dinsdag 6 oktober 2026

STEVEN WILSON – ON CHAPEL SLOPE★★★★½ – 9/10



STEVEN WILSON – ON CHAPEL SLOPE

Muziek voor gevorderden. Beginners mogen natuurlijk ook luisteren.

★★★★½ – 9/10

Sommige muziek vraagt om een koptelefoon. Steven Wilson vraagt eigenlijk om een koptelefoon, een comfortabele stoel en een vrije avond.

Welkom bij On Chapel Slope.

Muziek voor gevorderden.

Dat klinkt misschien elitair, alsof je eerst drie albums van King Crimson moet kunnen opnoemen voordat je op play mag drukken.

Onzin natuurlijk.

Iedereen mag naar Steven Wilson luisteren.

Alleen moet je bij hem niet altijd verwachten dat het nummer na twintig seconden zijn visitekaartje afgeeft.

Wilson wil dat je luistert.

En daar begint tegenwoordig bijna het experiment al.

On Chapel Slope ontvouwt zich langzaam. Geluiden komen niet allemaal tegelijk binnen, maar krijgen een plaats. Een instrument duikt op, verdwijnt weer naar achteren en wordt later door een ander detail overgenomen.

Het is muziek waarin ruimte net zo belangrijk is als geluid.

Typisch Wilson.

Hij denkt niet alleen in melodieën en akkoorden, maar in architectuur.

Waar staat een instrument?

Hoe dichtbij klinkt een stem?

Hoe breed mag een synthesizer worden?

Wanneer moet er juist even bijna niets gebeuren?

Met een goede koptelefoon wordt dat heerlijk.

Je hoort kleine details links en rechts verschijnen. Elektronica schuift langs organische instrumenten, terwijl de productie voortdurend diepte houdt.

Steven Wilson produceert niet zozeer een nummer.

Hij richt een complete woning in.

En waarschijnlijk mag je de bank niet zelf verplaatsen.

Toch is On Chapel Slope geen technische demonstratie voor mannen die op verjaardagen enthousiast vertellen hoeveel hun luidsprekerkabel heeft gekost.

Er zit emotie onder.

Dat is belangrijk.

Want progressieve muziek kan soms zo druk bezig zijn met laten horen hoe intelligent ze is, dat iemand vergeet een liedje te schrijven.

Wilson ontsnapt daar meestal aan.

Ook hier.

Onder alle productie, details en muzikale verschuivingen zit melancholie. Een soort afstandelijkheid die toch menselijk blijft.

Dat is precies het gebied waarin Wilson op zijn best is.

Ik hoor natuurlijk iets van zijn Porcupine Tree-verleden, maar ook ambient, artrock, elektronica en progressieve pop. Soms denk ik zelfs even aan Peter Gabriel: niet omdat de muziek hetzelfde klinkt, maar vanwege die obsessieve aandacht voor geluid.

Iedere seconde lijkt bewust geplaatst.

En juist daarom moet je On Chapel Slope vaker horen.

De eerste keer hoor je het nummer.

De tweede keer hoor je de productie.

De derde keer hoor je ineens dat kleine detail waarvan je je afvraagt:

zat dat er gisteren ook al in?

Ja.

Jij luisterde gewoon niet goed genoeg.

Mijn kritiek zit vreemd genoeg precies in die perfectie.

Wilson kan zó zorgvuldig produceren dat ik soms verlang naar iets wat volledig uit de bocht vliegt.

Een lelijke gitaar.

Een fout randje.

Iemand die per ongeluk tegen een microfoonstandaard loopt en Wilson die besluit:

laat maar zitten, we houden hem erin.

Voor een 10 wil ik dat gevaar voelen.

Maar een 9?

Zeker.

Want dit is muziek die de luisteraar niet als een goudvis behandelt.

Geen refrein dat na vijftien seconden drie keer wordt herhaald omdat we anders misschien onze aandacht verliezen.

