Er zijn artiesten die je meteen begrijpt. En er is Aldous Harding. Dat is geen artiest, dat is een raadsel met een gitaar. Train On The Island klinkt alsof iemand een verhaal vertelt dat ze zelf ook niet helemaal wil uitleggen. En jij zit daar dan bij, knikkend alsof je het snapt. Terwijl je denkt: wat gebeurt hier eigenlijk?
Vanaf de eerste seconden voel je het al: dit wordt geen standaard folknummer. De melodie schuurt, de structuur lijkt zich nergens iets van aan te trekken en de sfeer is… ja, hoe noem je dat? Licht ongemakkelijk. Alsof je een kamer binnenloopt waar iedereen nét iets te stil wordt.
Haar stem is het middelpunt. Niet per se mooi in de klassieke zin, maar wel fascinerend. Ze speelt ermee, buigt woorden, trekt zinnen uit elkaar alsof ze van rubber zijn. Het is bijna theatraal, maar zonder dat het een trucje wordt. Je blijft luisteren, al is het maar om te begrijpen wat ze nu weer gaat doen.
Muzikaal blijft het minimalistisch. Een paar instrumenten, veel ruimte, en een productie die bewust niks dichtplamuurt. Alles mag ademen. En dat zorgt ervoor dat elk detail opvalt. Elk tikje, elke pauze, elke kleine afwijking. Dit is muziek die niet op de achtergrond wil bestaan. Dit vraagt aandacht — en een beetje geduld.
En ja, dat maakt het ook lastig. Dit is geen nummer dat je “even” opzet. Het is geen meezinger, geen hitmachine. Het is eerder een ervaring. Eentje waar je in moet stappen. Doe je dat niet, dan ben je het na een minuut kwijt.
Maar als je blijft… dan gebeurt er iets. Dan begint het te klikken. Niet volledig, nooit volledig — maar genoeg om je nieuwsgierig te houden. En dat is misschien wel de grootste kracht van Aldous Harding: ze geeft je nooit alles, maar altijd genoeg.
Is het toegankelijk? Nee.
Is het intrigerend? Absoluut.
Is het soms een beetje vermoeiend? Ook ja.
Maar saai? Dat woord komt hier niet eens in de buurt.
Eindoordeel:
★★★★☆
Cijfer: 8,3
Hitpotentie: 6,3
Geen trein die je begrijpt, wel eentje waar je toch op blijft zitten. En dat zegt genoeg.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten