maandag 21 september 2026

Rhye –Sometimes★★★☆☆ – 3/5

https://youtu.be/LYJngocpS2c?si=YGymNiLnjozp3KVU



Rhye – Sometimes

Mooi, zacht, smaakvol… en ondertussen kijk ik toch een beetje op de klok

Tja.

Soms is dat eigenlijk al een complete recensie.

Sometimes van Rhye is namelijk absoluut niet slecht. Integendeel. Alles klinkt verzorgd, warm en stijlvol. Maar na drie minuten blijft bij mij vooral de vraag hangen:

wanneer gaat er iets gebeuren?

Rhye is inmiddels het muzikale project rond Michael Milosh, die al jaren grossiert in zachte elektronica, soul, R&B en fluisterende vocalen. Sometimes past daar keurig tussen. De single verscheen op 17 september en volgt op eerder 2026-werk als Summer Song, de JOY-EP en Close Your Mouth.

En meteen bij de eerste seconden zit je weer in die typische Rhye-wereld.

Een zachte beat. Warme toetsen. Een bas die vooral niemand wil laten schrikken. Daarboven die hoge, bijna gewichtloze stem van Milosh.

Het klinkt allemaal prachtig.

Misschien wel té prachtig.

De productie is namelijk zo glad en beheerst dat ik nergens een rafelrand kan vinden. De drums houden zich keurig aan hun opdracht, de toetsen leggen een zacht tapijt neer en de zang zweeft daar probleemloos overheen.

Maar juist daardoor kabbelt het.

Ik wacht op een instrument dat ineens tegen de richting in gaat. Een onverwachte baslijn. Een synthesizer die de rust verstoort. Een akkoord dat even schuurt. Desnoods iemand die achter in de studio per ongeluk een stoel omgooit.

Iets.

Want goede rustige muziek hoeft helemaal niet saai te zijn. Kijk naar The xx, London Grammar, Cigarettes After Sex of zelfs Air op hun meest ingetogen momenten. Daar kan één basnoot, stilte of vreemd geluid ineens spanning veroorzaken.

Bij Sometimes mis ik dat.

Het nummer begint mooi, blijft mooi en eindigt mooi.

En daar zit precies mijn probleem.

De temperatuur verandert nauwelijks.

Geen moment waarop Milosh zijn stem echt anders inzet, geen instrument dat plotseling de voorgrond opeist en geen climax waardoor alles wat daarvoor gebeurde ineens betekenis krijgt.

Het is alsof je drie minuten over een kaarsrechte weg rijdt in een prachtige auto.

Comfortabele stoel.

Prima temperatuur.

Geen verkeer.

Maar ook geen enkele bocht.

Na twee minuten weet ik eigenlijk wel hoe minuut drie gaat klinken.

En voor De Alternatieve Muziekman is dat gevaarlijk terrein.

De Alternatieve Muziekman zegt

Sometimes is smaakvol, verzorgd en technisch nauwelijks iets te verwijten.

Maar muziek hoeft van mij niet altijd netjes te zijn.

Ik wil soms dat een nummer mij wakker schudt, verrast of desnoods een beetje irriteert.

Rhye doet hier geen van drieën.

Het kabbelt.

Aangenaam, dat zeker.

Maar een kabbelend beekje is prachtig wanneer je er tijdens een wandeling vijf minuten naast loopt. Ik hoef er niet noodzakelijk meteen nog een rondje langs.

★★★☆☆ – 3/5

Cijfer: 6,7/10

Stem: ⭐⭐⭐⭐
Productie: ⭐⭐⭐⭐
Sfeer: ⭐⭐⭐⭐
Dynamiek: ⭐⭐½
Verrassing: ⭐⭐
Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐
INDIE TOP 20-potentie: ⭐⭐½

Sometimes? Voor mij vooral Sometimes I Like It, Sometimes I’m Slightly Bored. Vandaag helaas vooral dat laatste.

Ductape – Figures★★★★½ – 4,5/5



Ductape – Figures

New wave, darkwave, postpunk: drie woorden waarmee je mij muzikaal al behoorlijk snel naar binnen lokt

Nou, dit is gevaarlijk terrein.

Een donkere baslijn. Synthesizers. Een elektronische beat. Een zangeres die niet klinkt alsof ze dringend gezellig wil doen.

