maandag 2 november 2026

THE OPPOSITES – KOM NAAR HUIS★★★½☆ – 7/10



THE OPPOSITES – KOM NAAR HUIS

Dertien jaar weggeweest. En nu blijkt thuiskomen ingewikkelder dan gedacht.

★★★½☆ – 7/10

Ik zal het maar meteen zeggen: The Opposites behoren niet bepaald tot de artiesten die dagelijks uit mijn luidsprekers komen. Geef mij maar Editors, Depeche Mode of Radiohead. Maar goede muziek blijft goede muziek. Ook wanneer er Nederlands wordt gerapt.

En soms moet je gewoon je muzikale vooroordelen even bij de voordeur achterlaten.

Want The Opposites zijn terug. En dat doen ze verrassend gevoelig.

Na dertien jaar zonder nieuwe gezamenlijke muziek verschenen Willem de Bruin en Twan van Steenhoven afgelopen zomer opnieuw op het toneel met Feestje Op Mijn Graf.

Een titel die vooral suggereerde dat de heren nog altijd weten hoe je een feestje moet bouwen.

Maar met Kom Naar Huis kiezen ze een andere richting.

Geen uitbundige feestplaat.

Geen stoere borstklopperij.

Maar een liedje over twee mensen die samenleven en elkaar langzaam kwijtraken.

En dat vind ik een interessant onderwerp.

Want eenzaamheid binnen een relatie is misschien nog wel pijnlijker dan alleen zijn.

Je zit samen op de bank.

Je slaapt in hetzelfde bed.

Maar ondertussen zijn jullie emotioneel mijlenver van elkaar verwijderd.

Dat gevoel weten The Opposites behoorlijk overtuigend over te brengen.

De combinatie van een melodieus refrein en de herkenbare raps van Willem en Twan werkt uitstekend.

De productie is toegankelijk, warm en opvallend radiovriendelijk.

Misschien zelfs iets té radiovriendelijk.

Want daar begint mijn kritiek.

Het nummer klinkt aangenaam, maar ook behoorlijk veilig. De beat doet precies wat hij moet doen, het refrein blijft hangen en nergens wordt de luisteraar werkelijk uitgedaagd.

Ik mis een onverwachte muzikale wending.

Een scherp randje.

Iets waardoor ik denk: verdomme, dit had ik niet zien aankomen!

Nu hoor ik vooral twee ervaren muzikanten die uitstekend weten hoe je een toegankelijke Nederlandse hit maakt.

En daar is natuurlijk niets mis mee.

Maar een goed geproduceerd nummer is nog niet automatisch een bijzonder nummer.

Wat mij wel raakt, is de kwetsbaarheid.

The Opposites proberen niet voortdurend grappig, stoer of groter dan het leven te zijn.

Ze laten horen dat een relatie soms langzaam uit elkaar kan vallen zonder dat iemand werkelijk vertrekt.

Dat is een volwassen onderwerp voor een duo dat ooit vooral bekendstond om Broodje Bakpao.

De jongens zijn ouder geworden. Gelukkig hun teksten ook.

Met een speelduur van 2 minuten en 47 seconden is Kom Naar Huis bovendien snel voorbij.

Een extra muzikaal moment had van mij best gemogen.

Toch verdient deze comeback respect.

Want The Opposites laten horen dat ze meer kunnen dan teruggrijpen op oude successen.

Mijn oordeel: drieënhalve ster. Een zeven.

Een sterke, toegankelijke single met een mooi onderwerp en een overtuigend refrein. Alleen mis ik nét dat beetje muzikale lef om er vier sterren van te maken.

The Opposites zijn eindelijk weer thuis. Nu nog een keer de meubels omgooien.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★½☆ – 7/10

Plus: sterke tekst, kwetsbare sfeer, goed refrein en herkenbare chemie tussen Willem en Twan.

Min: iets te veilige productie, weinig muzikale verrassingen en behoorlijk kort.

Voor liefhebbers van: Typhoon, Fresku, De Jeugd van Tegenwoordig en de gevoeligere kant van Nederlandse hiphop.

Nederlandse Top 40-potentie: ★★★★☆ – Een kansrijke radiosingle, al is een grote hit niet vanzelfsprekend.

Eindoordeel: Een volwassen en melodieuze comeback over de eenzaamheid binnen een relatie. Mooi gemaakt, maar muzikaal nét te braaf voor vier sterren.