Steven Wilson zegt eigenlijk:

hier is de muziek. Doe zelf ook even wat moeite.

Prima.

Koptelefoon op.

Telefoon weg.

We beginnen opnieuw.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 9/10

Productie: ★★★★★
Sfeer: ★★★★★
Compositie: ★★★★½
Muzikale details: ★★★★★
Emotie: ★★★★½
Toegankelijkheid: ★★★☆☆
Koptelefoonfactor: ★★★★★+

Plus: fenomenale productie, veel diepte en details en een compositie die na meerdere luisterbeurten blijft groeien.

Min: Wilsons perfectionisme kan soms bijna té gecontroleerd klinken.

Voor liefhebbers van: Porcupine Tree, Peter Gabriel, progressieve artrock, ambient en muziek waarvoor je nog daadwerkelijk moet gaan zitten.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★½

Eindoordeel: On Chapel Slope is inderdaad muziek voor gevorderden. Niet omdat je ervoor gestudeerd moet hebben, maar omdat Steven Wilson ervan uitgaat dat de luisteraar nog aandacht heeft. Iedere luisterbeurt opent weer een andere deur. En achter die deur staat waarschijnlijk nóg een synthesizer. 9/10.

https://youtu.be/EFx6kinYpdI?si=wJPTpzYNf9uBPWQS

L'OBJECTIF – WALKING HOME (FROM THE CITY)★★★★☆ – 8/10




L'OBJECTIF – WALKING HOME (FROM THE CITY)

Geen idee wie jullie zijn. Maar ik ga jullie vanaf nu wel volgen.

★★★★☆ – 8/10

Het leuke aan iedere week nieuwe muziek luisteren?

Je komt regelmatig bands tegen waarvan je werkelijk geen idee hebt.

L'OBJECTIF.

Wie?

Franse naam.

Engelse titel.

Even dacht ik dat ik per ongeluk een nieuwe kunstgalerie in Parijs had aangeklikt.

Maar nee.

Walking Home (From The City).

Play.

En binnen korte tijd gebeurt er iets wat bij nieuwe muziek veel belangrijker is dan onmiddellijk een 9 of 10 uitdelen:

ik word nieuwsgierig.

Dit is leuk.

Niet leuk in de betekenis van: aardig nummer, volgende.

Nee.

Leuk in de betekenis van:

wie zijn dit eigenlijk?

Er zit vanaf het begin beweging in Walking Home (From The City). Gitaar, bas en drums grijpen mooi in elkaar en het geheel heeft die typische Britse indie-uitstraling waarbij een nummer tegelijkertijd nonchalant én zorgvuldig kan klinken.

Dat kunnen Britten goed.

Alsof vier jongens zeggen dat het ze allemaal weinig interesseert, terwijl ze ondertussen drie weken hebben nagedacht over precies die ene gitaarpartij.

De gitaar is voor mij meteen een van de sterkste elementen.

Niet overdreven zwaar.

Geen muur van geluid.

Hij beweegt door het nummer heen, geeft kleine accenten en zorgt ervoor dat de melodie voortdurend vooruit blijft gaan.

Daaronder zit een ritmesectie die precies voldoende spanning toevoegt.

Het resultaat doet me denken aan die prettige hoek van de Britse alternatieve muziek waarin indierock, postpunk en gitaarpop elkaar tegenkomen.

Niet donker genoeg om onmiddellijk de gordijnen dicht te trekken.

Niet vrolijk genoeg om met een ukelele door de stad te gaan lopen.

Precies ertussenin.

En daar zit ik muzikaal graag.

De zang helpt daarbij.

Er zit iets jeugdigs en licht afstandelijks in, zonder dat het ongeïnteresseerd wordt. Het past goed bij de titel: je ziet bijna iemand na een lange avond vanuit de stad naar huis lopen.

Lichten achter je.

Straten worden rustiger.

Gedachten worden juist drukker.

Dat soort sfeer.