Hallo, De Alternatieve Muziekman.

Figures van Ductape is de opener van het nieuwe album Faded Flowers en duurt met 4:17 gelukkig langer dan de gemiddelde moderne single.

En vanaf het begin hangt er die heerlijke new-wavekilte overheen.

De bas is belangrijk. Niet als versiering ergens achter in de mix, maar als motor onder het nummer. Daarboven liggen ijle synthesizers en scherpe gitaarlijnen, terwijl de elektronische drums bijna mechanisch blijven doortikken.

Je kunt de jaren tachtig ruiken.

Maar gelukkig niet de schoudervullingen.

Wat mij vooral bevalt, is dat Ductape niet probeert om van new wave een nostalgische verkleedpartij te maken. Natuurlijk hoor ik echo's van oude postpunk en darkwave. In mijn hoofd wandelen The Cure, Siouxsie and the Banshees en vroege Depeche Mode ergens door dezelfde donkere straat.

Maar Figures klinkt niet alsof iemand in 2026 een oude synthesizer uit de kelder heeft gehaald en heeft geroepen: jongens, we doen 1982 nog eens over.

Het geluid is te strak en te dreigend daarvoor.

Çağla Güleray maakt daarbij het verschil.

Haar stem ligt koel boven de muziek, maar wordt nergens emotieloos. Dat contrast werkt uitstekend: de instrumenten lijken afstand te creëren, terwijl haar zang juist iets menselijks probeert vast te houden.

Ook tekstueel past dat. Figures draait om tijd, loslaten en het verlangen ergens aan te ontsnappen. Figuren kijken naar de hemel en de sterren en vragen zich af of ze daar kunnen komen.

Geen vrolijk onderwerp dus.

Gelukkig maar.

Van Ductape hoef ik voorlopig geen nummer over een zonnige barbecue met vrienden.

Muzikaal blijft het nummer bovendien mooi onder spanning. Er komt geen enorm refrein waarbij plotseling twintig extra instrumenten binnenvallen. Ductape kiest voor herhaling. Bas, beat, gitaar, synth en die donkere stem blijven om elkaar heen bewegen.

Daardoor ontstaat iets hypnotiserends.

En precies daar zit voor mij goede new wave.

Niet noodzakelijk in een grote melodische explosie, maar in een ritme waaruit je na twee minuten merkt dat je eigenlijk niet meer wilt ontsnappen.

Figures is bovendien een uitstekende albumopener. Faded Flowers draait breder om vervreemding, isolatie, opgelegde identiteiten en mensen die langzaam worden uitgeput door de systemen waarin ze leven.

Gezellig wordt het zondag dus niet.

Maar mooi donker wel.

De Alternatieve Muziekman zegt

Dit zit behoorlijk dicht bij mijn muzikale zwakke plek.

Een pompende bas, kille elektronica, postpunkgitaar, een prachtige donkere vrouwenstem en genoeg melancholie om de zomer definitief naar huis te sturen.

Figures probeert new wave niet opnieuw uit te vinden.

Hoeft ook niet.

Als je de ingrediënten zó goed doseert, wil ik gewoon nog een bord.

★★★★½ – 4,5/5

Cijfer: 9,1/10

Baslijn: ⭐⭐⭐⭐⭐
Stem: ⭐⭐⭐⭐⭐
New-wavefactor: ⭐⭐⭐⭐⭐
Donkerte: ⭐⭐⭐⭐⭐
Originaliteit: ⭐⭐⭐⭐
Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐½
INDIE TOP 20-potentie: ⭐⭐⭐⭐⭐

Ductape heet plakband. Figures plakt inderdaad behoorlijk. Alleen gelukkig niet aan je vingers, maar ergens achter in je hoofd.

https://youtu.be/XqGrBMZ6zcc?si=L9r7A6LJbpaNKNgS

zondag 20 september 2026

ALBUM RECENSIE Echo & The Bunnymen – Apples For Isaac★★★★ – 4/5




Echo & The Bunnymen – Apples For Isaac

46 jaar later. De donkere regenjas hangt nog aan de kapstok, maar tegenwoordig mag het gordijn ook een stukje open

★★★★ – 4/5

Je hebt bands die na 46 jaar nog steeds proberen te klinken alsof het 1980 is.