Samen thuis zijn betekent nog niet dat je elkaar gevonden hebt.

7/10 – DRIEËNHALVE STER.


https://youtu.be/4PZBed_fBtA?si=IAi_QkdlomvD7Y0n


MANNEQUIN FLOWERS – WHITE SILVER★★★★☆ – 8/10




MANNEQUIN FLOWERS – WHITE SILVER

Dromen met je ogen open. En af en toe mag de gitaar best wat harder.

★★★★☆ – 8/10

Er zijn van die bandnamen waarbij ik onmiddellijk nieuwsgierig word. Mannequin Flowers bijvoorbeeld. Klinkt als een vergeten Britse newwaveband uit 1983. Of als een bloemenwinkel waar Robert Smith zijn boeketten bestelt.

En dan verschijnt White Silver.

Een nieuwe single van een jonge band uit Londen die zich beweegt tussen dreampop, shoegaze en alternatieve rock.

Kijk, dan zit je bij mij al behoorlijk goed.

Want ik hou van muziek waarin melancholie en schoonheid elkaar ontmoeten. Waar gitaren niet alleen akkoorden spelen, maar complete landschappen schilderen.

Mannequin Flowers lijkt precies in die wereld thuis te horen.

De band haalt zijn inspiratie uit de dromerige kant van de jaren tachtig en de shoegazebeweging van de jaren negentig.

En daarbij denk ik onmiddellijk aan Cocteau Twins, Slowdive en My Bloody Valentine.

Muziek die niet zozeer een verhaal vertelt, maar vooral een gevoel oproept.

Dat is ook wat me aan White Silver aanspreekt.

De combinatie van zwevende klanken en een wat donkerder alternatief karakter past uitstekend bij mijn muzikale voorkeur.

Het is de tegenstelling die dit soort muziek interessant maakt.

Schoonheid en onrust.

Dromen en werkelijkheid.

Melancholie en energie.

Alsof je op een grijze novembermiddag naar buiten kijkt en ontdekt dat zelfs regen bijzonder mooi kan zijn.

En ja, dat klinkt misschien een beetje romantisch.

Maar soms mag muziek dat gewoon zijn.

Wat ik bij een band als Mannequin Flowers vooral waardeer, is dat ze zich niet lijken te bekommeren om de gebruikelijke popregels.

Niet iedere compositie hoeft binnen twintig seconden een refrein te hebben.

Niet iedere gitaar hoeft perfect schoon te klinken.

En niet iedere zangeres hoeft haar stem voortdurend op de voorgrond te plaatsen.

Juist die mysterieuze sfeer maakt dreampop aantrekkelijk.

Toch zit daar ook een gevaar.

Want een mooie sfeer is nog geen onvergetelijk nummer.

Ik wil uiteindelijk ook een melodie die blijft hangen.

Een muzikale verrassing.

Een moment waarop de gitaren ineens losbarsten en je even uit die aangename droom wakker schudden.

Dat is voor mij het verschil tussen goede shoegaze en werkelijk geweldige shoegaze.

Bij Slowdive of My Bloody Valentine gebeurt dat regelmatig.

Daar wordt schoonheid soms bijna overweldigend.

Mannequin Flowers heeft in ieder geval een interessante muzikale richting gekozen. En met eerdere singles als Collision Course en Six Words bouwt de band langzaam aan een eigen repertoire.

Ik ben vooral benieuwd hoe dat geluid zich verder ontwikkelt.

Want er is in deze muzikale hoek al behoorlijk veel moois gemaakt.

Dan moet je uiteindelijk meer bieden dan alleen een aangename herinnering aan vroeger.

Mijn voorlopige waardering is vier sterren.

Niet omdat Mannequin Flowers het genre opnieuw uitvindt, maar omdat dit precies het soort onafhankelijke muziek is waarvoor ik graag blijf zoeken.

White Silver is een uitnodiging om even te verdwijnen in een andere wereld. En soms is dat op een grijze novemberdag precies wat ik nodig heb.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★☆ – 8/10

Plus: aantrekkelijke combinatie van dreampop, shoegaze en donkere alternatieve rock.

Min: voor een echt meesterwerk mag het muzikale contrast nog uitgesprokener zijn.

Voor liefhebbers van: Slowdive, Cocteau Twins, My Bloody Valentine, Lush en The Cure.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★☆ – Een interessante kandidaat.

