterker nog: ik wíl er nog vijf keer naar luisteren.

En bij muziek die zo vreemd is, is dat misschien wel het beste teken.

Warhaus is terug.

Maar kennelijk heeft iemand onderweg de route gewijzigd.

★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren

Cijfer: 9,1/10

Hitpotentie: ⭐⭐☆☆☆

Experiment: ⭐⭐⭐⭐⭐

Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐⭐

The Baby is geen comfortabele terugkeer. Het is Warhaus dat midden in de nacht aanbelt, vreemd uit zijn ogen kijkt en zegt: ik heb onderweg iets nieuws ontdekt. Kom even luisteren. En verdomd, na een paar minuten wil je weten waar die reis naartoe gaat.

https://youtu.be/bI_sDCn6YBk?si=3JVv7e1gZLQ-JkN0

dinsdag 18 augustus 2026

Chelsea Wolfe – Seethe★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren

6

Chelsea Wolfe – Seethe

Tjonge, tjonge… vier nummers gehoord en vier keer raak

Wat gebeurt hier?

Het is pas het begin van de week en normaal gesproken zit ik na vier nieuwe nummers minstens één keer naar mijn luidsprekers te kijken met de vraag waarom ik mezelf dit eigenlijk dagelijks aandoe.

Maar vandaag niet.

Vier nieuwe nummers. Vier goede nummers.

En nummer vier is Chelsea Wolfe met Seethe.

Alweer raak.

Tjonge, tjonge. Als dit zo doorgaat, hebben we vrijdag alleen nog maar ellende over. De muziekgoden zijn zelden een hele week zo gul.

Chelsea Wolfe is natuurlijk geen artiest voor wie vrolijk fluitend door het leven gaat. Haar muzikale wereld is donker, broeierig en soms behoorlijk ongemakkelijk. Ze beweegt al jaren tussen gothic, folk, industrial, alternative rock en experimentele muziek.

En Seethe past daar prachtig tussen.

Vanaf de eerste momenten hangt er spanning in de lucht. Geen enorm refrein dat onmiddellijk probeert je aandacht te grijpen, maar een productie die langzaam dichterbij komt.

En dan hoor ik ineens PJ Harvey.

Een beetje.

Niet letterlijk. Wolfe probeert absoluut niet Polly Jean na te doen. Het zit vooral in die rauwheid, de donkere gitaarstructuren en het idee dat een nummer niet voortdurend mooi hoeft te klinken om juist heel mooi te zijn.

Dat vind ik interessant.

Maar ergens hoor ik ook een klein snufje Florence + The Machine.

Alleen zonder het theatrale.

Bij Florence Welch krijg je soms het gevoel dat zelfs het halen van een brood bij de bakker moet worden begeleid door een harp, twaalf dansers en een jurk van zeven meter lang.

Chelsea Wolfe doet het tegenovergestelde.

Zij doet het licht uit.

Zet één lamp in de hoek.

En begint.

Geen grote gebaren nodig.

De stem van Wolfe is daarbij misschien wel haar grootste kracht. Ze kan breekbaar klinken zonder zwak te worden en dreigend zonder te hoeven schreeuwen. Haar zang zweeft soms boven de instrumentatie en verdwijnt vervolgens weer tussen de donkere lagen.

Dat geeft Seethe iets hypnotiserends.

En gelukkig kabbelt het niet.

Dat woord heb ik de afgelopen tijd iets te vaak moeten gebruiken. Mooie stem, mooie productie, mooi liedje en drie minuten later weet ik niet meer wat ik gehoord heb.

Hier gebeurt dat niet.

Seethe heeft rafelranden.

Het schuurt.

Er zit iets onder de oppervlakte waarvan je niet precies weet wanneer het naar buiten komt. Daardoor blijf je luisteren.

Met een koptelefoon wordt het nog interessanter. Kleine geluiden verschijnen op de achtergrond en de productie blijkt veel gelaagder dan tijdens een oppervlakkige eerste luisterbeurt.

Dit is muziek die groeit.

En dan realiseer ik me opnieuw:

dit is vandaag nummer vier.

Vier nieuwe nummers en nog geen echte misser.

Ik vertrouw het niet helemaal.

De Alternatieve Muziekman zegt

Seethe is opnieuw een uitstekend nummer van Chelsea Wolfe. Ik hoor een beetje PJ Harvey, een klein snufje Florence + The Machine, maar dan zonder de theatrale uitbarstingen.

Donker, gelaagd, rauw en spannend.

Precies genoeg melodie om je binnen te halen en genoeg vreemde randjes om ervoor te zorgen dat je blijft.

Vier nummers gehoord. Vier keer goed.

Tjonge, tjonge.

Wat een begin van de week.

★★★★½ – 4,5 van de 5 sterren

Cijfer: 9,2/10

Hitpotentie: ⭐⭐⭐☆☆

Donkerte: ⭐⭐⭐⭐⭐

Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐⭐

Als nummer vier van de dag Chelsea Wolfe is en zelfs die alweer raak schiet, begin ik bijna zenuwachtig te worden. Dit kan onmogelijk de hele week zo doorgaan.

https://youtu.be/J2U1MnwfgPc?si=-Q-aNjQ4SxR60TRv