Gelukkig doet Echo & The Bunnymen dat niet.

Want wat zou daar eigenlijk het nut van zijn? Ian McCulloch en Will Sergeant zijn geen jonge mannen meer die in een donkere kelder in Liverpool de postpunk opnieuw moeten uitvinden. Ze hebben die kelder zelf ongeveer helpen bouwen.

En nu is er Apples For Isaac.

Hun eerste album met volledig nieuw materiaal in twaalf jaar. Ian McCulloch en Will Sergeant zijn nog altijd de twee oorspronkelijke Bunnymen in de huidige bezetting, terwijl de inmiddels overleden Blondie-drummer Clem Burke op tien van de elf nummers meespeelt.

Wat mij vooral opvalt?

Het licht.

Wie teruggaat naar de vroege Echo & The Bunnymen hoort donkere postpunk, new wave, galmende gitaren en muziek waarin zelfs de zon waarschijnlijk eerst toestemming aan Ian McCulloch moest vragen voordat hij mocht opkomen.

Op Apples For Isaac staat het raam verder open.

Maar gelukkig: niet té ver.

Neem Take Me By The Hand. De opener heeft een verrassend funky ritme, terwijl Will Sergeants gitaar onmiddellijk dat typische Bunnymen-landschap neerzet. Ik schreef bij de single al dat ik bijna niet kon geloven dat Echo & The Bunnymen ineens een soort discostamper hadden gemaakt.

En toch werkt het.

Brussels Is Haunted staat dichter bij het klassieke geluid: rinkelende gitaren, een stevige baslijn en die onmiskenbare stem van McCulloch.

Maar luister vervolgens naar The Honey en An Unstoppable Force. Dan hoor je hoe mooi de band tegenwoordig met ruimte en melodie omgaat. Vooral bij An Unstoppable Force zorgen strijkers voor een lichtere, bijna breekbare laag boven de melancholie.

Dat vind ik de interessantste ontwikkeling.

De darkwave en postpunk zitten nog steeds in het DNA, maar ze bepalen niet meer iedere seconde.

Er mag melodie binnen.

Er mag zelfs zonlicht binnen.

Maar nergens wordt het zo licht dat ik me afvraag of ik per ongeluk naar Coldplay op een terras in Marbella luister.

Dank u.

En dan Ian McCulloch.

Zijn stem is ouder geworden en juist daardoor interessanter. Minder glad, meer leven. Hij hoeft niet meer te klinken als de Ian van The Cutter of The Killing Moon. Die platen bestaan al.

Will Sergeant doet ondertussen iets vergelijkbaars met zijn gitaar. Nog steeds herkenbaar atmosferisch, soms dreigend, soms bijna glinsterend, maar nergens klinkt het alsof iemand een oude plaat uit 1984 probeert na te bouwen.

Lab Rats Ran gooit er zelfs een opvallende saxofoonsolo tegenaan, terwijl We Prayed In The Dark het album afsluit met gitaren, strijkers en opnieuw wat van die oude Bunnymen-duisternis.

En precies daar valt voor mij alles samen.

De Alternatieve Muziekman zegt

Na 46 jaar hoef je je verleden niet weg te gooien.

Je moet er alleen niet in gaan wonen.

Apples For Isaac begrijpt dat.

Dit is Echo & The Bunnymen in 2026: ouder, melodieuzer en lichter dan vroeger, maar nog steeds met genoeg schaduw in de hoeken.

Niet meer volledig dark.

Gelukkig ook nergens light.

Gewoon:

Bunnymen.

★★★★ – 4/5

Cijfer: 8,7/10

Ian McCulloch: ⭐⭐⭐⭐½
Will Sergeants gitaar: ⭐⭐⭐⭐⭐
Melodie: ⭐⭐⭐⭐½
Donkerte: ⭐⭐⭐⭐
Licht: ⭐⭐⭐⭐
Nostalgiefactor: ⭐⭐⭐⭐
Vernieuwing: ⭐⭐⭐⭐
Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐½

46 jaar geleden liepen Echo & The Bunnymen de duisternis in. Op Apples For Isaac hebben ze eindelijk een zaklamp meegenomen. Gelukkig zijn de batterijen niet sterk genoeg om alle schaduwen te laten verdwijnen.

https://youtu.be/KgKfKIBnNOw?si=q4wF4cYfcyNLaDgK

Valley – Don't You Forget About Me?★★★½☆ – 3,5/5




Valley – Don't You Forget About Me?