En zonder overdreven filmisch te willen doen, maakt L'OBJECTIF daar een klein muzikaal landschap van.

Is het perfect?

Nee.

Voor een 9 wil ik nog meer horen van het eigen gezicht van deze band.

Want Britse indierockbands met goede gitaren zijn er natuurlijk niet bepaald weinig. Je kunt er inmiddels waarschijnlijk een middelgrote Engelse provinciestad volledig mee vullen.

L'OBJECTIF moet dus nog bewijzen waarom juist hún platen over vijf jaar in mijn kast moeten staan.

Maar Walking Home (From The City) heeft iets belangrijks voor elkaar gekregen.

Ik wil het volgende nummer horen.

Dat klinkt misschien als een klein compliment.

Dat is het niet.

Met de hoeveelheid nieuwe muziek die iedere week verschijnt, is nieuwsgierigheid misschien wel de belangrijkste overwinning die een jonge band kan behalen.

Ik kende ze niet.

Ik verwachtte niets.

Ik drukte op play.

En een paar minuten later dacht ik:

deze naam moet ik onthouden.

L'OBJECTIF.

Lastige apostrof.

Makkelijk nummer.

Ik ga ze volgen.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★☆ – 8/10

Gitaar: ★★★★½
Melodie: ★★★★☆
Zang: ★★★★☆
Sfeer: ★★★★½
Originaliteit: ★★★½☆
Nieuwsgierigheidsfactor: ★★★★★

Plus: frisse Britse gitaarmuziek, fijne ritmesectie en een nummer dat onmiddellijk nieuwsgierig maakt naar meer.

Min: het volledig eigen gezicht moet zich nog wat sterker laten horen.

Voor liefhebbers van: Britse indierock, postpunk, janglepop en jonge gitaarbands die melodie belangrijker vinden dan spierballen.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★☆

Eindoordeel: Geen idee wie L'OBJECTIF was voordat ik op play drukte. Een paar minuten later weet ik in ieder geval één ding: deze band ga ik volgen. Walking Home (From The City) is geen wereldschokkende revolutie, maar wel precies het soort onverwachte Britse ontdekking waarvoor ik iedere week nieuwe muziek blijf luisteren. 8/10.

https://youtu.be/_4UghmNHETs?si=kn1cfQE6rlA_LIYK

COMMON PEOPLE – SHAPESHIFT★★★½☆ – 7/10



COMMON PEOPLE – SHAPESHIFT

Tja… een beetje common, hè?

★★★½☆ – 7/10

Een nummer dat Shapeshift heet, moet eigenlijk van gedaante veranderen. Dit nummer trekt vooral een andere jas aan.

Daarmee is het probleem van Common People – Shapeshift eigenlijk meteen samengevat.

Want slecht?

Absoluut niet.

Sterker nog: de eerste indruk is behoorlijk aangenaam.

Een lekker ritme, verzorgde gitaren, een melodie die zonder veel moeite binnenkomt en een productie waar technisch weinig op aan te merken valt.

Maar vervolgens wacht ik.

Kom maar.

Doe iets.

Verander van vorm.

Verras me.

Shapeshift.

Het staat nota bene in de titel.

Maar Common People blijft behoorlijk keurig binnen de lijnen van moderne indiepop en alternatieve poprock.

En dan wordt de bandnaam ineens onbedoeld grappig.

Common People.

Inderdaad.

Een beetje common.

Dat klinkt harder dan ik het bedoel, want er valt genoeg te waarderen. Het nummer heeft een fijne flow en vooral de combinatie van ritme en gitaar zorgt ervoor dat ik niet naar de skipknop verlang.

De zang past goed bij het geheel. Niet overdreven theatraal, niet vol vocale kunstjes, maar functioneel en melodieus.

Alles staat waar het moet staan.

Bas?

Aanwezig.

Gitaar?

Prima.

Refrein?

Check.

Productie?

Keurig.

De muzikale APK is zonder opmerkingen doorstaan.

Alleen koop ik natuurlijk geen plaat omdat de APK in orde is.

Ik wil karakter.

Een kras.

Een deuk.

Desnoods een buitenspiegel die met ducttape vastzit.

Iets.

En precies daar blijft Shapeshift voor mij achter bij de echt goede ontdekkingen.

Bij Jade Street – Spider had ik bijvoorbeeld helemaal geen verwachtingen en hoorde ik ineens die heerlijke jaren-tachtiggitaar die me in de verte aan The Smiths deed denken.

Daar gebeurde iets.

Shapeshift doet vooral heel veel dingen goed.

En goed is een gevaarlijk woord in muziek.

Goed kan namelijk ook betekenen dat je drie nummers later alweer vergeten bent wat je precies gehoord hebt.

Toch schrijf ik Common People zeker niet af.

Integendeel.

Er zit genoeg gevoel voor melodie in om nieuwsgierig te maken naar wat hierna komt. Misschien is dit juist zo'n band die nog één stap moet zetten: minder nadenken over hoe een goed indiepopnummer hoort te klinken en meer zoeken naar wat alleen zij kunnen doen.

Mijn kritiek is dus eigenlijk ook een compliment.

De basis klopt.

Nu de persoonlijkheid nog.

En daarom kom ik op een 7/10.

Niet onvoldoende.

Niet middelmatig.

Gewoon goed.

Maar wanneer je een nummer Shapeshift noemt, verwacht ik minstens dat er muzikaal ergens een arm uit je rug groeit.

Dat gebeurt niet.

Common People blijft uiteindelijk gewoon…

tja.

Een beetje common, hè?


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★½☆ – 7/10

Melodie: ★★★½☆
Gitaar: ★★★★☆
Productie: ★★★★☆
Zang: ★★★½☆
Originaliteit: ★★★☆☆
Verrassing: ★★★☆☆

Plus: prettig tempo, goede productie en voldoende melodie om de aandacht vast te houden.

Min: te veilig en te herkenbaar; de titel Shapeshift belooft meer verandering dan het nummer muzikaal waarmaakt.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★☆☆

Eindoordeel: Shapeshift is een prima indiepopnummer waar eigenlijk weinig mis mee is. En daar zit meteen het probleem. Ik mis dat ene moment waarop Common People ophoudt common te zijn. Voorlopig: lekker genoeg, maar niet bijzonder genoeg. 7/10.

https://youtu.be/LmrbU3CQtLM?si=vCykvt9__m6HkeXj

OZARK HENRY – DREAMER★★★★½ – 9/10



Wie droomt, pakt zijn koffers voor een reis waarvan niemand weet waar ze eindigt.

★★★★½ – 9/10

Wie droomt, pakt zijn koffers voor een reis waarvan niemand weet waar ze eindigt.dank u de eerste zin van dansende beren 

En bij Ozark Henry weet je eigenlijk al helemaal niet waar je terechtkomt.

Gelukkig maar.

Want Piet Goddaer heeft nooit muziek gemaakt voor mensen die vooraf graag een routebeschrijving ontvangen. Zijn beste nummers bewegen ergens tussen pop, elektronica, melancholie en filmmuziek. Je herkent de wereld onmiddellijk, maar de precieze bestemming blijft vaak onduidelijk.

Dreamer past daar prachtig tussen.

Vanaf de eerste seconden hangt er ruimte rond het nummer.

Geen haast.

Geen producer die na twaalf seconden nerveus vraagt wanneer het TikTok-gedeelte begint.

Ozark Henry laat de muziek rustig ontstaan.

Een elektronisch detail hier.

Een melodische laag daar.

Dan die stem.

Goddaer zingt beheerst en bijna kwetsbaar. Hij hoeft niet uit te halen om emotie over te brengen. Sterker nog: juist wanneer hij zich inhoudt, wordt Dreamer interessanter.

Het nummer voelt daardoor als een reis die 's nachts begint.

Buiten is het donker.

