Je hoort twee seconden Blue Flame en je weet het al: dit is Temples. Geen twijfel mogelijk. Alsof iemand een tijdmachine heeft gebouwd, maar halverwege dacht: “We stoppen ergens tussen 1969 en een hippe vintage winkel in Londen.”
En eerlijk? Dat doen ze nog steeds verdomd goed.
Vanaf de eerste tonen zit je in die psychedelische bubbel. Gitaren die niet recht vooruit gaan maar alle kanten op zweven, synths die doen alsof ze net uit een lava lamp zijn gekropen en een productie die zo warm is dat je er bijna je handen aan kunt opwarmen. Alles klopt binnen hun wereld.
De vocalen van James Bagshaw hangen er weer mooi boven. Licht afstandelijk, een beetje dromerig, alsof hij zelf ook niet helemaal zeker weet waar hij is — maar het wel prima vindt. Geen grote uithalen, geen drama. Gewoon meegaan in de flow.
Het nummer bouwt lekker op zonder ooit echt te ontploffen. Dit is geen rockanthem, dit is een trip. Je stapt erin, laat je meenemen en voor je het weet ben je drie minuten verder zonder dat je precies weet wat er gebeurd is. Maar het voelde goed, dus je blijft zitten.
En ja, daar komt het bekende probleem: het is weer Temples die Temples doet. Geen verrassingen, geen nieuwe richting. Dit had ook op hun vorige platen kunnen staan. En de plaat daarvoor. En die daarvoor. Maar goed — als je dit niveau haalt, wie zijn wij om te klagen?
Wat Blue Flame vooral doet, is sfeer neerzetten. En dat doet het sterk. Je ziet het bijna voor je: gekleurde lichten, trage bewegingen, een beetje verdwalen in je eigen hoofd. Het is cliché, maar dan goed uitgevoerd.
Is het vernieuwend? Nee.
Is het herkenbaar? Pijnlijk precies.
Is het lekker? Absoluut.
Eindoordeel:
★★★★☆
Cijfer: 8,1
Hitpotentie: 7,2
Geen nieuwe vlam, wel eentje die nog steeds mooi blijft branden. 🔵🔥
Geen opmerkingen:
Een reactie posten