Er zijn van die bands waarvan je binnen drie seconden weet: ja hoor, daar zijn ze weer. Daughtry is zo’n band. Geen mysterie, geen subtiele opbouw, geen kunstzinnige omweg. Gewoon: gitaar open, drums erop, stem vol in je gezicht. ANTIDOTE doet precies dat.
En eerlijk? Dat is ergens ook verfrissend.
Het nummer begint alsof iemand per ongeluk een stadion heeft aangezet. Grote gitaren, dikke productie, alles maximaal. Chris Daughtry zingt alsof hij persoonlijk een orkaan probeert te overstemmen. Die man heeft nog steeds een strot waar je een flatgebouw mee kunt omblazen. Technisch? Onberispelijk. Subtiel? Absoluut niet.
De tekst zit in het bekende straatje: pijn, strijd, genezing, jij bent mijn redding, ik heb een tegengif nodig. Het woord antidote wordt ongeveer net zo vaak gebruikt als je verwacht. Het is allemaal niet ingewikkeld, maar wel effectief. Dit is rockmuziek die je niet hoeft te ontleden. Gewoon meebrullen en klaar.
Muzikaal is het strak geproduceerd. Misschien té strak. Alles klinkt gepolijst, radiovriendelijk, bijna steriel. Je mist soms dat randje gevaar. Dit is rock met een veiligheidshesje. Maar goed — dat is al jaren het Daughtry-recept.
Het refrein is groot. Heel groot. Zo’n refrein waarvan je nu al weet dat het live werkt. Handen in de lucht, lampjes aan, iemand filmt het half vals zingend. Hitpotentie? Zeker weten.
Is het vernieuwend? Nee. Is het degelijk vakwerk? Absoluut. Dit is comfortfood voor rockliefhebbers. Geen haute cuisine, maar een stevige burger waar je stiekem best zin in hebt.
Cijfer: 7,4
Sterren: ★★★☆☆
Hitpotentie: 8,2
Luid, groot en ongegeneerd melodramatisch. Geen medicijn tegen alles — maar als stadionrock-antidote werkt het prima
Geen opmerkingen:
Een reactie posten