De straatverlichting verdwijnt langzaam achter je.

En je hebt geen flauw idee waar je morgenochtend wakker wordt.

Dat filmische heeft Ozark Henry altijd goed gekund.

Hij maakt geen elektronische muziek waarbij de techniek voortdurend staat te zwaaien: kijk eens hoeveel apparatuur wij hebben!

De elektronica dient de sfeer.

Daar hou ik van.

Dreamer heeft bovendien een mooie melancholische ondertoon zonder somber te worden. Dromen betekent hier niet wegvluchten uit de werkelijkheid. Het klinkt eerder als de behoefte om te blijven bewegen wanneer je nog niet weet waarheen.

En muzikaal gebeurt precies hetzelfde.

Het nummer ontvouwt zich langzaam en geeft zijn details niet allemaal bij de eerste luisterbeurt prijs. Met een goede koptelefoon hoor je hoe zorgvuldig de verschillende lagen zijn opgebouwd.

Daarmee raakt Ozark Henry precies een gebied waar ik gevoelig voor ben.

Een beetje Peter Gabriel in de aandacht voor klank.

Een vleug M83 in de ruimtelijkheid.

En vooral heel veel Ozark Henry.

Want Goddaer heeft na al die jaren een belangrijk voordeel:

hij hoeft niemand meer na te doen.

Je hoort binnen korte tijd wie dit is.

Mijn kritiek?

Voor een nummer met de titel Dreamer blijft Goddaer misschien zelfs iets té beheerst.

Ik had ergens in het laatste deel graag één moment gehoord waarop de droom volledig uit zijn voegen barst.

Een onverwachte elektronische golf.

Een enorme strijkerslaag.

Een geluid waarvan je denkt: waar kwam dát ineens vandaan?

Nu blijft alles prachtig binnen de lijnen.

Dat kost hem bij mij de perfecte 10.

Maar een 9 is absoluut verdiend.

Want Dreamer is zo'n nummer dat niet probeert je bij de kraag te grijpen.

Het doet iets veel slimmer.

Het zet de deur open.

Laat een klein beetje licht naar binnen vallen.

En zegt:

kom maar mee.

Waarheen?

Geen idee.

Je bent een dromer.

Je had je koffers al gepakt.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 9/10

Stem: ★★★★½
Melodie: ★★★★½
Productie: ★★★★★
Sfeer: ★★★★★
Emotie: ★★★★½
Droomfactor: ★★★★★

Plus: prachtige ruimtelijke productie, warme zang en die typische filmische melancholie van Ozark Henry.

Min: in het laatste gedeelte had de muziek wat mij betreft nog één keer volledig mogen openbreken.

Voor liefhebbers van: Peter Gabriel, M83, filmische elektronische pop en natuurlijk Ozark Henry zelf.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★★

Eindoordeel: Dreamer bewijst dat Ozark Henry nog altijd bijzonder goed weet hoe je van popmuziek een kleine wereld kunt maken. Wie droomt, pakt zijn koffers voor een reis waarvan niemand weet waar ze eindigt. Met Ozark Henry als reisleider stap ik voorlopig gewoon in. 9/10.

https://youtu.be/VQr5CTOQUs4?si=Xhwr34m_i8U_9PCp

maandag 5 oktober 2026

JADE STREET – SPIDER★★★★☆ – 8/10



JADE STREET – SPIDER

Geen verwachtingen. En dan krijg je ineens dit.

★★★★☆ – 8/10

De beste muzikale verrassingen zijn meestal de bands waarvan je vijf minuten eerder nog nooit had gehoord.

En precies dat gebeurde met Jade Street – Spider.

Geen verwachtingen.

Geen idee wat er ging komen.

Geen persbericht van vier A4’tjes waarin alvast wordt uitgelegd dat we hier te maken hebben met “de belangrijkste nieuwe band van hun generatie”.

Gewoon:

Jade Street – Spider.

Play.

En verdomd.

Dit is leuk.