Eindoordeel: Een veelbelovende ontdekking uit Londen, met een muzikale wereld waarin melancholie en dromerige gitaren centraal staan.

Mannequin Flowers laat de bloemen bloeien. Gelukkig zijn het geen plastic exemplaren.

8/10 – VIER STERREN.


 

RADIO FREE ALICE – RULE 31★★★½☆ – 7/10




RADIO FREE ALICE – RULE 31

Meteen dat heerlijke gevoel van de jaren tachtig. Maar waarom zakt het halverwege toch een beetje in?

★★★½☆ – 7/10

Soms heb ik aan een paar seconden genoeg. Een gitaar, een ritme, een bepaalde sfeer en ik weet onmiddellijk: dit is muziek voor mij.

Dat gebeurt bij Rule 31 van Radio Free Alice.

Wat een heerlijke binnenkomer!

Ik hoor meteen de invloed van de Britse new wave en postpunk. Die nerveuze gitaren, dat voortstuwende ritme en die licht melancholische zang. Alsof iemand een vergeten plaat uit 1982 heeft opgeduikeld.

En daar heb ik natuurlijk een zwak voor.

Radio Free Alice komt uit Australië, maar muzikaal lijken de heren hun koffers vooral in Engeland te hebben uitgepakt.

Ik hoor The Cure, Echo & The Bunnymen en een vleugje The Smiths.

Ook de vroege Editors schieten door mijn hoofd. Niet vanwege een letterlijke overeenkomst, maar door die combinatie van donkere romantiek en gitaren die voortdurend vooruit willen.

Het mooie is dat Radio Free Alice niet klinkt als een band die de jaren tachtig alleen maar probeert na te spelen.

Er zit jeugdige energie in.

Een zekere onrust.

En vooral het plezier van muzikanten die hun gitaren nog belangrijker vinden dan een perfect gladgestreken productie.

Tot zover niets dan enthousiasme.

Maar dan gebeurt er iets merkwaardigs.

Waar het nummer aanvankelijk onmiddellijk mijn aandacht grijpt, merk ik dat die aandacht gaandeweg verslapt.

Niet omdat Rule 31 plotseling slecht wordt.

Integendeel.

De muzikanten blijven uitstekend spelen en de sfeer blijft overeind.

Maar ik mis een volgende stap.

Een onverwachte wending.

Een refrein dat werkelijk blijft hangen.

Of een gitaarpartij die het nummer ineens naar een hoger niveau tilt.

Het begint als een kleine storm, maar eindigt toch vooral als een stevige bries.

En dat vind ik jammer.

Want de ingrediënten zijn uitstekend.

De zang heeft karakter, de gitaren klinken heerlijk scherp en de ritmesectie zorgt voor voldoende beweging.

Alleen is een goede sfeer nog niet automatisch een geweldig liedje.

Dat verschil hoor ik hier.

Bij The Cure of Echo & The Bunnymen kon een ogenschijnlijk eenvoudig nummer ineens uitgroeien tot iets onvergetelijks.

Radio Free Alice heeft die magie nog niet helemaal te pakken.

Maar de potentie is er absoluut.

En daarom blijf ik nieuwsgierig naar deze band.

Want liever een jonge groep die enthousiast in de muzikale geschiedenis graaft en af en toe een steek laat vallen, dan de zoveelste keurige indieband die nergens risico neemt.

Rule 31 verdient van mij drieënhalve ster.

Een ruime voldoende.

Met een veelbelovend begin, een heerlijke postpunksfeer en net iets te weinig overtuiging om me volledig omver te blazen.

Radio Free Alice opent de deur naar 1982. Ik stap enthousiast naar binnen, maar halverwege vraag ik me af waar het feestje gebleven is.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★½☆ – 7/10

Plus: sterke opening, scherpe gitaren, fijne newwavesfeer en karaktervolle zang.

Min: het nummer verliest onderweg wat spanning en mist een echt onvergetelijk moment.

Voor liefhebbers van: The Cure, Echo & The Bunnymen, The Smiths en vroege Editors.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★☆☆ – Kans op een bescheiden notering.

Eindoordeel: Een veelbelovend postpunknummer dat direct overtuigt, maar zijn sterke opening niet helemaal weet vast te houden.

Meteen raak. En daarna? Dan kakt het helaas een beetje in.