Nee, geen Simple Minds. Wel aardig. Maar eerlijk gezegd ook niet veel meer dan dat

Met zo'n titel vraag je natuurlijk om problemen.

Don't You Forget About Me?

Mijn muzikale geheugen heeft dan ongeveer een halve seconde nodig:

Simple Minds!

Ik verwacht bijna dat Jim Kerr ergens uit de coulissen komt lopen om te vragen wie er met zijn titel vandoor is.

Maar nee.

Dit is Valley.

En laat ik maar meteen duidelijk zijn: slecht is het absoluut niet. Don't You Forget About Me? is een aardig indiepopnummer. Lekker geproduceerd, een prettige melodie en een refrein dat gemakkelijk in het gehoor ligt.

Maar echt heel goed?

Nee, dat vind ik ook weer niet.

Het probleem zit voor mij vooral in de voorspelbaarheid. De drums tikken keurig door, de bas geeft het nummer voldoende beweging en de elektronische laagjes liggen allemaal netjes op hun plaats.

Misschien wel iets té netjes.

Ik wacht tijdens het luisteren steeds op dat ene moment waarop Valley buiten de lijntjes gaat kleuren. Een gitaar die ineens dwars door de productie snijdt. Een vreemde synthesizer. Een onverwachte tempowisseling. Een refrein dat ineens twee keer zo groot wordt.

Maar dat moment komt niet echt.

Ook de zang van Rob Laska is prettig. Hij hoeft gelukkig niet bij iedere zin te bewijzen dat er emotie in het nummer zit. Dat ingetogen zingen past prima bij Valley.

Alleen mis ik ook daar een beetje wrijving.

En dan het refrein.

Dat is zonder twijfel het sterkste gedeelte. De melodie opent zich, het nummer wordt iets groter en de titel blijft hangen.

Alleen is er een klein probleem.

Een nummer dat Don't You Forget About Me? heet, moet eigenlijk voorkomen dat ik het na tien minuten alweer bijna vergeten ben.

En juist daar gaat het mis.

Niet dramatisch.

Ik heb nergens de behoefte om het nummer af te zetten. Integendeel, als dit op de radio voorbij komt, laat ik het met plezier aanstaan.

Maar daarna?

Dan ga ik gewoon verder.

En misschien is dat wel het verschil tussen aardig en echt goed.

Een goed nummer wil ik onmiddellijk opnieuw horen. Bij een geweldig nummer zoek ik na afloop meteen de artiest op.

Bij Valley denk ik vooral:

ja, was best leuk.

Dat klinkt bijna vernietigender dan bedoeld, want muzikaal zit het allemaal prima in elkaar. Alleen heb ik na al die jaren luisteren inmiddels ook geleerd dat vakmanschap alleen niet genoeg is.

Ik wil iets voelen.

De Alternatieve Muziekman zegt

Don't You Forget About Me? is frisse, verzorgde indiepop met een aardig refrein en voldoende melodie om drie minuten prettig door te komen.

Maar Valley speelt wel erg veilig.

Geen grote fout.

Geen grote verrassing.

En helaas ook geen groot nummer.

★★★½☆ – 3,5/5

Cijfer: 7,4/10

Melodie: ⭐⭐⭐⭐
Refrein: ⭐⭐⭐⭐
Productie: ⭐⭐⭐⭐
Originaliteit: ⭐⭐⭐
Wrijving: ⭐⭐½
Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐½
Hitpotentie: ⭐⭐⭐½
INDIE TOP 20-potentie: ⭐⭐⭐

Don't You Forget About Me? Geen zorgen Valley, ik vergeet jullie niet. Maar zet voor de zekerheid volgende keer toch maar iets opvallenders in het refrein.

https://youtu.be/qYDnmXbTa50?si=5f2cYHGVX_qkjUCR

Modern Cult – Connection★★★★☆ – 4/5




Modern Cult – Connection

Nieuwe band, nieuw nummer en binnen een paar seconden denk ik: hé, dit is leuk

Een van de leukste dingen aan iedere dag nieuwe muziek luisteren?