Dat is misschien wel de fijnste manier om nieuwe muziek te ontdekken. Je verwacht helemaal niets en binnen een halve minuut zit je rechtop.

Gitaar.

Bas.

Een lekker ritme.

En ergens in mijn hoofd gaat onmiddellijk een klein jaren-tachtiglampje branden.

The Smiths.

Niet voluit.

Niet zo dat Morrissey ineens uit de kast springt en vraagt waarom niemand hem heeft uitgenodigd.

Maar in de verte hoor ik het wel.

Vooral in het gitaarwerk zit die lichte, sprankelende beweging die me even aan Johnny Marr doet denken. Geen enorme akkoordenmuur, maar gitaren die om de melodie heen bewegen.

Dat vind ik heerlijk.

Ook de bas krijgt voldoende ruimte en zorgt ervoor dat Spider niet verandert in een nostalgische oefening voor mensen die hun eerste platen nog bij V&D kochten.

Er zit tempo in.

Beweging.

En vooral plezier.

Dat laatste hoor ik tegenwoordig eigenlijk te weinig.

Nieuwe alternatieve muziek moet soms zó serieus klinken dat je na drie nummers spontaan de gordijnen dichtdoet en een afspraak bij de therapeut maakt.

Jade Street doet iets anders.

Spider heeft iets lichts.

Niet oppervlakkig.

Gewoon lekker.

En daar mag muziek óók voor dienen.

De jaren tachtig zijn duidelijk aanwezig. Ik hoor naast The Smiths ook iets van die Britse gitaarpop waarin postpunk langzaam melodieuzer werd. Janglepop, new wave en indie lopen hier prettig door elkaar.

Maar gelukkig voelt het niet als verkleedpartij.

Niemand heeft voor de opname eerst een regenjas uit 1984 bij de kringloop gekocht.

Tenminste, dat hoop ik.

Het nummer klinkt fris genoeg om in 2026 te functioneren.

En juist omdat ik geen enkele verwachting had, komt het extra lekker binnen.

Mijn kritiek?

Die is er.

Want na die sterke eerste indruk wil ik van Jade Street nu vooral horen wat hen écht van andere bands onderscheidt.

De invloed van jaren tachtig-gitaarpop is aantrekkelijk, maar ook herkenbaar. The Smiths hebben inmiddels zoveel muzikale kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen dat Johnny Marr eigenlijk alimentatie zou kunnen vragen.

Voor een 9 wil ik daarom nog één element horen waarvan ik onmiddellijk zeg:

dat is Jade Street.

Een vreemde overgang.

Een onverwachte gitaarlijn.

Een refrein dat me compleet overvalt.

Dat ontbreekt nog een beetje.

Maar wat maakt het uit?

Het is maandag.

Je zet zonder verwachtingen een onbekende band op.

Een paar minuten later staat het volume harder.

En ineens is het begin van de week helemaal niet zo beroerd meer.

Soms hoeft een muzikale verrassing niet groter te zijn dan dat.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★☆ – 8/10

Gitaar: ★★★★½
Melodie: ★★★★☆
Groove: ★★★★☆
Jaren 80-factor: ★★★★½
Eigen gezicht: ★★★½☆
Verrassingsfactor: ★★★★★

Plus: heerlijk fris gitaarwerk, fijne melodie en precies genoeg jaren tachtig zonder stoffig te worden.

Min: Jade Street mag nog iets nadrukkelijker een volledig eigen geluid laten horen.

Ik hoor in de verte: The Smiths, Johnny Marr, janglepop en Britse new wave uit de jaren tachtig.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★☆

Eindoordeel: Ik verwachtte werkelijk niets van Jade Street en Spider. Misschien is dat precies waarom hij zo lekker binnenkomt. Een fijne muzikale verrassing, een vleug The Smiths in de verte en een uitstekend begin van de week. 8/10.


https://youtu.be/RqYz19bMHzo?si=_8zv9E2KHmAwy_dl