7/10 – DRIEËNHALVE STER.

https://youtu.be/l2qgnDweChE?si=8EnKLFAiNVH276NN

BLEECH 9:3 – LULLABY★★★★½ – 9/10




BLEECH 9:3 – LULLABY

The Cure door de mangel gehaald. En waarom hoor ik ineens Radiohead?

★★★★½ – 9/10

Soms hoor ik een nummer en denk ik onmiddellijk: Radiohead! Dat gebeurde bij Lullaby van Bleech 9:3. Die beklemmende sfeer, die onrustige ondertoon en vooral dat gevoel dat er ieder moment iets verschrikkelijks kan gebeuren.

En dan ontdek ik dat het een cover is van The Cure!

Kijk, dan heb je mijn aandacht helemaal.

Want Lullaby uit 1989 behoort tot de meest fascinerende nummers van Robert Smith en zijn muzikale kompanen. Een duister sprookje waarin de angst langzaam onder je huid kruipt.

En Bleech 9:3 maakt het bepaald niet gezelliger.

De Ierse band kiest voor een rauwere, beklemmende benadering. De dreiging staat centraal en de muziek krijgt een bijna claustrofobisch karakter.

Waar The Cure de angst verpakte in een hypnotiserend ritme, hoor ik bij Bleech 9:3 vooral de nerveuze spanning van alternatieve rock.

En daar komt voor mij Radiohead om de hoek kijken.

Niet de toegankelijke Radiohead van High and Dry, maar de vervreemdende wereld van Climbing Up the Walls.

Diezelfde muzikale onrust.

Dat gevoel van dreiging.

Alsof Thom Yorke en Robert Smith samen een nachtmerrie hebben geschreven.

En eerlijk gezegd vind ik dat een bijzonder aantrekkelijke gedachte.

Bleech 9:3 is een jonge band uit Dublin, met een geluid waarin grunge, postpunk en alternatieve rock samenkomen.

De muzikanten hebben bovendien een bewogen verleden. Hun persoonlijke ervaringen met verslaving en herstel spelen een belangrijke rol in hun eigen muziek.

Misschien verklaart dat waarom ze zo overtuigend met donkere emoties omgaan.

Want Lullaby klinkt hier niet als een verplicht eerbetoon aan een beroemde band.

Het voelt als een nummer dat ze zich werkelijk eigen proberen te maken.

En dat is precies wat een goede cover moet doen.

Niet slaafs het origineel naspelen.

Maar een andere deur openen naar hetzelfde verhaal.

De donkere sfeer blijft behouden, terwijl de rauwere benadering een nieuwe spanning toevoegt.

Wat ik vooral sterk vind, is dat de band de dreiging niet probeert te verbergen achter een mooie productie.

Het mag schuren.

Het mag ongemakkelijk zijn.

En het hoeft vooral niet gezellig te worden.

Gelukkig maar.

Want een vriendelijk slaapliedje zou hier behoorlijk misplaatst zijn.

Heb ik ook kritiek?

Een klein beetje.

Het origineel van The Cure heeft een bijna onweerstaanbare, sluipende groove. Die subtiele elegantie blijft voor mij moeilijk te evenaren.

En soms had ik graag nog iets meer muzikale verrassing gehoord.

Maar dat neemt niet weg dat Bleech 9:3 een bijzonder overtuigende interpretatie aflevert.

Een negen.

Want deze band bewijst dat je een klassieker opnieuw kunt opnemen zonder dat het een overbodige kopie wordt.

En ik ben meteen nieuwsgierig naar hun aangekondigde debuutalbum Bleed.

Ik begon met Radiohead in mijn hoofd. Ik eindigde bij The Cure. En ergens daartussen ontdekte ik een bijzonder interessante nieuwe band.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 9/10

Plus: beklemmende sfeer, rauwe intensiteit en een overtuigende nieuwe interpretatie.

Min: de hypnotiserende elegantie van het origineel blijft onovertroffen.

Voor liefhebbers van: Radiohead, The Cure, Deftones, Nirvana en Wunderhorse.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★★ – Een serieuze kandidaat voor de top 5.

Eindoordeel: Een duistere, spannende cover waarin Bleech 9:3 een klassieker van The Cure naar zijn eigen muzikale wereld trekt.

The Cure schreef een nachtmerrie. Bleech 9:3 doet het licht uit en vertelt hem opnieuw.