Dat er ineens een band voorbij kan komen waarvan je gisteren nog nooit had gehoord.

Vandaag heet die band voor mij Modern Cult.

Connection is hun nieuwe single en verscheen afgelopen vrijdag. Modern Cult bestaat uit Augie Pink en Rod Wendt, een duo uit Florida. Hun platenmaatschappij omschrijft hun muziek als synthpop waarin opgewekte muziek wordt gecombineerd met meer persoonlijke en emotionele teksten.

Maar goed.

Platenmaatschappijen vinden natuurlijk iedere nieuwe band fantastisch.

Wat hoor ík?

Vooral een heerlijk fris nummer.

Connection heeft precies dat soort elektronische fundament waar ik gemakkelijk voor val. De synthesizers staan meteen vooraan, maar klinken niet overdreven zwaar of donker. Ze geven het nummer juist iets lichts en beweeglijks.

Daaronder ligt een strakke beat die voortdurend vooruit wil.

Geen ingewikkelde ritmische capriolen.

Gewoon:

tik, tik, tik — door.

En dat werkt.

De zang blijft relatief koel en ontspannen boven die elektronische onderlaag hangen. Juist dat contrast vind ik aantrekkelijk. De muziek wil bewegen, terwijl de vocalen nergens hysterisch proberen aandacht op te eisen.

Er zit duidelijk iets van de jaren tachtig in.

Niet op de goedkope manier waarbij iemand een synthesizer uit 1984 aanzet en vervolgens denkt dat het werk gedaan is. Modern Cult gebruikt die invloed vooral in de combinatie van melodie, ritme en elektronica.

Ik hoor een beetje new wave, een beetje synthpop en hier en daar zelfs iets van de lichtere kant van postpunk.

En belangrijker:

ik hoor een melodie.

Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar bij nieuwe synthpop wordt sfeer nog weleens aangezien voor een liedje. Zet voldoende galm op een synthesizer, laat iemand drie minuten ernstig naar zijn schoenen kijken en klaar: alternatieve muziek.

Nee.

Ik wil uiteindelijk ook iets onthouden.

En Connection heeft dat.

Het refrein blijft hangen zonder zich na één luisterbeurt met secondelijm aan je hersenen vast te plakken. De bas en beat houden het nummer in beweging en de synths zorgen voor voldoende kleur.

Is dit meteen wereldschokkend?

Nee.

Modern Cult vindt hier de synthpop ook niet opnieuw uit.

Maar bij een nieuwe band zoek ik eigenlijk iets anders: wil ik na dit nummer weten wat ze hierna gaan doen?

Het antwoord is simpel.

Ja.

Modern Cult bracht eerder dit jaar ook Be My FriendTell Me en Work It Out uit; Connection is dus onderdeel van een behoorlijk gestage stroom nieuwe muziek.

Daar ga ik toch maar eens verder in graven.

De Alternatieve Muziekman zegt

Connection is precies waarom ik nieuwe muziek blijf zoeken.

Niet iedere ontdekking hoeft onmiddellijk een 10 te zijn. Soms is het al heerlijk wanneer je na drie minuten denkt:

Wie zijn dit eigenlijk?

Frisse synthpop, een lekker ritme, genoeg jaren-tachtiggevoel en vooral een melodie die uitnodigt tot nog een draaibeurt.

Modern Cult?

Nog iets te vroeg voor de cultstatus.

Maar leuk zijn ze al wel.

★★★★☆ – 4/5

Cijfer: 8,4/10

Synths: ⭐⭐⭐⭐½
Melodie: ⭐⭐⭐⭐
Jaren 80-factor: ⭐⭐⭐⭐½
Groove: ⭐⭐⭐⭐
Eigen smoel: ⭐⭐⭐½
Herluisterwaarde: ⭐⭐⭐⭐½
INDIE TOP 20-potentie: ⭐⭐⭐⭐

Connection heet het nummer. Die verbinding is in ieder geval gelegd. Nu maar eens kijken of Modern Cult de lijn open weet te houden.

https://youtu.be/xz2EjgoH5s8?si=OwSiqys_mzfZ4Wou