Sommige optredens luister je.
Deze kijk je.
Sterker nog: het nummer ken je al, maar je blijft hangen voor één ding:
Samuel T. Herring z’n dansmoves.
Want laten we eerlijk zijn — muzikaal is Seasons gewoon een prima synthpopliedje. Leuke baslijn, fijne hook, beetje melancholie, beetje 80’s gevoel. Niks mis mee. Gewoon degelijk.
Maar live bij Jools Holland verandert het ineens in… een soort bezeten fitnessles.
Herring staat daar niet te zingen.
Die valt het nummer aan.
Binnen dertig seconden: zweten. Springen. Knieën omhoog. Rare armbewegingen alsof hij tegelijk bokst en een mug probeert te slaan. Je verwacht elk moment dat iemand van de BBC roept: “meneer, dit is een studio, geen crossfit”.
En toch… het werkt.
Want die man meent het.
Geen ironie. Geen pose. Geen “kijk mij indie cool zijn”. Gewoon 200% emotie. Hij zingt alsof z’n leven ervan afhangt. Schreeuwt, gromt, smijt zichzelf over het podium. Het is half soulzanger, half dronken oom op een bruiloft — en dat bedoel ik als compliment.
De band blijft ondertussen stoïcijns doorspelen. Synths strak. Bas groovy. Alles netjes. Alsof ze denken: laat hem maar, hij komt zo wel terug.
Dat contrast maakt het goud.
Het nummer zelf? Catchy als de pest. Dat refrein blijft weken hangen. Niet ingewikkeld, gewoon goed geschreven pop. Daarom werkt het ook zo live: iedereen kan meteen mee.
Maar eerlijk is eerlijk: zonder Herring was dit “gewoon een leuke track”.
Met Herring is het legendarische tv.
Hitpotentie? Enorm.
Entertainmentwaarde? Nog groter.
★★★★★
Cijfer: 8,9
Hitpotentie: 9,0
Goed liedje. Geweldige performance. En die dansmoves? Alsof je favoriete buurman ineens bezeten raakt door soul. Je kunt niet wegkijken. En dat wil je ook niet.