9/10 – VIERENHALVE STER.

https://youtu.be/1NlTBwrIl3Y?si=KeYSOf00Ugszm0ZS

zondag 1 november 2026

THE SPOILED – WHITE HORSES★★★★½ – 9/10



THE SPOILED – WHITE HORSES

Meteen BAM! En na 2 minuten en 38 seconden is het alweer voorbij. Verdorie!

★★★★½ – 9/10

Soms heb ik maar een paar seconden nodig om te weten dat een nummer precies in mijn muzikale straatje past. Geen lange introductie, geen voorzichtig aftasten en vooral geen muzikanten die eerst drie minuten nodig hebben om hun instrumenten voor te stellen.

Nee. Meteen BAM!

Dat gebeurt bij White Horses van The Spoiled.

Wat een heerlijke binnenkomer!

Die donkere elektronica, dat voortstuwende ritme en die heerlijke postpunksfeer. Ik ben onmiddellijk verkocht.

En dan, na amper 2 minuten en 38 seconden, is het alweer afgelopen.

Pardon?

We waren toch net begonnen?

The Spoiled komt uit Italië en is het muzikale project van Giovanni Santolla. De band beweegt zich ergens tussen postpunk, coldwave en darkwave.

Precies het soort muziek waar ik een bijzonder zwak voor heb.

Ik hoor The Cure, een flinke dosis Clan of Xymox en de donkere elektronische kant van Depeche Mode.

Maar ook iets van Editors en het hypnotiserende karakter van She Past Away.

De synthesizers zorgen voor een dreigende onderlaag, terwijl het ritme de muziek voortdurend vooruitduwt.

En dat vind ik heerlijk.

Geen ingewikkelde muzikale constructies.

Gewoon een sterke sfeer en een onweerstaanbare energie.

De zang past uitstekend bij dat donkere karakter. Afstandelijk, een beetje mysterieus en vooral nergens overdreven dramatisch.

Het klinkt alsof de jaren tachtig nooit zijn afgelopen.

Maar gelukkig ook niet alsof iemand een oude cassette uit 1983 heeft gevonden en die opnieuw heeft uitgebracht.

The Spoiled geeft de vertrouwde darkwavesound voldoende moderne kracht.

Wat me vooral aanspreekt, is de directheid.

Het nummer grijpt je onmiddellijk vast.

Geen uitgebreide opbouw.

Geen overbodige instrumentale passages.

En voordat je goed en wel beseft hoe lekker het klinkt, is het voorbij.

En daar zit meteen mijn grootste kritiekpunt.

Waarom zo kort?

Ik had graag nog een extra instrumentale passage gehoord. Een langere elektronische ontlading. Of gewoon een minuut extra om heerlijk in die donkere sfeer te blijven hangen.

Want White Horses heeft alles in zich om uit te groeien tot een fantastische clubtrack.

Nu voelt het alsof iemand midden op de dansvloer plotseling het licht aandoet.

Heren, we waren nog niet klaar!

Maar misschien is dat ook de kracht van het nummer.

Het laat je achter met het verlangen om onmiddellijk opnieuw op afspelen te drukken.

En dat doe ik dus ook.

Een keer.

Nog een keer.

En vooruit, nog eentje.

Een negen.

Want The Spoiled laat horen dat je geen vijf minuten nodig hebt om indruk te maken.

Soms zijn een stevige beat, donkere synthesizers en een sterke melodie voldoende.

White Horses komt binnen als een storm, raast door mijn hoofd en verdwijnt voordat ik goed en wel mijn jas heb uitgedaan.

En eerlijk gezegd?

Ik wil onmiddellijk opnieuw.


DE ALTERNATIEVE MUZIEKMAN

★★★★½ – 9/10

Plus: geweldige binnenkomer, donkere synthesizers, opzwepend ritme en heerlijke jaren-tachtigsfeer.

Min: met 2:38 veel te kort!

Voor liefhebbers van: The Cure, Clan of Xymox, Depeche Mode, Editors en She Past Away.

INDIE TOP 20-potentie: ★★★★★ – Een serieuze kandidaat voor de top 5.

Eindoordeel: Een onweerstaanbaar darkwavenummer dat onmiddellijk overtuigt, maar veel te snel afgelopen is.

Meteen BAM! En na 2:38 is het voorbij. Gelukkig bestaat de herhaalknop.

9/10 – VIERENHALVE STER.

https://youtu.be/tAEES2uiR7c?si=0jIZZBI1FnfoR6gK